artikel

Kees Christiaanse: “Stedebouw is vrijheid in gebondenheid”

Architectuur Premium

Aan de Rotterdamse architect en stedebouwkundige Kees Christiaanse (KCAP) is de ARC17 Oeuvre Award toegekend vanwege zijn blijvende en vernieuwende bijdrage aan de verbetering van de gebouwde omgeving. In een gesprek met ‘de Architect’ hoofdredacteur Harm Tilman gaat Christiaanse in op de invloeden in zijn werk, zijn betrokkenheid bij Rotterdam, de belangrijkste thema’s die hem zijn professionele leven hebben bezig gehouden en de vele projecten die hij in zijn toenemend internationale praktijk heeft gemaakt.

Rotterdam

In Rotterdam zijn we begonnen en nog steeds actief. Door ons supervisorschap voor onder meer de Kop van Zuid, onze deelname aan Welstandcommissies en mijn rol als curator van de IABR in 2009 hebben we kunnen bijdragen aan de ontwikkeling van Rotterdam . Vanuit onze betrokkenheid hebben we onlangs een discussie over Rotterdam Central District georganiseerd. Het plan voor Centraal station onder supervisorschap van Rients Dijkstra zou een visie over een groter gebied moeten ontwikkelen.

Rondom het Shell gebouw en het voormalige station Hofplein wordt bijvoorbeeld onafhankelijk daarvan aan plannen gewerkt. Eigenlijk zouden de overkant van het spoor en de overgang met de Binnenrotte in het geheel geïntegreerd moeten worden. Dit zou op de lange duur aan een duurzame verweving met de binnenstad bijdragen.

Tussen 1995 en 2010 werkte KCAP aan het plan voor het woongebouw Fountainhead binnen het stedebouwkundige plan voor Borneo-Sporenburg te Amsterdam van West 8 uit 1992. Beeld KCAP Tussen 1995 en 2010 werkte KCAP aan het plan voor het woongebouw Fountainhead binnen het stedebouwkundige plan voor Borneo-Sporenburg te Amsterdam van West 8 uit 1992. Beeld KCAP

De stad dient hier een sterke inhoudelijke sturing aan te geven om deze ontwikkeling in goede banen te leiden. Zo’n flamboyante structuurvisie als Zef Hemel voor Amsterdam heeft gemaakt zou ook voor Rotterdam gemaakt moeten worden. Een dergelijk plan kan door iedereen enthousiast worden onderschreven. In de tijd van Jaap Bakema en Riek Bakker beschikte Rotterdam wel degelijk over dit soort plannen.

Revival van de stedebouw

Nederland neigt de afgelopen periode regelmatig  het kind met het badwater weg te gooien. Zo heeft ze een solide onderwijssysteem door de invoering van de Mammoetwet achter zich gelaten. Ook de gezondheidszorg en de volkshuisvesting zijn niet meer op een niveau dat een welvarend en beschaafd land eigenlijk zou moeten hebben. Het cultuurbeleid is regelrecht spartaans. Zo is het NAI dat uniek was in de wereld, verdwenen.

De liberalisering van de stedebouw heeft geleid tot een Angelsaksische benadering van stadsontwikkeling waarin vrijheid de boventoon voert met te weinig collectieve controle over de leefomgeving . Deze ‘free-for-all’ stedebouw vormt een slechte basis voor een toekomstige ruimtelijke ordening. Ze is ongevoelig voor bepaalde waarden in de Nederlandse samenleving. Het politieke systeem is hyper-pragmatisch en sterk op dagelijks besluitvorming georiënteerd, maar ontbeert een visie.

