Waar veel bureaus worstelen met certificaten, rekenmodellen en normeringen, zijn er ook die op een andere manier werken aan duurzaamheid. Zij experimenteren met nieuwe materialen, ontwikkelen samenwerkingen in lokale netwerken, en hebben ondanks hun beperkte middelen toch impact.
Hoe ziet deze architectuurpraktijk eruit? En wat kan het vakgebied ervan leren? Tijdens de avond in Pakhuis de Zwijger onderzoeken we welke systeembelemmeringen een bredere toepassing van deze low tech werkwijze in de weg staan.
De sprekers
We openen de avond met drie sprekers die hun ervaring delen over bouwen met aarde. Christina Eickmeier, architect en medeoprichter van CHRITH architects, geeft een introductie op leem in alle vormen. Van stampleem tot leemstenen en leemstuk.
Het tweede deel van de avond staat in het teken van drie uiteenlopende visies op duurzaam bouwen zonder labels. Wille Vogel, architect en oprichter van Studio Inscape, licht haar radicaal ecologische denkwijze toe. Een visie waarmee ze samen met bureauparter Eileen Stornebrink dit jaar de Jonge Maaskantprijs won.
Laura van Santen, architect en medeoprichter van la-di-da, presenteert vervolgens het ontwerp van de Fashion Farm, die ze in het Overijsselse Welsum ontwierp voor modeontwerper Joline Jolink.
Jan Nauta, architect en oprichter van Studio Nauta, vertelt over de Noordentree van station Zwolle. Zijn bureau ontwierp een houten volume, gedragen door vier grote kolommen van stampleem.
Daniël Venneman, architect en oprichter van Woonpioniers, kijkt vooral praktisch naar de duurzame bouwopgave. Vanuit zijn overtuiging dat ecologisch wonen voor iedereen toegankelijk moet zijn.
De avond wordt afgesloten met een reflectie op het vak door Floor Arons, architect en oprichter van Arons en Gelauff. Zijn bureau werkt al ruim 30 jaar aan woon- en mixed-use-gebouwen op stedelijke verdichtingslocaties. Onlangs ontwierp het bureau in Muiderberg zijn eerste schoolgebouw. Dat leverde interessante lessen op, die Arons graag breder wil toepassen.












