blog

Blog: Jaarboek 2018 2019 – Architectuur van de leegte

Architectuur

Door Harm Tilman – De druk op steden en platteland neemt toe. Het is een boeiende thematiek die de redactie het 32ste jaarboek architectuur heeft meegegeven. Kan architectuur helpen de druk op te vangen en in goede banen leiden?

De depressieve verteller in de nieuwe roman Serotonine van Michel Houellebecq, een indringende reportage in NRC over mensen zoals jij en ik, die plotseling op straat waren beland, de zoektocht naar een 27 jarige man verdacht van drievoudige moord. Ze zijn te beschouwen als symptomen van de toenemende druk waaraan het maatschappelijke leven bloot staat.

Fietsenstalling Utrecht door Ector Hoogstad

Deze vlootschouw van de dertig beste gebouwen van het afgelopen jaar wordt tegenwoordig nadrukkelijk ook gepositioneerd als een barometer van het architectuurklimaat. Hoogtepunt van de presentatie is traditiegetrouw de onthulling van de cover. Ditmaal de fietsenstalling in Utrecht door Ector Hoogstad Architecten, een oase van rust in een gebied waar redacteur Kirsten Hannema naar eigen zeggen helemaal gek was geworden.

Stress

In haar inleiding verwoordde Hannema het zo: op ons werk en in onze vrije tijd staan we in toenemende mate onder druk en dit leidt tot stress, ‘burn outs’ en uitvalverschijnselen. Deze stress komt niet alleen voort uit werk en vrije tijd, maar ook uit de werkomgeving en de voortschrijdende stedelijke verdichting.

Presentatie van het Jaarboek in Amsterdam, aan het woord Kirsten Hannema

Gevoel van drukte

Stedelijke verdichting kan negatieve gevolgen hebben op het welbevinden. Hoge gebouwen zouden leiden tot een groter gevoel van drukte, hoge dichtheden tot onrust en stress, aldus Hannema. Maar omgekeerd kan de omgeving ook bijdragen aan het menselijk welbevinden, bijvoorbeeld door uitzicht op natuur, stilte of wandelruimte te bieden.

In goede banen leiden

Bij de selectie van projecten liet de redactie zich nadrukkelijk leiden door de vraag in hoeverre ze de gesignaleerde drukpunten opvangen en in goede banen leiden. De Clarissenhof in Tilburg door DOK Architecten is een van de projecten waar de redactie in verschillende essays dieper op ingaat. De woningen liggen rond groene hoven die met elkaar zijn verbonden door betonnen pergola’s. Tegenover de drukte van de stationsomgeving staat de verstilling van de binnenruimte.

De Clarissenhof in Tilburg door DOK Architecten Beeld Arjen Schmitz

Opdrachtgeverschap als uitdaging

In de discussie met Gert Kwekkeboom (Civic) en Evelyne Merkx (MerkX) stelde Liesbeth van der Pol van DOK  ‘ruimte voor de groeiende behoefte aan contemplatie in de hectiek van deze tijd’ te missen. De druk op ontwerpers is hoog. Ze moeten dan ook proberen vanuit rust en met zen-mentaliteit schoonheid maken. Grootste uitdaging bevindt zich in het opdrachtgeverschap, zette Evelyne Merkx daar tegenover. De nieuwste ontwikkelingen op elk gebied halen opdrachtgevers steeds weer in. Er moet een manier worden gevonden om daar rustiger mee om te gaan.

Discussie tussen Evelyne Merkx (MerkX), Gert Kwekkeboom (Civic) en Liesbeth van der Pol (DOK Architecten)

Debat over verdichting

Met het Jaarboek positioneert de redactie zich nadrukkelijk in de discussie die in Nederland over verdichting is losgebrand. Ze richt zich daarbij voornamelijk op ontwikkelingen in de Randstad en Brabant. Voor wat buiten deze gebieden speelt, heeft ze minder oog. Ook andere opvattingen over verdichting ontbreken. Zo pleitte Winy Maas onlangs nog voor een stedenbouw die juist naar boven is gericht. Centraal in deze verticale stedenbouw staan verticale buurten die een kleinere ecologische voetafdruk hebben en wonderen voor waterafvoer, koeling en zuurstof verrichten.

MVRDV, The Valley, Zuidas, Amsterdam

Prototypes voor de toekomst

Ook de rol van de architect behoeft meer aandacht. In de publieksdiscussie liet Liesbeth van der Pol zich ontvallen, dat ze voor de Clarissenhof een VO had gemaakt en daarna niet eens meer een DO mocht maken. Ze was daar zo boos over geweest dat ze niets meer met het project te maken wilde hebben, totdat het Jaarboek langs kwam. Dat de geselecteerde projecten daarmee prototypes voor de toekomst zijn, zoals jaarboekredacteur Robert-Jan de Kort later stelde, geloofde toen niemand meer.

Meer over Jaarboek

Reageer op dit artikel