Het modernistische stadhuis van Gustave Bailyu en François Langeraert uit de vroege jaren dertig is ervoor gesloopt. En woningen in de buurt kregen door de bouw te maken met scheuren, verzakkingen en waterschade.
Een eyecatcher is het gebouw in ieder geval wel. De toren wordt omringd door bakstenen rijwoningen van drie tot vier verdiepingen hoog. ‘Dit is geen gebouw dat zich langzaam laat ontdekken – het dringt zich op’, zegt Thomas erover.
Hoe anders is dat bij Merry Go Round in Drenthe, ontworpen door Ira Koers. Het vakantiehuisje speelt de hoofdrol in de nieuwste column van Gus Tielens. Zoals Thomas en haar ouders niet om Hoost heen konden in Knokke-Heist, vroeg iemand in Tielens’ reisgezelschap toen ze aankwamen: ‘Waar is ons huisje?’ Merry Go Round verstopte zich in het landschap achter gesloten luiken. Toen die luiken eenmaal open waren, kwam een compacte glazen kubus tevoorschijn.
Tielens noemt Merry Go Round een ‘prachtig voorbeeld van hoe je kan wonen op beperkt oppervlak’. Er zijn geen kamers – behalve een badkamer – maar plekken: slaapplekken, een kookplek, een eetplek en een hangplek. De gang loopt rondom al die slim ingerichte plekken.
Hoewel klein wonen een hot topic is in de architectuur, komt het volgens Tielens lastig uit de verf. Daarom raadt ze alle architecten aan: overnacht een keer in Merry Go Round en ervaar hoe je kan wonen met een kleine voetafdruk.








