Eric Sasse, Antwerpen (B) - Bulk Architecten

De proto-modernistische wooncomplexen langs de Sint-Bernardsesteenweg in Hoboken getuigen van een uniek stuk wooncultuur in Antwerpen. Het gebouw Eric Sasse door architect Edward Craye, opgetrokken in 1952, is een beetje een nakomertje. Het maakt deel uit van het stadsensemble, maar is tegelijk een soort toevoeging, die moet onderdoen voor de originelen uit het interbellum. Het gebouw is aan vervanging toe en Woonhaven vraagt om een complex met stedenbouwkundige meerwaarde in zijn omgeving.

Aanpak

In een roerige stedelijke context draaide het ontwerp van een sociaal wooncomplex rond de maat van een volledig bouwblok, net zoals de omliggende gebouwen voorzien van pleinen en binnenhoven. Het is de grootst mogelijke schaal voor architectuur. Tegelijk vertrekt het vanuit de kleinste korrel, die van de bewoners. Een fors en dierbaar gebouw-blok, zonder te veel vermenging van gebruikersprofielen.

Samenwerking met andere disciplines

Grootschalige bouwwerken in de stad vereisen om efficiënte planning en communicatie. De afbraak van het bestaande blok en de opbouw van een volledig bouwblok brachten ferme materiaalstromen op gang. De uitgravingen op het perceel met omliggende openbare infrastructuur aan alle zijden en stockage van al het materiaal op beperkte oppervlakte vroegen om een punctuele en betrokken coördinatie met de ingenieurs en de aannemer.

Duurzaamheid

We menen dat gebouwen uitdrukking moeten geven aan de openbare en collectieve ruimte. Wat leeg blijft, is zo belangrijk als het gebouwde. Bebouwing wordt zo de rand van het publieke en het gemeenschappelijke. Die rand mag best stevig zijn, ritmisch en bestand tegen de tand des tijds. Duurzaam is voor ons in de eerste plaats logisch en compact bouwen. Eerst de structuur, dan het programma. Structuur, materialisatie en detaillering zijn onveranderlijke aspecten en willen we kwalitatief neerzetten.

Materiaal en techniek

Huisvesting op deze schaal vraagt om een efficiënte configuratie van woongehelen tot elkaar en in relatie tot de open ruimte. Daarom is een rationele empathie des te belangrijker bij deze oefening, ruimtelijk vertaald als ‘grote gebouwen met kleine momenten’. In de articulatie, het detail en de materialiteit van het gebouwde wordt het grotere geheel terug huiselijk, tactiel en zintuiglijk. Herkenbaar, mensgericht en op maat van het individu. De baksteen als haptisch en betrouwbaar element.

Maatschappelijke impact

We willen gastvrije beschutting bieden in kwalitatieve en fijn gedetailleerde gebouwen. We zetten voor Woonhaven steevast in op leesbare woonmilieus waarin de tussenruimte flexibele toe-eigening en gebruik toelaat. Dit ogenschijnlijk rigide bouwblok biedt veel meer aan bewoner en omwonende dan op het eerste gezicht blijkt: het gaat uit van een gedragen engagement met de stad. Als de poorten openzwaaien, geeft het collectieve gebied zich prijs en leent het zich uit om elkaar te ontmoeten.

Fysieke impact

Herkenbare figuren vinden hun eigenheid in het bouwblok en geven een duidelijk adres aan elke bewoner. De positie van de buitenruimte is bepalend en zoekt zowel verbindingen tussen de binnenhoven, als met het openbaar domein. Net het gebruik en de programmering van de begane grond en de relatie van die plint met de publieke ruimte, organiseren de gepaste verhouding tussen bewoner en passant. De rationele structuur en bouwmethode ambiëren een lange bestaanstermijn: echte culturele duurzaamheid.

Overig

Een realistisch en weerbaar gebouw, daglicht, bemeubelbaarheid, overmaat, heldere planopbouw, beproefde collectieve technieken die op termijn kunnen worden aangepast, grote fietsstallingen, fijne entrees en een mix aan royale typologieën, … lijken misschien niet de meest fantasierijke thema’s, maar ze vormen de basis voor een écht dierbaar gebouw dat mogelijks meerdere levens kan krijgen en hopelijk voorbijgaat aan greenwashing of de dwang om per se gedemonteerd te kunnen worden.

PDF bestanden