De achterdeur Amare: ontmoetingsplek voor artiesten en bouwvakkers

Het sierlijke Amare, een onderwijs- en cultuurgebouw in Den Haag, werd een jaar geleden opgeleverd en geopend. Na de moeizame totstandkoming was het leed echter nog niet geleden. De vloer bleek te verzakken. Het gebouw zucht nu onder ‘herstelwerkzaamheden’.
Beeld Christian van der Kooy

Tekst Pieter Hoexum | Beeld Christian van der Kooy

In zijn huidige staat roept het gebouw een emotie op die een gebouw maar zelden oproept: diep medelijden. Amare staat er deze herfst ronduit zielig bij. Hier en daar wordt gewerkt aan het gebouw, er staan steigers en geïmproviseerde afzettingen en borden met uitleg. Vanaf een afstandje, met name vanaf het plein ervoor, is nog te zien dat het gebouw bedoeld is als sierlijke zwaan, maar vooralsnog staat het erbij als een zielig eendje. Het lijkt met duckttape aan elkaar te hangen.

Wat ook niet helpt is dat verschillende gebouwen eromheen nog in aanbouw zijn. We lopen met de grootst mogelijk moeite om het gebouw heen, overal zijn wegen afgezet voor bouwverkeer. Horen en zien vergaat je. De hoogbouw die er verrijst komt trouwens angstaanjagend dicht op Amare te staan. Bovendien lijken het heel middelmatige torens te worden, zo weggerukt uit Benidorm of een andere platgelopen badplaats.

Beeld Christian van der Kooy

Met moeite bereiken we de achterkant van het gebouw. Is dit wel de achterkant? Het is er drukker dan aan de voorzijde. Dat heeft niet alleen met de herstelwerkzaamheden te maken. Voor veel gebruikers is dit eigenlijk de hoofdingang. Amare is namelijk niet alleen een concerthal, maar ook thuishaven van het Residentie Orkest, van het Nederlands Dans Theater en van het Koninklijk Conservatorium. Studenten met koffertjes met muziekinstrumenten lopen af en aan. Vaak blijven ze buiten nog even staan om elkaar te begroeten of juist na te praten.

En om te roken trouwens, hoewel er bordjes staan die dat verbieden. Deze groepjes staan vooral net om de hoek, waar het minder tocht. Want hoewel het niet eens hard waait, heb je aan deze kant van het gebouw last van valwinden door de omringende hoogbouw.

Als straks alle herstel- en bouwwerkzaamheden klaar zijn, zou dit wel eens een aangenaam straatje kunnen zijn

Veel bezoekers komen met de fiets. Er staan borden die fietsers manen af te stappen, maar dat doen de meeste niet. Sommige wel, heel sierlijk zelfs: dat zullen de dansers zijn. Als we de fietsers volgen, ontdekken we toch nog de achterdeur van het gebouw, dat wil zeggen de fietsenstalling. De fietsers moeten door een soort tunnel van zeecontainers naar de ingang van de fietsenstalling. De tunnel voert nog verder, langs een ingang voor bouwvakkers, die daar net zitten te schaften. En uiteindelijk nog naar de artiesteningang.

Het is inmiddels 12 uur, we zoeken een plek om te lunchen. De kantine van Amare is publiekelijk toegankelijk, maar ziet er wel erg schraal uit. We nemen plaats op een terras in de straat naast Amare. Deze straat is niet veel meer dan een steeg, maar toch breed genoeg om mooi zicht te hebben op het gebouw. Hier lukt het de somberheid weer wat van ons af te schudden en een beetje optimistisch te blijven. Als straks alle herstel- en bouwwerkzaamheden klaar zijn, dan zou dit wel eens een heel aangenaam straatje kunnen zijn, met zicht op een fraai gebouw.