Het woon gebouw 'Kavel 25' was onderdeel van het 'Woningbouwfestival' ter gelegenheid van de realisatie van de 200.000ste woning in Den Haag. KCAP ontwiepr het in samenwerking met Art Zaaijer tussen 1989 en 1992. Het gebouw is opgetild en voorzien van grote gaten, waar de entrees, de stijgpunten en de gemeenschappelijke ruimten zijn gesitueerd. Foto © Ger van der VLUGT Het woon gebouw ‘Kavel 25’ was onderdeel van het ‘Woningbouwfestival’ ter gelegenheid van de realisatie van de 200.000ste woning in Den Haag. KCAP ontwiepr het in samenwerking met Art Zaaijer tussen 1989 en 1992. Het gebouw is opgetild en voorzien van grote gaten, waar de entrees, de stijgpunten en de gemeenschappelijke ruimten zijn gesitueerd. Foto © Ger van der VLUGT

Jaren des onderscheids

Ik ben gevormd in mijn tijd bij OMA. Ik werkte daar aan tal woningbouw en stedebouwkundige plannen en verzorgde het management. Ik heb het vak geleerd op het IJplein in Amsterdam, dat OMA tussen 1981 en 1988 in Amsterdam Noord heeft gemaakt. Ook van Jan Voorberg die helaas in 1983 overleed, waarna ik degene was die het plan ging trekken. Mijn zwager Paul de Vroom heeft daar destijds een blok ontworpen. Dat vormde het startpunt voor onze experimenten met ontsluitingen.

De plannen voor Parc de la Villette en Expo in Parijs zijn voor mij wat de Potteries Thinkbelt en het Fun Palace voor Cedric Price betekenen. Beide projecten waren doorslaggevend voor mijn theorievorming over stedebouw. Het zijn niet zozeer ontwerpen maar veeleer systeemconcepten. Verschillende invloeden bepaalden de uiteindelijke vorm van het ontwerp. Ze bevatten ze een duidelijke filosofie en methode hoe je vrijheid van ontwikkeling kunt vormgeven met behoud van samenhang en coexistentie van het geheel.

Holzhafen is een ensemble van drie gebouwen, bestaande uit de kantoorgebouwen Oost en West en de woontoren ‘Kristall’ waar KCAP en ASTOC tussen 1999 en 2011 aan hebben gewerkt. Foto H. G. Esch Holzhafen is een ensemble van drie gebouwen, bestaande uit de kantoorgebouwen Oost en West en de woontoren ‘Kristall’ waar KCAP en ASTOC tussen 1999 en 2011 aan hebben gewerkt. Foto H. G. Esch

Bij KCAP hebben we gebouwconcepten ontwikkeld die helaas nooit zijn gebouwd, waaronder het Luxor theater in Rotterdam en het Fountainhead project in Amsterdam. Dat zijn wat mij betreft twee concepten die het bureau in een andere richting hadden kunnen sturen. Het Fountainhead project is door de crisis gestorven. We hebben veel gebouwtypes ontwikkeld waarvan de ‘Promenade Architecturale’ een zeer belangrijk onderdeel is. Kavel 25 in Den Haag, Holzhafen in Hamburg en de Commissaris in Venlo zijn hier voorbeelden van. Een ‘milestone’ is het GWL terrein in Amsterdam geweest. Zo moet een woonwijk eruit zien.

Op het voormalige terrein van het gemeentelijke drinkwaterleidingbedrijf (GWL) in Amsterdam realiseerde KCAP tussen 1993 en 1998 een milieuvriendelijke en autovrije woonwijk Foto Pandion Op het voormalige terrein van het gemeentelijke drinkwaterleidingbedrijf (GWL) in Amsterdam realiseerde KCAP tussen 1993 en 1998 een milieuvriendelijke en autovrije woonwijk Foto Pandion

Transformatieprojecten

Wijnhaveneiland – De toenmalige wethouder Jan Laan wilde in de binnenstad van Rotterdam 5.000 woningen bouwen, waarvan een deel op het Wijnhaveneiland. De boekwaarde van de kantoren was echter veel te hoog. Renoveren was geen optie door de ontbrekende parkeercapaciteit. Om deze patstelling te doorbreken, moet je veel bouwvolume neerzetten. Als je echter op iedere kavel een woontoren zet, bederven ze elkaars uitzicht.

