artikel

Grootschalig wonen aan het IJ – Pontsteiger in Amsterdam door Arons en Gelauff Architecten

Architectuur

Door Marieke Giele – Aan de oevers van het IJ is het grootschalige woongebouw Pontsteiger verrezen. Op de plek waar tot voor kort de pont vanuit Amsterdam-Noord aanmeerde in de Houthavens, heeft Arons en Gelauff architecten een nieuw baken gerealiseerd. Het biedt adembenemende uitzichten aan de bewoners en komt ook met een kwalitatieve verblijfsruimte aan het water voor passanten.

De Pontsteiger is gelegen in het oostelijk deel van de Houthavens, een gebied dat op dit moment volop in ontwikkeling is. Sinds de jaren negentig stond de gemeente Amsterdam hoogbouw voor ogen op deze locatie. Dit sluit aan bij het door de gemeente gekoesterde beeld van een grootschalige stad aan het IJ met bakens die de verschillende wijken markeren. Bij de uitvraag in 2007 heeft de gemeente dat duidelijk willen provoceren. Op een relatief klein grondstuk van tachtig bij tachtig meter dienden ruim 250 koopwoningen te komen. Uiteindelijk zijn dat ruim 250 huurwoningen en 66 koopwoningen geworden.

Pontsteiger Amsterdam door Arons en Gelauff. Beeld Jeroen Musch

Een brede pier leidt onder de Pontsteiger door naar het binnenplein aan het IJ. Beeld Jeroen Musch

Voor Arons en Gelauff architecten is deze uitvraag aanleiding om na te denken over een slimme indeling van de gevraagde hoogbouw. Hun ontwerp heeft het meeste weg van een stoelvorm. In de u-vormige laagbouw en de balk bovenin is het grootste aantal woningen gesitueerd. Zo speelt het bureau in op de trend dat de voorkeur van bewoners bij hoogbouwprojecten uitgaat naar de onderste en bovenste woonlagen. Tegelijkertijd weten de architecten op deze manier de hoogte te beperken tot ongeveer negentig meter, zodat het gebouw aansluit bij de bestaande hoogbouw rond de IJ-oevers.

Zo creëert het bureau verschillende woonvormen aan het IJ. In de laagbouw zitten de bewoners dicht bij het water en is er contact met de stad, woningen in de twee torenpoten hebben uitzicht naar meerdere kanten en de bewoners in de bovenste ‘balk’ ervaren juist de grote schaal met verre panoramazichten over Noord-Holland. Op deze manier zijn in één gebouw drie verschillende manieren van wonen samengebracht.

Pontsteiger Amsterdam door Arons en Gelauff. Beeld Jeroen Musch

In de laagbouw zitten bewoners dicht bij het water en ervaren zij een direct contact met de stad. Beeld Jeroen Musch

Van seniorenwoningen tot jongerenhuisvesting

Arons en Gelauff architecten wint de prijsvraag. Samen met drie corporaties en een ontwikkelaar gaat het bureau aan de slag met de verdere uitwerking van het gebouw, maar in 2010 komt het project stil te liggen door de economische crisis. Het bureau spreekt met verschillende ontwikkelende partijen om tot een nieuwe samenwerking te komen. Er worden in die periode allerlei varianten besproken: van seniorenwoningen tot jongerenhuisvesting. En het gebouw kan het allemaal hebben. Want terwijl de plattegronden telkens flink veranderen, blijft de karakteristieke hoofdvorm van de Pontsteiger vrijwel intact.

In 2013 neemt de gemeente Amsterdam de positie terug en schrijft een nieuwe tender uit. Een jaar later is het daadwerkelijk zo ver. Dura Vermeer en M.J. de Nijs winnen de tender en weten het project weer op gang te krijgen. Bouwinvest stapt in als belegger en neemt ruim 250 huurappartementen af, waarmee zeventig procent van de bouw is gefinancierd. En dan gaat het snel. Binnen vier maanden moet de bouwaanvraag rond zijn en liggen er ver uitgewerkte plannen voor het gebouw op tafel.

Pontsteiger Amsterdam door Arons en Gelauff Beeld Jeroen Musch

Vier spanten verbinden de twee torens met elkaar. Beeld Jeroen Musch

Integrale benadering

In deze fase werken architect en hoofdaannemers nauw samen met Van Rossum raadgevende adviseurs. De uitvoering heeft heel wat voeten in de aarde. Voor de balk van acht verdiepingen, die op een hoogte van zestig meter de skyline bepaalt, moet het bouwteam een overspanning van ruim 45 meter zien te maken. Dat vraagt om een integrale benadering van alle partijen. Constructeur, aannemer en architect gaan met elkaar aan de slag om te bepalen hoe ze de overspanning voor elkaar kunnen krijgen. Daarbij speelt niet alleen de constructieve uitdaging, maar ook een efficiënte bouwtijd een belangrijke rol. Binnen de criteria die daaruit voortkomen, ontwerpt Arons en Gelauff architecten de brugconstructie in samenhang met een goede indeling van de woningen.

Alle partijen werken in een bim-model om op gebouwniveau duidelijke beslissingen te maken. Zo splitst het bouwteam de hoofdvorm op in verschillende constructieve delen: de u-vormige laagbouw en de complexere hoogbouw. En ook de hoogbouw wordt verder vereenvoudigd. Deze bestaat uit twee op zichzelf staande torens die vervolgens met elkaar zijn verbonden.

Verbindende brugconstructie

In de torens zijn zowel de kernen en wanden als de gevelelementen zijn uitgevoerd in een prefabbetonconstructie. Daarop zijn vervolgens de breedplaatvloeren geplaatst, zodat een stijf geheel ontstaat. Elke verdieping is in ongeveer vijf à zes dagen opgetrokken, waarna alle elementen telkens zijn nagemeten om bouwfouten te voorkomen. Zo weet de aannemer zeker dat de torens bovenin gelijk uitkomen. Bij het maken van een dergelijke overspanning komt het immers aan op millimeterwerk.

