Stoelontwerp - Wibble
Wibble is een 100% cradle to cradle zitelement wat uitdaagt om te spelen. Het geeft een actieve zit en is uit te voeren met diverse prints en kleuren.

Wibble is een 100% cradle to cradle zitelement wat uitdaagt om te spelen. Het geeft een actieve zit en is uit te voeren met diverse prints en kleuren.

Bij de Frog chair staat de vorm voorop. Het onderstel bestaat uit twee gelijke delen, zitting en rug ook, slechts de invulling verschilt. Iedere stap in de assemblage maakt de stoel sterker: eerst wordt het onderstel op één punt aan elkaar gelast, dan de zitting op twee en de rug op drie punten. Hierdoor ontstaat een opvallend, stabiel en oersterk stoeltje.

De L6 Chair, Een stoel met uiterst slanke dimensies. Door de simpele opbouw uit L-vormige delen, is het mogelijk een stoel te produceren van geen twee kilo! Waar probleemloos door twee volwassenen op gewipt kan worden (op de twee achterpoten leunen).

Een statische houding, maar soepel in gebruik was het uitgangspunt voor de buigstoel. Door het materiaal te bewerken veranderde de eigenschappen van het stijve multiplex in een flexibel materiaal.

Bij het ontwerpen van een woongebouw lijkt het de mode elke afzonderlijke woning zoveel mogelijk een eigen gezicht te geven. De Nijl Architecten heeft echter voor een benadering gekozen die is te beschouwen als een voortzetting van de modernistische architectuur. De Wijert, een herstructureringswijk in Groningen, hebben ze verrijkt met een stoer woongebouw. De identiteit van de individuele woning heeft daarbij niet de eerste prioriteit.

De beschermde status van monumenten zorgt bij herbestemming vaak voor ingrepen die niet in overeenstemming zijn met de eisen die hedendaagse gebruikers stellen. In hun ontwerp voor de Raad van State is Merkx+Girod zowel voorzichtig als pragmatisch omgegaan met de panden die moesten worden samengevoegd tot een geheel. Door alle latere aanbouwsels langs een rechte lijn weg te snijden, is ruimte ontstaan voor een nieuwbouw die de verschillen tussen de historische panden in één gebaar weet te overbruggen.

Goed nieuws voor bouwers en ontwerpers: de consument van de toekomst wil producten graag live zien en voelen voordat hij ze aanschaft. De fysieke winkel blijft dus belangrijk. Wel wordt het zaak om te zorgen dat fysiek en online goed op elkaar aansluiten.

Aan de Jan van Galenlaan in het Amsterdamse Osdorp realiseerde DaF-architecten op een herstructureringslocatie een sportcentrum dat voldoet aan de sporttechnische eisen van NOC*NSF en dat is bedoeld voor de leerlingen van nabijgelegen scholen, leden van verenigingen en buurtbewoners.

Door vele verbouwingen was het interieur van het stadhuis van Menen dichtgeslibd en kon het zijn functie slecht vervullen. De fijngevoelige ingreep van noA architecten celebreert de historisch gegroeide complexiteit, terwijl ze tegelijkertijd de verschillende onderdelen samensmeedt tot een geheel. Ondanks het feit dat ze compromisloos modern is, weet het ontwerp aansluiting te vinden bij het historische weefsel van stad en gebouw.

Veel oudere huizen voldoen niet meer aan de hedendaagse ruimtelijke eisen. Door beperkte ruimte rond het huis of beschermende regelgeving is ondergronds bouwen steeds vaker de enige mogelijkheid voor uitbreiding. Ook de bewoners van een oude villa kozen ervoor de gewenste extra slaap- en badkamer onder het bestaande terras te laten realiseren. De opgave voor de architect was een interieur te maken dat dezelfde ervaring oproept als een chique hotelsuite.

Amsterdam naarstig op zoek naar geschikte woningbouwlocaties binnen haar grenzen. De laatste open vlekken liggen vaak ongunstig ten opzichte van infrastructuur of bedrijventerreinen. Om aan de milieueisen te voldoen, vraagt het bouwen op deze plekken dan ook om bijzonder ingenieuze oplossingen. hvdn architecten heeft een woonblok gemaakt dat grenst aan een rangeerterrein. De oplossing voor geluidsoverlast geeft het gebouw een eigen tactiliteit en vergroot de kwaliteit van de woningen.