Wijnhaveneiland ligt tussen de Rotterdamse binnenstad en de Maas en wordt vanaf 1996 getransformeerd tot een levendig stadsdeel op basis van een dynamisch model dat hoogbouw toestaat op basis van de perceelgrootte. Bebouwingsregels zorgen voor een evenwicht tussen nieuwe en bestaande bebouwing, uitzicht en bezonning. Beeld Ossip van Duivenbode Wijnhaveneiland ligt tussen de Rotterdamse binnenstad en de Maas en wordt vanaf 1996 getransformeerd tot een levendig stadsdeel op basis van een dynamisch model dat hoogbouw toestaat op basis van de perceelgrootte. Bebouwingsregels zorgen voor een evenwicht tussen nieuwe en bestaande bebouwing, uitzicht en bezonning. Beeld Ossip van Duivenbode

We hebben toen gesleuteld aan een code waarmee hoogbouw zich maximaal kan ontwikkelen, zonder dat de controle over de totale ontwikkeling verloren gaat en de gebouwen elkaar hinderen in bezonning en uitzicht. Jammer genoeg is dit bij de herontwikkeling van de strook langs de Maasboulevard indertijd niet meegenomen.

Hafencity – In 1999 wonnen we de prijsvraag voor Hafencity in Hamburg. De sterke kant van dit plan is dat de blokken een enorme diversiteit en functiemenging toestaan. Het resultaat is een bruisende binnenstedelijke wijk waar veel stedelijke voorzieningen zijn te vinden. In Nederland is dit in dezelfde periode niet gebeurd. Ons land is buiten de binnensteden weinig urbaan met kleinschalige, diverse economische activiteit. De havengebieden in Amsterdam en Rotterdam bestaan voor 99% uit woningen, ze hadden eigenlijk veel meer functiemenging moeten hebben.

Vanaf 2000 transformeren KCAP en ASTOC in Hamburg het voormalige havengebied aan de Elbe getransformeerd tot een levendige stedelijke zone. Het programma voor Hafencity omvat onder meer 5.800 woningen en 45.000 werkplaatsen, cultuur, vrije tijds besteding, restaurants, winkels, parken, pleinen en promenades. Beeld Elbe&Flut Vanaf 2000 transformeren KCAP en ASTOC in Hamburg het voormalige havengebied aan de Elbe getransformeerd tot een levendige stedelijke zone. Het programma voor Hafencity omvat onder meer 5.800 woningen en 45.000 werkplaatsen, cultuur, vrije tijds besteding, restaurants, winkels, parken, pleinen en promenades. Beeld Elbe&Flut

Europa Allee – De Europa Allee in Zürich is een sterk verdicht onderdeel van de binnenstad. Het is noch een weefsel met kleine huizen, noch een betonnen glazen campus. In ons plan lopen alle straten door en hebben we een belangrijke diagonaal gepland. Daardoor is sprake van maximale integratie met de binnenstad. Je loopt nu de Europa Allee in zonder dat je dit in de gaten hebt en dan is er plotseling iets nieuws. Het is tegelijkertijd een integraal onderdeel van de stad en een nieuwe ontwikkeling.

Het stationsgebied van Zurich is door zijn centrale positie en bereikbaarheid een belangrijke ontwikkelingslocatie. KCAP maakte een masterplan waarin de morfologie en blokstructuur van de omringende stad zijn doorgezet en het gebied op een natuurlijke wijze in zijn omgeving is ingepast. Beeld Stefan Müller Het stationsgebied van Zurich is door zijn centrale positie en bereikbaarheid een belangrijke ontwikkelingslocatie. KCAP maakte een masterplan waarin de morfologie en blokstructuur van de omringende stad zijn doorgezet en het gebied op een natuurlijke wijze in zijn omgeving is ingepast. Beeld Stefan Müller

Grote projecten – In Montpellier, London, Hamburg en Singapore heb ik aan zogenoemde Grand Projets gewerkt. Dergelijke grote projecten ontstaan vaak meer door economische druk en infrastructureel-politieke overwegingen dan door een stedebouwkundige ontwerpvisie. Die komt dan meestal achteraf. Maar als je geluk hebt, zoals in Singapore, ben je er vanaf het begin bij betrokken en kun je zelfs het besluitvormingsproces over de locatie beïnvloeden. Anders ben je gedwongen tot reparatie werkzaamheden.

