Blog – Verloren generatie jonge ontwerpers: corona als obstakel richting architectentitel

Door Marieke Giele – Door de coronacrisis moeten sommige architectenbureaus bezuinigen op de loonkosten. Jonge ontwerpers met een tijdelijk contract verliezen als eerste hun baan. Daarmee komt ook hun beroepservaringsperiode in gevaar. Hebben we straks te maken met een verloren generatie ontwerpers zonder architectentitel?
Beroepservaring SLA in 2012, beeld PEP

Dit weekend organiseerde de PEP, het Professional Experience Programme voor het volbrengen van de beroepservaringperiode, voor het eerst sinds maart weer een fysieke bijeenkomst. Aan de ene kant was het een feestelijke dag waarop een grote groep deelnemers officieel het programma afrondde. Daarmee mogen zij nu aanspraak maken op de titel architect, stedenbouwkundige, landschapsarchitect of interieurarchitect.

Voor anderen was het echter een minder feestelijk moment. Zij moeten (tijdelijk) stoppen met het programma, omdat ze geen contractverlenging kregen bij het architectenbureau waar ze in dienst waren. Zonder baan hebben zij niet de mogelijkheid om verdere ervaring op te doen in de praktijk, iets wat van essentieel belang is om de titel te behalen.

Deelnemers op pad tijdens de beroepservaringsperiode. Beeld PEP
Deelnemers op pad tijdens de beroepservaringsperiode. Beeld PEP

Gevolgen coronacrisis

In veel gevallen lijkt de coronacrisis roet in het eten te gooien voor deze jonge ontwerpers. Sommige architectenbureaus kampen nu namelijk met flinke problemen, doordat grote opdrachten zijn stilgelegd of zelfs volledig geschrapt. Wie waagt zich op dit onzekere moment immers aan plannen voor grote infrastructuurprojecten of evenementenlocaties?

En daardoor komt de volledige bedrijfsvoering van de betrokken bureaus onder druk te staan. Dat bleek deze week ook uit onderzoek van de Architect en USP. Op dit moment maakt achttien procent van de architectenbureaus gebruik van de steunmaatregelen van de overheid. Daarmee staat de ontwerpsector bovenaan het lijstje van alle sectoren in de bouw.

Bezuinigen op loonkosten

Ondanks deze steunmaatregelen blijft het voor de getroffen bureaus lastig om alle medewerkers te behouden. Er is gewoonweg niet genoeg werk meer. Bovendien blijven vaste lasten als de huur van een kantoor doorlopen. Bezuinigen op loonkosten is dus een logische stap.

En wie moeten dan als eerste het bureau verlaten? De (vaak jonge) medewerkers met een tijdelijk contract. Aan het niet verlengen van die contracten zijn immers geen consequenties verbonden. Iets wat nu overigens in veel meer sectoren gebeurt.

Flexibele schil

In de architectuur werken opvallend veel bureaus met een grote groep aan medewerkers met een tijdelijk contract. Dankzij deze flexibele schil kunnen de architectenbureaus in relatief korte tijd groeien of krimpen, al naar gelang er meer projecten zijn binnengehaald of juist zijn afgerond. En veel jonge ontwerpers zien dit als een mooie kans om ervaring op te doen bij verschillende bureaus.

Nu pakt deze werkwijze echter bijzonder vervelend uit voor deze groep jonge ontwerpers. Ze moeten weg bij hun huidige werkgever, terwijl ze niet altijd eenvoudig bij een ander bureau aan de slag kunnen gaan. En tot overmaat van ramp komt dus ook het traject van de beroepservaringsperiode stil te liggen.

Deelnemers van de PEP in 2013, beeld PEP
Deelnemers van de PEP in 2013. Beeld PEP

Verloren generatie

Hebben we straks te maken met een verloren generatie aan architecten? Of eigenlijk: hebben we straks te maken met een verloren generatie aan ontwerpers zonder architectentitel? Dat is nu de vraag.

Als deze jonge ontwerpers niet snel aan een andere baan komen, bestaat de kans dat ze overstappen naar andere sectoren. Zonde, want het is juist de eerste generatie die vol goede moed is begonnen aan het lange traject om de architectentitel te behalen. Vaak zijn ze dus extra gemotiveerd en maken ze door de beroepservaringsperiode een snelle ontwikkeling door.

Lichtpuntje

Daar zit ook meteen het lichtpuntje. Dankzij de beroepservaringsperiode bouwt deze groep ontwerpers een breed netwerk op en kijken ze over de grenzen van hun eigen bureau. Ze kunnen elkaar helpen bij het vinden van een nieuwe baan of zelfs tot nieuwe onderlinge samenwerkingen komen.

Nu komt het er dus op aan en kan de PEP haar waarde bewijzen. Door deze generatie te stimuleren om nieuwe mogelijkheden te ontdekken. Zodat we deze gemotiveerde ontwerpers als volwaardige architecten kunnen behouden voor de architectuur.

Lees verder