Nu de boodschap van Al Gore op grote schaal in Nederland is doorgedrongen, lijkt de innovatiekracht van de bouwwereld eindelijk ontloken. De Rijksgebouwendienst streeft al langer naar duurzaamheid, CO₂-reductie en energiezuinigheid in haar gebouwvoorraad. Ook architectenbureau cepezed heeft het streven naar duurzaamheid hoog in zijn vaandel. Een integrale benadering van de opgave heeft geleid tot een samenhangend klimaatconcept en verschillende innovaties.

Met het aanstellen van scouts die ontwerpers voordragen voor de Rotterdam Designprijs, heeft de organisatie sinds 2011 een goede insteek gevonden om de volle breedte van het ontwerpvak voor het voetlicht te brengen. De tentoongestelde ontwerpen zijn divers: van de eerste vliegende auto tot een app die het horen van stemmen in goede banen leidt.

Toen april 2007 Het Nederlands Fotomuseum verhuisde naar een ambitieuze locatie, ontwierp WAACS een interieur dat een onuitwisbare indruk bij de bezoeker achterlaat. Hiertoe koos ze voor materialen en kleuren die contrasteren met het sobere exterieur.

In het stadscentrum van Gent verbouwde het Brusselse bureau Office een oude school tot woning. Rond de binnentuin ontwierpen ze een gedeelte dat ze het patio-huis noemen. Deze ruimte leunt tegen de bestaande woning aan en functioneert volgens een geheel eigen logica. Het patio-huis is voor de architecten een oefening tussen het beheersen van de ruimte door middel van architectuur, en het loslaten door de oncontroleerbare incidenten van het leven toe te laten.

De hof is een variant van het beschermd wonen. De besloten ligging aan een gemeenschappelijke tuin en achter een afsluitbare poort biedt niet alleen fysieke veiligheid maar ook een sociaal vangnet. De Johannes Enschedé Hof in Haarlem, ontworpen door Henk Döll in samenwerking met Joost Swarte, laat zien dat de eeuwenoude typologie - met enige aanpassingen - nog steeds levensvatbaar is.

Jonkman Klinkhamer heeft in Amsterdam de uitbreiding van zowel de Stadsschouwburg als de Melkweg ontworpen. Al jaren zocht Toneelgroep Amsterdam naar een goede oplossing voor een vlakke vloerzaal, die ook wel de 'black box' wordt genoemd. Het terrein van de bestaande Stadsschouwburg bood onvoldoende ruimte.

Elk jaar worden zo'n tweehonderd windmolenwieken afgedankt, in stukken gezaagd en verbrand. 2012Architecten heeft vijf wieken voor dit onfortuinlijke einde behoed door ze te transformeren in speeltoestellen. Dit heeft geleid tot een originele speeltuin met een spannende binnenwereld, die navolging verdient.

Aan de rand van een voor Europa uniek natuurgebied biedt natuurbelevingcentrum De Oostvaarders een weidse blik op steeds ongerepter wordende, door mensen aangelegde natuur. De zwarte houten sculptuur van Drost en van Veen architecten laat met een overstek van acht meter in kruislings verlijmd hout de grenzen zien van de Nederlandse bouwervaring op dit gebied. Zowel kinderen als architecten kunnen er iets leren.

De Parijzenaar Éduard François ontwerpt gebouwen die vanuit de beleving van gebruikers, onorthodoxe en duurzame architectuur opleveren. Het 'immeuble qui pousse' oftewel het woongebouw dat groeit, werd door de regering in 2000 naar voren geschoven in een campagne over architectuur die bijdraagt aan de kwaliteit van het leven. Ook Eden Bio, een woonblok in het levendige twintigste arrondissement, is door de autoriteiten in Parijs als voorbeeldproject omarmd. In het woonblok is het letterlijk groen maken van de architectuur niet het doel, maar een middel om de identiteit van de buurt te versterken.