Thema’s in mijn werk

Liberale sociaaldemocratie – Dit thema is in mijn werk veruit het belangrijkste. Liberaal staat voor vrij ondernemerschap en individuele ontplooiing. Sociaal houdt in dat je de juiste belastingen heft, de gezondheidszorg en het onderwijs goed organiseert en een adequaat cultuurbeleid voert. Een liberaal- sociale democratie is dus vrijheid in gebondenheid. Stedebouw moet een framework vormen waarin mensen maximale ontplooiingsmogelijkheden hebben, maar tegelijkertijd rekening met elkaar dienen te houden. Onze stedebouwkundige ontwerpen bestaan uit robuuste structuren waarin veel vrijheid en transformatiemogelijkheden voorkomen zonder verlies aan samenhang.

Aan de Oostelijke Handelskade in Amsterdam voegde KCAP van 1998-2009 oude pakhuizen samen met nieuwe blokken tot een gedifferentieerd complex van in elkaar grijpende gebouwen waarin doorzichten naar het IJ zijn uitgespaard. Foto Jeroen Musch Aan de Oostelijke Handelskade in Amsterdam voegde KCAP van 1998-2009 oude pakhuizen samen met nieuwe blokken tot een gedifferentieerd complex van in elkaar grijpende gebouwen waarin doorzichten naar het IJ zijn uitgespaard. Foto Jeroen Musch

Inversie – In de Haarlemmermeer heb je veel beperkende randvoorwaarden. Deze worden veelal als negatief ervaren. Je kunt het echter ook omkeren en als positief ontwerpuitgangspunt hanteren. Dergelijke randvoorwaarden zijn tenslotte remfactoren tegen overhaaste ontwikkelingen. Dankzij de geluidscontouren van Schiphol zijn Amsterdam, Hoofddorp en Haarlem niet aan elkaar zijn gegroeid. Dat groene hart kun je verder ontwikkelen tot een landschapspark. Je kunt je dan concentreren op de vormgeving van de randen ervan.

Substractie  – Wanneer we een stedebouwkundig ontwerp maken in dichtbebouwde gebieden, vullen we een locatie eerst maximaal op met bouwvolume. Daarna snijden we de gewenste openbare ruimte, de bezonningscontouren en de zichtlijnen uit. De resulterende massa modelleren we tot een envelop, een vergelijkbaar principe als de New York Zoning Las, waarbinnen een architect een grote ontwerpvrijheid heeft.

Open stad – In de huidige ‘urban renaissance‘ wordt het ideaal van de open of poreuze stad weer het wenkende perspectief en komt het iets dichterbij. De atomisering van economische activiteit en huishoudens vraagt om een stad van korte wegen en een divers aanbod aan diensten. De binnenstad redt zich door de onderlinge wrijving van belangen wel,  echter met name de gebieden buiten de bestaande stad vragen om aandacht, met name op het gebied van ontsluiting, technische infrastructuur en milieu. Een goed voorbeeld is het plan dat wij hebben gemaakt voor het TGV-stationsgebied van Montpellier.

OZ Nature Urbaine is het ontwikkelingsgebied rondom het toekomstige TGV station in het zuiden van de Franse stad Montpellier. KCAP ontwierp tussen 2012 en 2014 een framework van openbare ruimten waarvan het landschap de drijfveer is en waarin de infrastructuur van TGV en autoweg is geïntegreerd. Beeld KCAP OZ Nature Urbaine is het ontwikkelingsgebied rondom het toekomstige TGV station in het zuiden van de Franse stad Montpellier. KCAP ontwierp tussen 2012 en 2014 een framework van openbare ruimten waarvan het landschap de drijfveer is en waarin de infrastructuur van TGV en autoweg is geïntegreerd. Beeld KCAP

