De centrale ingreep is een nieuwe mezzaninevloer rondom een vide, die alle ruimten ruimtelijk of visueel met elkaar verbindt. Hierdoor zijn de historische ramen en gietijzeren kolommen vanuit de hele woning zichtbaar. De benedenverdieping heeft een open plattegrond met entree, woonruimte en keuken; de tussenverdieping herbergt de slaapkamers, bereikbaar via een brede overloop die onderdeel is van de vide.
De tussenverdieping is voorzien van verdiepingshoge schuifdeuren en grote binnenramen, die zowel lange zichtlijnen als afsluitbare slaapkamers mogelijk maken. Ter plaatse van de ramen zijn daglichtopeningen aangebracht met maatwerk glaselementen. Een nieuwe trap verwijst naar de historische spiltrap en maakt deel uit van een serie interieurobjecten, elk uitgevoerd in een eigen kleur en materiaal.
Het resultaat is een gelaagd interieur waarin historische elementen samengaan met eigentijdse toevoegingen. De openheid van de voormalige kloosterzaal bleef behouden, terwijl het appartement voldoet aan hedendaagse functionele en duurzame eisen. Het project werd opgeleverd in 2026.






















