Door de namen van de personen die in de teams voorop te stellen, in plaats van de bureaus waar ze werken, geeft Gemeente Amsterdam een duidelijk signaal af. Bij een museum over het Nederlandse slavernijverleden gaat het immers niet alleen om architectonische kwaliteit, maar ook om representatie en geloofwaardigheid. Wie mag het verhaal vertellen?
Deze vraag maakt dat deze prijsvraag zich onderscheidt van andere culturele opdrachten. Niemand zal de architect die straks wordt gekozen persoonlijk verantwoordelijk houden voor de geschiedenis die het Slavernijmuseum behandelt. Tegelijkertijd is het onmogelijk om volledig los te komen van vragen over afkomst, perspectief en positie. De ontwerper wordt – tegen wil en dank - mede een publiek gezicht van het project. Gemeente Amsterdam is daarmee ook op zoek naar een boegbeeld.
De samenstelling van de geselecteerde teams laat zien dat Amsterdam daar bewust rekening mee houdt. Niet alleen ontwerpkwaliteit telt, ook de verbinding met gemeenschappen voor wie het slavernijverleden geen abstract historisch onderwerp is, maar een geschiedenis die nog altijd doorwerkt in het heden. Dat betekent onvermijdelijk dat sommige ontwerpers meer voor de hand liggen als boegbeeld dan andere.
Wie uiteindelijk het museum ontwerpt, zal daarom niet alleen worden beoordeeld op de architectuur, maar ook op de legitimiteit waarmee hij of zij deze beladen opdracht vertegenwoordigt.
Ik wens alle teams veel succes in de volgende ronde!
Groet, Merel
PS. Je hebt nog 1 week om in te zenden voor de ARC27 Awards!









