Meer draagvlak vraagt om meer saamhorigheid
Tuinhuis in de Rozentuin door Studio Inscape tijdens Rotterdam Architectuur Maand. Beeld Aad Hoogendoorn

Meer draagvlak vraagt om meer saamhorigheid

Hoe kan het toch dat de culturele waarde van architectuur op dit moment niet genoeg wordt gewaardeerd? Deze vraag stelde Charlotte Thomas aan Barbara Luns, directeur van Architectuur Instituut Rotterdam. Ze had een verrassend antwoord: het publieke gesprek over architectuur is verstomd en daarmee het draagvlak.

Een van de oorzaken is volgens Luns dat er vanuit ons vakgebied ‘vaak met dedain wordt gekeken naar het programmeren voor een breed publiek.’ Ze vervolgt: ‘Als vakgemeenschap kijken we graag met elkaar naar ingewikkelde schema’s en flashy renderings, het liefst gelardeerd met een onleesbare tekst.’

Tegelijkertijd mist die vakwereld al jaren een podium. Een groep architecten vindt dat hier meer aandacht voor zou moeten zijn in de programmering van het Nieuwe Instituut. Een ervan is Art Kallen: ‘Het is – zeker als jonge architect – heel lastig om je in het huidige politieke debat te laten horen. Daar hebben we het Nieuwe Instituut voor nodig.’

De kritiek op het Nieuwe Instituut is niet nieuw en volgens directeur Aric Chen onterecht. In een reactie stelt hij dat het vakgebied ‘onvoldoende op de hoogte lijkt te zijn van wat het Nieuwe Instituut doet, óók op de nationale schaal’. Daarnaast kreeg hij de baan vanwege zijn enorme ervaring in het internationale kunst- en cultuurdiscours. En daar boekt hij voor het Nieuwe Instituut ook successen.

Floortje Keijzer schreef een evenwichtig stuk en paste hoor en wederhoor toe. Van de ‘groep’ architecten had ze er meerdere gesproken. Toch blijkt een aantal niet gelukkig met haar artikel, want ze denken er net anders over. Hoofdschuddend vraag ik me af wat het voor de vakgemeenschap betekent iets samen te doen. Als puntje bij paaltje komt, heeft de groep het nakijken als het individuele belang in het gedrang komt?

Voor meer draagvlak voor de culturele waarde van architectuur is misschien eerst meer solidariteit binnen de vakgemeenschap zelf nodig?

Fijn weekend!

Groet, Merel

Merel Pit

Merel Pit

Hoofdredacteur de Architect

Merel Pit (1981) is sinds januari 2021 hoofdredacteur van de Architect. Daarmee is ze terug op haar ‘oude nest’ waar ze in 2008 als vakredacteur haar carrière in de architectuurjournalistiek begon. Heb je input voor sterke verhalen? Mail haar op merelpit@vmnmedia.nl.

Beeld Merel Pit

Een zomer vol met vakantietips, hoopvolle zomergesprekken en 'Overwerk'

Dat Bruno Vermeersch en ik met onze gezinnen in Rijswijk zijn beland, lijkt op het eerste gezicht stom toeval. Maar dat is het niet. Werk staat in onze beide levens zo centraal dat we onze kinderen op deze plek wortel hebben laten schieten puur omdat we vanuit hier zo de snelweg op zijn, naar Amsterdam of Rotterdam. Of op de fiets naar Den Haag. Waar werk is, zijn wij.

Vlnr boven: Vincent van der Klei en Cécilia Gross. Onder: Do Janne Vermeulen en Marcel Barzilay

Videokanaal vol met ARC Talks

De redactie van de Architect heeft iets nieuws bedacht: ARC Talks, korte video's van inspirerende presentaties over architectuur. We hebben er al tien verzameld op ons YouTubekanaal. Bijvoorbeeld van Vincent van der Klei (Studioninedots) over wat voor hem goed wonen is, van Jan Jongert (Superuse) over nieuwe contractvormen voor architecten die circulaire ontwerpen maken of van Hade Steenwinkel (Fiction Factory) over afvalreductie in de bouw.

Vier must-reads en een must-listen

Vier must-reads en een must-listen

Deze week kon ik maar moeilijk uit alle artikelen van de redactie de must-reads kiezen. Daarom een heel lijstje.

Beeld Shutterstock

Waarom organiseren architecten zich niet?

Twee jaar geleden schreef ik het artikel 'Hoe leuk is het om te werken bij een architectenbureau?' Niet zo leuk, was de strekking. Daar kreeg ik veel reacties op. Zoveel dat ik samen met Thijs van Spaandonk een podcastreeks maakte over de werkcultuur bij architectenbureaus. We kwamen tot de conclusie dat er wel degelijk een keuze is in hoe de werkomgeving in te richten, voor zowel de werkgever als de werknemer.