Vier spanten vormen de verbinding tussen de twee torens. Deze stalen vakwerkliggers van negen meter hoog zijn in de fabriek gefabriceerd en over water naar de bouwlocatie vervoerd. Vervolgens zijn ze heel precies op de achterwanden van de liftschachten en de verzwaarde kolommen gelegd. Dat is voor het gehele bouwteam een spannend moment. Deze spanten wegen tussen de 50 en 78 ton, dus de aannemer moet twee extra zware kranen inzetten om ze goed in te hijsen.

Vanaf de achttiende verdieping zijn beide torens verder doorgezet naar boven. Met stalen trekschoren zijn twee spanten aan de 24ste verdieping en het dak bevestigd. In de noordelijke toren lijken de spanten door te lopen. Met dit gebaar wil de architect een asymmetrie toevoegen aan het ontwerp. In werkelijkheid gaat het om spanten die zijn losgekoppeld van de brugconstructie om inklemming te voorkomen. Op deze stalen draagconstructie rust vervolgens weer het bovenste gedeelte van de noordelijke toren.

Pontsteiger door Arons en Gelauff Architecten

De ruimte buitenruimte is naar binnen gelegd en gaat een relatie aan met het interieur. Beeld Jeroen Musch

Tussen stad en water

Waar veel hoogbouwprojecten zich alleen richten op een grootstedelijk gebaar, wil Arons en Gelauff architecten met de Pontsteiger nadrukkelijk ook een verblijfsplek op maaiveldniveau creëren. Het hele gebouw is zeven meter opgetild, waardoor je gemakkelijk onder het woonblok door naar het centrale plein loopt. Hier zijn in samenwerking met Hosper trappartijen richting het ij gerealiseerd. Zo ontstaat een sterke verbinding tussen de stad en het water.

Onder het gebouw liggen vier paviljoens die zich in vorm en materialisering losmaken van de hoogbouw. Deze geven een menselijke schaal aan het grootschalige project. Messing brievenbussen en een houten plafondafwerking zorgen voor een welkom gebaar. Tegelijkertijd fungeren de uitkragende daken van de paviljoens als windbreker. Zo is Arons en Gelauff architecten erin geslaagd om een nieuw plein aan het ij te realiseren.

De Pontsteiger komt op alle schaalniveaus tot zijn recht. Uit de verte oogt het woongebouw ongenaakbaar groot, maar van dichterbij is het goed op de grond terechtgekomen. Voor bewoners biedt het gebouw een voor Amsterdamse begrippen nieuwe woonervaring en voor bezoekers is een prettige omgeving met een grote verblijfskwaliteit gerealiseerd.

Projectgegevens

Opdrachtgever Dura Vermeer Projectontwikkeling bv, Houten met M.J. de Nijs Ontwikkeling bv, Warmenhuizen
Ontwerp Arons en Gelauff architecten, Amsterdam
Projectarchitecten Floor Arons en Arnoud Gelauff
Medewerkers 2006-2010 Thomas Harms, Jan Bart Bouwhuis, Adrie Laan, Menno Mekes, Rianne Kreijne, Barbara Heijl, Bas Schuit, David Smidt van Gelder, Jimmy de Valk, Wouter van Alebeek, Geoffrey Albert, Marrit Veenstra
Medewerker 2010-2014 Jan Bart Bouwhuis
Medewerkers 2014-2018 Remco Wieringa, Menno Mekes, Stephanie van Dullemen, Jan Bart Bouwhuis, Annemarie Swemmer, Tjeerd Beemsterboer, Maikel Rentinck, Lennart Snoek, Lard Joordens, Janne Bacchini, Eveline Kranstauber, Jacco van der Linden, Arnoud Neefjes, Jaco Koning, Mark Homminga, Peter Fokkens
Projectleider Remco Wieringa
Bouwtoezicht en directievoering BBA, Heemskerk
Projectmanager Bouwcombinatie New Cheese Development (Jeroen Koops)
Adviseur constructie Van Rossum raadgevende adviseurs, Rotterdam
Adviseur installaties Hiensch Engineering, Amsterdam
Adviseur bouwfysica Blonk Advies, Amsterdam en DPA Cauberg Huygen, Amsterdam
Adviseur akoestiek Blonk Advies, Amsterdam en DPA Cauberg Huygen, Amsterdam
Adviseur bouwkosten BAZ, Jan Schuurhuis
Aannemer Dura Vermeer Bouw Midden West, Houten met Bouwbedrijf de Nijs, Warmenhuizen
Interieurarchitect &Prast&Hooft, Amsterdam
Landschapsarchitect Hosper landschapsarchitectuur en stedenbouw, Haarlem
Bruto vloeroppervlakte 64.000 m2
Netto vloeroppervlakte 14.000 m2 parkeer- en bergingenkelder, 2.000 m2 commerciële ruimte en lobby’s, 37.000 m2 huurwoningen (252 stuks) en 11.000 m2 koopwoningen (66 stuks)
Bruto inhoud 186.000 m3 bovengronds (paviljoens en woongebouw)
Programma tweelaags ondergrondsparkeren, paviljoens op de begane grond ten behoeve van gebouwentree en horeca/commercieel, 25 woonlagen waarvan
zeventien lagen huurwoningen en acht kooplagen
Datum voorlopig ontwerp april 2014
Indiening WABO 29 augustus 2014
Aanvang bouw 5 december 2015
Oplevering maart 2019

Foto's

Reageer op dit artikel