Visualisering – Visualisaties heb je nodig om de politiek te overtuigen en moet voor leken begrijpelijk zijn. Een rendering voor een plan in de Indische buurt van Amsterdam is een andere dan voor het waterfront van Shanghai of een campus in Parijs. In de Indische buurt zouden we bijvoorbeeld werken met cartoons en 1:1 maquettes. In Shanghai kun je alleen met een hyperrealistische animatiefilm een opdrachtgever overtuigen. In Parijs is de relatie tussen landschap en gebouwde omgeving erg belangrijk en dient te worden benadrukt. De manier waarop je communiceert over je plannen is dus  belangrijk en vraagt om een separate productieafdeling binnen of buiten je bureau. In Azië is een film van een plan waarin het leven bewogen gesimuleerd wordt een must.

Onderwijs en onderzoek

Door mijn hoogleraarschappen in Berlijn en Zürich heb ik veel geleerd, en ik leer nog steeds. Door doctorandi te begeleiden leer ik hoe je fundamenteel onderzoek kan doen, hoe wetenschap en ontwerp kan worden gekoppeld en hoe de juiste informatie kan worden verworven en in een narratief gezet. Ons nieuwe boek ‘The Noise Landscape’ (met Eirini Kasioumi, Ben Boucsein en Christian Salewski) over het onderzoek naar de relatie tussen vliegtuiglawaai en verstedelijking zoekt antwoorden op de vraag hoe je beide met elkaar misschien niet kunt verzoenen, maar wel in co-existentie kan brengen.

In de wijk Killesberghöhe te Stuttgart ontwierp KCAP drie verschillende, sculpturale appartementengebouwen (2009-2013). In de terrasvormige gebouwen zijn uiteenlopende typen opgenomen, variërend van klassieke tot open plattegronden. Foto Stefan Müller In de wijk Killesberghöhe te Stuttgart ontwierp KCAP drie verschillende, sculpturale appartementengebouwen (2009-2013). In de terrasvormige gebouwen zijn uiteenlopende typen opgenomen, variërend van klassieke tot open plattegronden. Foto Stefan Müller

‘The Urban Loophole’ door mijn Phd Ying Zhou is een onderzoek naar de stadsvernieuwing, de monumentenzorg en de creatieve industrie in de Franse concessie van Shanghai. Deze wijk is voornamelijk uit baksteen opgetrokken. De Lilong typologie houdt het midden tussen het Nederlandse rijhuis, de Engelse terrace housing en de Chinese hutongs. Je vindt daar prachtige art deco architectuur. In deze wijk heeft de alternatieve ‘scene’ zich genesteld, met creatieve bedrijvigheid en hippe hotels. Dit heeft in China gezorgd voor een omslag. Stadsvernieuwing wordt langzaam even belangrijk gevonden dan stadsuitbreiding. Natuurlijk gaat ze ook gepaard met gentrificatieprocessen.

Het Jurong Lake District in Singapore wordt door KCAP in samenwerking met SAA, Arup, S333 en Lekker ontwikkeld tot een gemengd zakelijk gebied rondom de toekomstige hogesnelheidslijn tussen Kuala Lumpur en Singapore. Kenmerkend zijn de hoge dichtheid en het gemengde programma waarin nieuwe waterwegen en doorlopende stedelijk groenverbindingen zijn opgenomen. Beeld KCAP-SAA-Arup-S333 Het Jurong Lake District in Singapore wordt door KCAP in samenwerking met SAA, Arup, S333 en Lekker ontwikkeld tot een gemengd zakelijk gebied rondom de toekomstige hogesnelheidslijn tussen Kuala Lumpur en Singapore. Kenmerkend zijn de hoge dichtheid en het gemengde programma waarin nieuwe waterwegen en doorlopende stedelijk groenverbindingen zijn opgenomen. Beeld KCAP-SAA-Arup-S333

In ‘State beyond State’ van PhD Ting Chen onderzochten we de stedebouwkundige ontwikkeling van Shenzen, de eerste economische zone van China, vlakbij Hong Kong, vanuit het perspectief van de State Owned Enterprises, SOE’s, de socialistische kombinaten die de stad hebben gevormd. Shenzen bestaat uit een conglomeraat van dorpen die alle zijn geëxtrudeerd tot sterk verdichte centra. De tussenliggende landwegen zijn verbreed tot snelwegen. De stedebouwkundige dienst van Shenzen heeft centrumplannen gemaakt met beroemde architecten. Naast deze officiële gebieden zijn in de stad bruisende inofficiële centrumgebieden ontstaan, hoofdzakelijk in leegstaande industriegebouwen. Beide systemen bestaan als het ware naast elkaar.

