blog

Blog – Stedelijke pioniers: Kees Christiaanse over eilanden en corridors

Stedenbouw

Door Harm Tilman – Als stedelijke pionier behoort Kees Christiaanse tot een van de meest invloedrijke figuren in de stedenbouw van de laatste dertig jaar. In Textbook is nu voor de eerste keer zijn denken over steden samengebracht. Afgelopen week werd deze handzame pocket gepresenteerd tijdens de Booknight in het HNI. Ik sprak met Christiaanse over de betekenis en actualiteit van ontwerpconcepten als eilanden en corridors die hij in zijn begintijd ontwikkelde.

Einde jaren tachtig van de vorige eeuw begonnen Nederlandse architecten en stedenbouwkundigen ontwerpen voor de stad te maken die aan actualiteit nog altijd niet hebben ingeboet. Afgelopen week interviewde ik Kees Chistiaanse tijdens de Booknight van zijn uitgever in Rotterdam, bij de presentatie van Textbook.

Kees Christiaanse, Textbook.Collected Tests on The Built Environment, redactie Jessica Bridger, boekontwerp Joost Grootens

Eilanden en corridors

Dertig jaar geleden ontwikkelde Christiaanse het concept van Eilanden en Corridors. Ik nam er destijds kennis van via een nummer van Forum (35/2, 1991), waarin Christiaanse een Manifest publiceerde, aangevuld met drie ontwerpen die hij samen met onder anderen Willem Jan Neutelings en Adriaan Geuze maakte voor Hamburg, Wenen en Buda Nova.

Cover van Forum 35/2, juni 1991 gewijd aan de periferie van de stad, met daarin het Manifest van Kees Christiaanse

Overrompelend effect

Ik herinner me nog hoe zeer dit verhaal me destijds fascineerde. Het maakte deel uit van een reeks ontwerpen, publicaties en modellen die een overrompelend effect hadden. Ze introduceerden nieuwe beelden, vrijheden en doelen, maar vernieuwden ook het arsenaal aan ruimtelijke beelden waarop het stedelijke ontwerp een beroep kon doen.

Hamburger Bauforum 1989, ontwerp Kees-Christiaanse, Willem-Jan Neutelings en ASTOC Deutschland

Vereeuwiging in Superdutch

Deze opwinding ebde weg met de successen van wat niet veel later Superdutch werd genoemd. Vanaf de jaren 90 stroomde de opdrachten toe en werd Superdutch het uithangbord van de Nederlands architectuur. Het leidde tot een consolidatie van het gedachtengoed. Wat ook niet hielp was dat Superdutch “vereeuwigd” werd in het gelijknamige boek van Bart Lootsma.

Pocket formaat

Dankzij Christiaanse’s Textbook is het mogelijk terug te keren naar de periode die daaraan vooraf ging. Opvallend is het formaat van het boek. In een pocket van amper 250 pagina’s is een carrière van dertig jaar vastgelegd. Ook zijn de in het boek verzamelde teksten ontdaan van hun oorspronkelijke afbeeldingen. De nadruk ligt daardoor sterk op het denken en de concepten.

Manifest

Textbook opent in artikelvorm met het eerder genoemde Manifest van Christiaanse uit 1991. In dit manifest reflecteert hij op ruimtelijke metaforen als Randstad en Groene Hart en oppert hij voor de eerste maal zijn ideeën over eilanden en corridors. In zijn formulering: “De steden zelf worden in toenemende mate conglomeraten van eilanden van verschillende stedenbouwkundig karakter uit verschillende tijdvakken, gescheiden door corridors van restruimte en infrastructuur.”

“De Eurocities in het Lotharingen van morgen vormen een soort Melkweg waarin het onderscheid tussen stad en platteland langzaam vervaagt” Kees Christiaanse, Manifest, Forum 35/2, juni 1991, p 34

Ungers en Koolhaas

Toen ik Kees vroeg waarom hij juist voor deze metaforen koos, vertelde hij schatplichtig te zijn aan ‘Die Stadt in der Stadt’ van Oswald Mathias Ungers en Rem Koolhaas. In zijn eigen bureau onderzocht Christiaanse de mogelijkheid dit voor Berlijn ontwikkelde concept toe te passen op andere steden. Ook bood het mogelijkheden om verschillende typologieën toe te passen: in corridors grootschalige gebouwen, in buurten samenhangende traditionele massa’s.

Schets van Berlijn, uit Die Stadt in der Stadt van Oswald Mathias Ungers en Rem Koolhaas

Saarinen en Abercrombie

Minstens zo inspirerend waren voor hem de masterplannen die de Finse architect Eliel Saarinen aan het begin van de vorige eeuw voor Helsinki (1915) en Tallin (1913) maakte. Ook in de kaart van Patrick Abercrombie voor Greater London uit 1944 komt een vergelijkbaar fenomeen aan de orde. Dat neemt niet weg dat er verschillen zijn, aldus Christiaanse. Tegenwoordig zijn er meer lagen in de stad. En anders dan Saarinen en Abercrombie dachten, is de concentrische stad vervangen door een policentrische metropool.

Plan van Eliel Saarinen voor Tallinn

Duurzame stad

De opgave is nu een duurzame stad te maken waarin aandacht is voor de ecologische waarden van een gebied, voor functiemenging en voor efficiënte en collectieve vervoerssystemen. In het verstedelijkt landschap doen zich tal van nieuwe fenomenen voor, zoals de dozen die het landschap opsieren en die een organisatie van de ruimte vragen die ongekend is. Ook de herstructurering van de landbouw en de voedselproductie vragen aandacht.

Maquette KCAP Europaallee in Zürich

Actualiteit denken Christiaanse

Gezien deze uitdagingen lijkt mij de actualiteit van Christiaanse’s denken over het verstedelijkte landschap groot. Ook Christiaanse beaamde dit. Essentiële onderdelen ervan zijn het besef dat je niet weet waar het heengaat, het inzicht dat je niet alles meer kunt controleren, en het vermoeden dat je het effect van interventies niet kunt voorspellen. Dit alles is destijds omgezet in een positieve ontwerp houding die zijn waarde nog steeds bewijst.

Stedelijke pioniers

Het denken van de stedelijke pioniers uit de jaren 80 is springlevend. Volgens Christiaanse is het zelfs de hoofdstroom in de stedenbouw geworden. Het loont kortom de moeite om nog eens grondig en met frisse ogen naar de concepten van toen te lijken. Het Textbook van Kees Christiaanse  is een uitstekende metgezel op deze ontdekkingstocht.

Lees ook

Reageer op dit artikel