nieuws

Jan Hoogstad (29 juni 1930 – 3 oktober 2018)

Architectuur

Jan Hoogstad (29 juni 1930 – 3 oktober 2018)

In zijn woonplaats Rotterdam is op 88-jarige leeftijd architect Jan Hoogstad overleden. Hoogstad leerde het vak van de grote Nederlandse modernistische architecten en wist uit te groeien tot een van de belangrijkste naoorlogse architecten van Nederland. Hoogstad vestigde zich in 1959 als zelfstandig architect. Na diverse samenwerkingen richtte hij in 1991 Hoogstad Architecten op, nu Ector Hoogstad Architecten, waaruit hij zich na 2002 geleidelijk terugtrok.

Jan Hoogstad behoorde tot de generatie van architecten die door haar belangstelling voor stedelijke cultuur de grote schaal niet schuwde en naar een rationele en filosofische onderbouwing van het ontwerpen zocht. Centraal in zijn indrukwekkende oeuvre stonden echter zijn ideeën over de werking van ruimte op de mens, een thema dat Hoogstad zijn leven lang trouw is gebleven.

In 1959 richtte Hoogstad zijn eigen architectenbureau op. Zijn eerste opdracht was een kantoor voor zijn vaders bedrijf aan de Brielselaan. In zijn vroege werken is de belangstelling voor de ruimtelijke werking en het gevoel voor sferen al evident, zoals zichtbaar in de villa voor dokter Teng in Lombardijen (1965) met zijn contrastrijke gevels en de wisselwerking tussen de verschillende ruimtes. In de jaren zestig en zeventig nam Hoogstad regelmatig deel aan prijsvragen.

Jan Hoogstad: Ik heb de rationele opgave altijd gevoelswaarde toegedicht

Voor het stadhuis in Amsterdam (1967) kreeg hij de vijfde prijs en voor Centre Pompidou in Parijs (1971) een eervolle vermelding. In 1973 won hij de besloten prijsvraag voor het Wereldhandelscentrum in Rotterdam. Hoogstad beschouwde dat ontwerp als het beste dat hij ooit maakte, het werd echter niet uitgevoerd. De eerste prestigieuze opdracht die Hoogstad kreeg – een winnend prijsvraagontwerp dat wel werd uitgevoerd – was het stadhuis in Lelystad (1976-1984). In dit markante gebouw besteedde Hoogstad nadrukkelijke aandacht aan klimaatbeheersing, een thema dat in de architectuur steeds belangrijker zou gaan worden.

def_vrom.jpg

Het VROM gebouw in Den Haag

Naast architectuur hield Hoogstad zich ook bezig met stedenbouw. In de loop van de jaren zeventig constateerde hij dat het wederopgebouwde Rotterdam veel te wijds van opzet was; de binnenstad zwom als het ware in de ongevormde ruimte. De Studie Waterverband (1973-1979) was een plan voor de verdichting van de binnenstad waarbij hij de beleving van de voetganger als uitgangspunt nam. Het plan behelsde een wandelroute met woningbouw langs het water tussen de Rotte en de Maas. Een deel van plan is uiteindelijk uitgevoerd.

Schouwburg Hengelo door Jan Hoogstad

Schouwburg in Hengelo door Jan Hoogstad

In de jaren zeventig en tachtig vormde Hoogstad met Carel Weeber, Wim Schulze en Aat van Tilburg Architectenbureau HWST. Nadat Weeber in 1987 vertrok, begon het bureau uiteen te vallen. In 1991 richtte Hoogstad een nieuw bureau op dat vanaf 1991 onder de naam Hoogstad Architecten opereerde. In 2002 droeg Hoogstad zijn bureau over aan Joost Ector en Max Pape, waarna hij zich geleidelijk uit het bedrijf terugtrok. Zijn bureaus hebben vrij veel succes gehad, wat volgens Hoogstad te danken was aan de synthese van een filosofische en een praktische instelling.

Als ze me voor een rationalist houden, dan is dat voor de helft waar

Door zijn streven naar een rationele onderbouwing van zijn ontwerpen werd Hoogstad tot de rationalisten gerekend. Iets waarmee hij het nooit helemaal eens kon zijn. Hoogstad zocht naar de wisselwerking tussen praktische instelling en een filosofisch verhaal. “Ik heb de rationele opgave altijd gevoelswaarde toegedicht. Dus als ze me voor een rationalist houden, dan is dat voor de helft waar.”

AKN gebouw Jan Hoogstad

Het AKN Gebouw in Hilversum

De meeste ontwerpen van Hoogstad kenmerken zich door een grote schaal en op geometrische schema’s gebaseerde plattegronden, gevels en volumes. Toch dacht Hoogstad bij het ontwerpen in eerste instantie in sferen, omdat hij geloofde dat de behoefte aan geborgenheid de basis van alle architectuur is. De mate van geborgenheid bepaalde de ene keer dat hij een expressief gebouw en de andere keer een introvert gebouw ontwierp. Dat was een bewuste keuze waar hij met zijn opdrachtgevers over sprak. In 1990 publiceerde hij zijn ideeën daarover in ‘Ruimtetijdbeweging. Prolegomena voor de architectuur’.

Uit de Architect van november 1992

Voornaamste werken

Tot zijn voornaamste werken behoren het Ministerie van VROM in Den Haag (1992); het Unilever-gebouw aan het Weena in Rotterdam (1992); de schouwburg in Hengelo (2001); het AKN-gebouw in Hilversum (2000); de Hogeschool voor Muziek en Dans in combinatie met de uitbreiding van De Doelen in Rotterdam (2000); het Wilminktheater in Enschede (2008) en de bètafaculteit op de Universiteit Twente en de Westerlaantoren in Rotterdam (2012). Voor zijn grote verdiensten werd Jan Hoogstad benoemd tot Officier in de Orde van Oranje Nassau en kende de gemeente Rotterdam hem de Laurenspenning toe.

Reageer op dit artikel