blog

Blog – God is in the details

Architectuur

Blog – God is in the details
Bibliothèque Nationale de France in Parijs door Henri Labrouste

Door Juliette Bekkering – “God is in the details,” zei Mies van der Rohe. Hij maakte simpele, pure details met verchroomde plus-vormige kolommen die naadloos aansloten op de natuurstenen platen met hun verfijnde patronen. Of fraaie palissander houtfineer binnenwanden die joyeus de ruimte verdeelden.

Decennia later verzuchtte Rem Koolhaas: “No money, no details.” Hij jongleerde destijds met de ongelooflijke lage budgetten voor belangrijke publieke gebouwen in Nederland. En hij paste chipwood toe in plaats van palissander en travertin. Koud geplaatst op gevlinderd beton. En bont geschilderde gipsplaat in plaats van wanden voorzien van fraaie fineren. Zo stelde hij de bekrompen budgetten aan de kaak.

Wegwerparchitectuur

Ondertussen is het in Nederland gemeengoed om te steggelen over de budgetten van nagenoeg elk publiek gebouw. En steevast zijn de investeringskosten te laag ingecalculeerd. Wie heeft er niet gehoord dat “een laag budget juist een uitdaging is!” Hoewel iedereen weet dat het budget niet realistisch is, starten de projecten dus al op een achterstand. Voorspiegelen dat het goedkoop kan, verkoopt politiek beter.

Natuurlijk is het voor de architect vervelend dat zijn/haar gebouw met de kaasschaaf wordt afgepeld tot er alleen een korst over is. Maar uiteindelijk zit de gemeenschap met een goedkoop project opgescheept. Dat geeft te denken over de houdbaarheid op termijn. Het is eerder een investering in wegwerparchitectuur. De architectuur die het van z’n hoofdvorm moet hebben, maar waar op de kwaliteit van materialisaties en details is beknibbeld. “No money, no details.”

Sober en doelmatig

Hoe kan het dat we in Nederland permanent de discussie voeren dat onze publieke gebouwen ‘sober en doelmatig’ – een synoniem voor ‘low budget’ – moeten zijn, omdat er anders geld verkwist wordt?

Hoe kan het dat burgers het signaal ‘sober en doelmatig’ niet vertalen als een belediging? Het lijkt wel alsof we te maken hebben met een overheid die niet wil investeren in de lange termijn. Jaren hebben we geïnvesteerd in scholen, brandweerkazernes, bibliotheken en andere gebouwen voor bodemprijzen: heel veel ‘sober en doelmatig’. Nu lopen we het risico dat we wegwerparchitectuur hebben gerealiseerd, die snel over haar houdbaarheidsdatum heen is. Dan geldt het adagium: ‘goedkoop is duurkoop.’

Barcelona-paviljoen door Mies van der Rohe. Beeld Shutterstock

Barcelona-paviljoen door Mies van der Rohe. Beeld Shutterstock

Daarom is het juist dat ik worstel met dat imago van het ‘verkwisten’. Hoe kan het dat investeringen in publieke gebouwen en publieke ruimten, de dragers van ons publiek domein, beschouwd worden als verkwisting?

Moet er niet een signaal komen dat we juist investeren in het publiek domein? In gebouwen met een vakkundige detaillering, een materialisatie van hoge kwaliteit: geen spac, linoleum of metal-stud. Geen leidingen in het zicht die zwart geverfd zijn om te verhullen dat er geen budget was voor een fatsoenlijk verlaagd vast plafond. Maar natuursteen, steen en solide materialen. In gebouwen waar iedereen naar binnen kan lopen, kan verpozen, mensen kan ontmoeten, kan werken en kan genieten van de ruimte. Zonder te betalen of lid te zijn. Gewoon voor iedereen, omdat dat de essentie is van publieke gebouwen.

Notre Dame

En toen brandde de Notre Dame af. De wereld had maar enkele uren nodig om te beseffen dat architectuur belangrijk is. En Macron haastte zich om te melden dat alles identiek herbouwd gaat worden. Hiermee implicerend dat er kosten noch moeite bespaard worden om elk detail in oude glorie te herstellen. Binnen enkele uren was het eerste miljard op de bankrekening voor de herbouw bijgeschreven.

Toont de brand in de Notre Dame niet aan dat al het geld, al die arbeid, alle wellicht overdaad in ornament en detail het dubbel en dwars waard was? Juist daarmee heeft het gebouw zich onmisbaar gemaakt. Het is een publiek gebouw geworden dat in ons collectief geheugen staat gegrift. Het is een onlosmakelijk onderdeel van de stad Parijs en haar bewoners.

Publieke gebouwen zijn belangrijke plekken die als motor kunnen dienen voor gemeenschappelijkheid, saamhorigheid en tolerantie. Met ruimere budgetten kan de overheid aantonen dat zij investeert in de ruimtelijke kwaliteit van de samenleving. Zodat de publieke gebouwen van nu er over honderd jaar nog staan en gewaardeerd worden. Daar hoort een vakkundige detaillering en een materialisatie van hoge kwaliteit bij. Want in een seculiere samenleving, waar “God is in the details” niet meer algemeen geldt, moet de overheid investeren in dat detail.

Lees verder

 

 

Reageer op dit artikel