artikel

Veiligheid begint bij het ontwerp

Architectuur

Veiligheid begint bij het ontwerp
Foto Ruben Meijerink / APA FOTO.

Een veilig gebouw ontstaat al in de ontwerpfase. In een vroeg stadium nadenken over integrale veiligheid betekent dat er achteraf minder beveiliging hoeft te worden toegevoegd. Architecten doen er goed aan om al vroeg in het ontwerptraject met een integrale veiligheidsspecialist te overleggen.

Die aanbeveling werd gedaan tijden het symposium ‘Security & Safety by design’, dat op 12 december plaatsvond in het stadskantoor van Utrecht. De bijeenkomst was een initiatief van advies- en consultancybureau Meelis & Partners, onderdeel van de Oosterhoff Group, ter gelegenheid van het 25-jarig jubileum van het bedrijf.

De gekozen locatie is een geslaagd voorbeeld van wat integraal veiligheidsdenken tijdens de ontwerpfase oplevert, aldus de organiserende partij. Meelis & Partners was zelf betrokken bij het veiligheidsontwerp van het Utrechtse stadskantoor. Het gebouw ligt pal naast het drukste station van Nederland, het is een publiek toegankelijk gebouw en toch zie je als bezoeker bij de entree nergens opvallende beveiligingsmaatregelen. Geen hekken en poortjes, geen beveiligingspersoneel, maar juist open deuren en gastheren en gastvrouwen.

Het draait hierom: Is iets veilig of is het beveiligd?

Micha Meelis: ‘Het is open, transparant én veilig. Het stadskantoor is nu vijf jaar in gebruik en er zijn weinig incidenten geweest.’ Veiligheid aan de voorkant, ontwerp van zonering en zichtlijnen en organisatorisch regelen, voorkomt dat je na oplevering zwaarder geschut als hekken, zichtbare camera’s, met beton gevulde bloembakken en bewakers toe moet voegen. Waar het om draait, volgens Micha Meelis: “Is iets veilig of is het beveiligd?”

Gastvrij karakter

Een goed ontworpen omgeving stimuleert gewenst gedrag

Evert Jan Bronda was zelfstandig projectmanager bij de totstandkoming van het Utrechtse stadskantoor. De ontwerpfase is cruciaal om een gebouw als dit zo’n duidelijk gastvrij karakter te geven, betoogde hij. Dat komt door de gekozen materialen (veel glas) en kleuren (licht), maar vooral ook door het slimme ontwerp. De scheiding tussen voor bezoekers openbaar en gesloten gebied, is bijvoorbeeld geregeld via de doordachte plaatsing van een vergaderverdieping. Ontworpen veiligheid valt vaak niet op. Zo hebben de spreekkamers van alle publieksdiensten in dit stadskantoor een tafel, waarbij de ambtenaar altijd aan de deurkant zit. “Als er iets gebeurt, zijn zij als eerste weg.” Als bezoeker zie je bij de entree in een flits dat je wordt gefilmd, maar verder zijn nergens in het gebouw opzichtige camera’s aanwezig. Dat je mérkt dat je wordt gezien, werkt al preventief, aldus Bronda.

Een goed ontworpen omgeving stimuleert gewenst gedrag, benadrukte Bronda, of het nu om een cellencomplex of een stadskantoor gaat. Denk als ontwerper aan de eindgebruiker en houd rekening met de zintuigen: kies voor daglicht, prettige materialen en kleuren. Denk aan zichtlijnen en wayfinding. “Veiligheid hoort in het eerste hoofdstuk van een Programma van Eisen thuis”, betoogde hij. ‘Safety by design, security by exception.’

Ontwerpen vanuit vertrouwen

Ook architect Vincent Panhuysen (KAAN architecten) liet aan de hand van veel beeldmateriaal zien dat wat hem betreft, veiligheid en betrouwbaarheid het fundament vormen van elk ontwerp. Ontwerpen vanuit vertrouwen levert ruimtelijke kwaliteit op, ontwerpen uit angst niet, betoogde hij. Het onderwijscentrum Erasmus MC in Rotterdam kreeg op advies van de architecten geen hufterproof-inrichting, maar witte leren banken en een interieur met veel notenhout: “Na negen jaar is het nog steeds spic en span. Je maakt een omgeving waar mensen trots op zijn. Dat zorgt voor respect.”