Bureau als instrument

Nu we bij KCAP een aantal jonge partners in het vizier hebben, is de discussie over ons toekomstige profiel opgelaaid. Of we worden een integrated planning office met verkeerskundigen, sociologen en alles er op en aan. Of we groeien door als stedebouw- en architectenbureau. Onze woningbouwsector krijgt dan het label ‘Habitat’ en we gaan ons bezig houden met de globale woonsituatie, ook met slum upgrades en werken voor de NGO’s, ontwikkelingsbanken etc. Of we worden een allround architectuur- en stedebouwbureau. In dat geval moeten we sterk op de signatuur van onze plannen gaan letten. Mijzelf interesseert vooral het werken aan een duurzame planeet.

Het Legacy Masterplan Framework, gemaakt tussen 2007 en 2010, is een ontwerp voor de herontwikkeling van het Olympisch Park en de Lea Valley na afloop van de Olympische Spelen in Londen van 2012. Beeld KCAP Het Legacy Masterplan Framework, gemaakt tussen 2007 en 2010, is een ontwerp voor de herontwikkeling van het Olympisch Park en de Lea Valley na afloop van de Olympische Spelen in Londen van 2012. Beeld KCAP

KCAP kun je het beste vergelijken met een stad met een burgemeester, waar de wethouders aan het roer staan. De burgemeester stelt de zaak boven zichzelf en oefent een coachende invloed uit naast zijn eigen projecten..

Wil je bijvoorbeeld grootschalige masterplannen tot een goed einde wilt brengen, dan moet je geïntegreerde teams samenstellen en Arup is daar een meester in. Daarnaast hebben ze een interessante organisatie. Partners zijn geen vaste monumenten, maar fluïde personen al naar gelang hun prestaties voor het bedrijf. Ook zou het aantal partners in principe open kunnen zijn, zo lang ze werk  en kwaliteit brengen en een bijdrage aan de organisatie leveren.

In 2015 werkte KCAP met Arup, Vogt Landschaftsarchitekten, Kunst+Herbert, gmp International, Drees & Sommer en WES aan Olympia City 2024 Hamburg, als onderdeel van de kandidatuur van Hamburg voor de Spelen van 2024. Foto Matthias Friedel In 2015 werkte KCAP met Arup, Vogt Landschaftsarchitekten, Kunst+Herbert, gmp International, Drees & Sommer en WES aan Olympia City 2024 Hamburg, als onderdeel van de kandidatuur van Hamburg voor de Spelen van 2024. Foto Matthias Friedel

Legacy en vooruitblik

De wereld zou er weinig anders uitzien als ik er niet was geweest. Maar ik zie wel in, dat KCAP de stedebouw  heeft beïnvloed, niet alleen via onze projecten maar ook via mijn onderzoek en onderwijs. Van alle belangrijke stedebouwkundige actoren in Noordwest Europa is ongeveer driekwart afkomstig uit ons bureau of uit het onderwijs in Berlijn en Zürich. In Duitsland is 80% van de hoogleraren stedebouw oud-medewerker van mij.

Ook de komende 30 jaar werk ik aan complexe stedebouwkundige projecten, Grand Projets. Daarnaast wil ik me gaan richten op het coachen van jonge partners en ontwerpers binnen ons bureau. En in mijn vrije tijd ga ik door met schilderen, bergwandelen, zeilen en piano spelen. Mijn hobby van mini-renovatieprojecten van  dorpskernen en stallen in  Zwitserland en Frankrijk is een interessante micro-versie van mijn werk. Ik kom mijn tijd wel door.

Reageer op dit artikel