KAAN architecten ontwierp onder meer het Nederlands Forensisch Instituut in Rijswijk: “Eén van de zwaarst beveiligde gebouwen van Nederland”. Dat zie je er niet aan af: het gebouw is door de plaatsing op een talud en glazen gevels een toonbeeld van transparantie. Transparant en zwaar beveiligd zijn geen oxymoron, aldus Panhuysen. Als je maar in een vroeg stadium nadenkt over het ontwerp en de organisatie. De laboratoria van het NFI vormen de buitenste schil van het gebouw: “Daar mogen de ramen toch niet open en zo laat je wél zien wat je core business is.” De kantoren bevinden zich in het hart van het gebouw rondom een aantal binnenhoven, waar de ramen dus wél veilig open kunnen. Panhuysen: “Dit ontwerp is het resultaat van een beveiligingsplan.”

Veiligheid en betrouwbaarheid vormen het fundament van elk ontwerp

Bij het ontwerp van een bezoekerscentrum voor de Amerikaanse militaire begraafplaats in Margraten was in het eerste ontwerpstadium geen beveiligingsadviseur aan boord. Pas later bleek dat het gebouw ‘bomproof’ moest worden. Dat zou grote consequenties hebben voor de transparantie van het ontwerp en de kerngedachte daarachter: contact met het omliggende landschap. Het ontwerp bleef uiteindelijk overeind, tot vreugde van de architecten. “Maar nu wordt de beveiliging straks geregeld door mensen, niet door het gebouw.”

Security by design

Bij twee andere ontwerpen van KAAN architecten verliep dat proces wel goed. Zowel de nieuwe behuizing van de Hoge Raad (Den Haag) als de toekomstige nieuwe rechtbank in Amsterdam-Zuid zijn voorbeelden van ‘security by design.’

In Amsterdam wordt een plein een uitnodigende publieke ruimte, die tegelijkertijd voor veiligheid zal zorgen. Het plein komt 90 centimeter boven maaiveld en maakt daardoor een ramkraak met een voertuig onmogelijk. In de zittingzalen zorgen omvang en plaatsing van het meubilair onopvallend voor extra beveiliging van de rechters. Hoge veiligheidseisen zoals braak-, explosie- en kogelwering zijn mogelijk zonder dat een ontwerp lomp wordt, betoogde Panhuysen. “Er kan, zonder dat je het ziet, heel veel powerplay aan veiligheidsvoorzieningen in een gebouw worden gestopt.” Zowel bij de Hoge Raad als bij het ontwerp voor de rechtbank ontstaat veiligheid door de organisatie van het gebouw: gescheiden routes voor de verschillende gebruikers en de meest beveiligde zones bevinden zich in het hart van het gebouw, of ondergronds.

Gebruik vraagt beheer vanuit eigenaarschap en verantwoordelijkheidsgevoel

Als derde spreker was Hafida Leri uitgenodigd. Zij is de drijvende kracht achter de stichting 2Gather, die actief is in de Haagse Schilderswijk. Door community-vorming, door buurtbewoners ‘eigenaarschap’ te geven in hun woonomgeving, een vorm van social engineering, heb je zelfs in een heel laat stadium nog invloed op de veiligheid van een omgeving, maakte zij overtuigend duidelijk.

Dat laat onverlet dat ontwerpers intrinsieke veiligheid nadrukkelijker als vertrekpunt, doel en resultaat van een ontwerp kunnen en moeten laten gelden. Vanuit de gebruiker is veiligheid een belangrijk aspect van duurzaamheid. Eigenaarschap zorgt voor beheer en moet al in de ontwerpfase worden geadresseerd.

Veiligheid als doel van het gebouw moet leiden tot een intrinsiek veilig gebouw en een veilige omgeving. Het omvat veilig zijn en veilig voelen. We hebben geen behoefte aan beveiliging, maar aan veiligheid.
Voor het bereiken van intrinsieke veiligheid is de volgorde van de aanpak essentieel. Eerst veiligheid ontwerpen daarna alleen de restrisico’s bestrijden. Veiligheid is een thema in alle fasen: projectidee, ontwerp, inrichting en beheer. Met andere woorden: vanuit veiligheid ontwerpen – omdat het meer is dan het integreren van beveiligingsmaatregelen. Veiligheid moet onderdeel zijn van de opdracht, het ontwerp en het beheer.

 

Dit artikel is tot stand gekomen in samenwerking met Meelis & Partners.

Reageer op dit artikel