Aanvullende ondersteuning voor culturele sector, wel of niet genoeg?

Het kabinet stelt 300 miljoen euro extra beschikbaar voor de culturele sector. Met deze steun worden culturele instellingen die van vitaal belang zijn voor de sector, door de financieel zware eerste maanden van de coronacrisis heen geholpen. En hiermee worden ze ook in staat gesteld te investeren in het komende culturele seizoen. Zo steunt het kabinet de culturele sector en houdt het unieke Nederlandse artistieke product in stand. Ook kan door deze aanvullende ondersteuning de werkgelegenheid in deze sector zoveel mogelijk worden behouden.

Minister Van Engelshoven (Cultuur) is blij met het extra geld voor deze sector. ,,Cultuur doet ertoe. Juist in deze tijd van crisis blijkt hoe belangrijk kunst is: om troost, afleiding en hoop te bieden. Ook het kabinet is daarvan doordrongen en stelt daarom extra geld beschikbaar boven op de generieke maatregelen.’’

300 miljoen

Het nu gerealiseerde pakket van 300 miljoen euro is aanvullend op de eerdere maatregelen. “Dit pakket heeft vooral als doel instellingen te steunen die essentieel zijn voor de sector als geheel”, aldus minister Van Engelshoven. “Door juist deze cruciale culturele organisaties nu te steunen, kunnen zij er na de crisis voor zorgen dat de opdrachtenstroom, ook richting zzp’ers, weer op gang komt.” De minister wil zo snel mogelijk starten met de uitvoering van deze maatregelen.

De 300 miljoen euro extra is opgebouwd uit vier onderdelen. In de eerste plaats wordt geld ingezet voor het ophogen van de subsidies voor instellingen in de culturele basisinfrastructuur en voor instellingen en festivals die meerjarig worden ondersteund door de zes rijkscultuurfondsen.

Voor het verhogen van bestaande leenfaciliteiten bij het Nationaal Restauratiefonds voor rijksmonumenten trekt het kabinet ook geld  uit. Ten derde krijgen de zes rijkscultuurfondsen budget voor ondersteuning van cruciale instellingen in de keten die vooral in regio’s en steden de culturele infrastructuur dragen, zoals belangrijke gemeentelijke en provinciale musea, (pop-)podia en filmtheaters. Het vierde onderdeel zorgt ervoor dat de leenfaciliteiten bij Cultuur+Ondernemen worden verhoogd. Cruciale private partijen in de keten, zoals vrije theaterproducenten, commerciële festivals en kunstgaleries, kunnen bij Cultuur+Ondernemen terecht. Voorwaarde om in aanmerking te komen is dat voor hen de generieke maatregelen maximaal zijn benut.

Eerdere steunmaatregelen

Los van de aanvullende ondersteuning deelt de culturele sector mee in het algemene maatregelenpakket dat het kabinet medio maart heeft genomen. Het gaat dan onder meer om werktijdverkorting voor werknemers, extra ondersteuning voor zzp’ers en belastingmaatregelen. Daarboven is eind maart een coulancepakket voor de culturele sector gerealiseerd. Dat pakket regelt onder meer dat de huur van rijksgesubsidieerde musea wordt opgeschort, subsidies blijven doorlopen en worden vooruitbetaald  De minister is blij dat daarnaast door de sector een voucherregeling is gerealiseerd waardoor geld voor toegangskaartjes zoveel mogelijk in de sector blijft.

Op de regeling zijn door verschillende culturele instellingen gereageerd, onder andere door Jan Zoet van Kunsten 92 en Boris van der Ham van de Vereniging Vrije Theater Producenten. Zie onderstaand de redacties:

Reactie Jan Zoet van Kunsten 92

De extra financiële injectie van 300 miljoen euro voor culturele instellingen die “van vitaal belang zijn”, die minister Ingrid van Engelshoven woensdag beschikbaar stelde, is een stap in de richting, maar nog niet voldoende. Dat zeggen Jan Zoet van Kunsten 92 en parlementariër Niels van den Berge (GroenLinks) in de Volkskrant.

“Het zijn welkome maatregelen tot de zomer en dat stemt me in eerste instantie positief. Maar wat is de horizon van deze maatregelen? Als het hierbij blijft, is het onvoldoende”, zegt Zoet. “Het is fijn dat het inzicht wordt gedeeld dat de generieke maatregelen onvoldoende waren. Maar laten we niet vergeten dat deze maatregelen weinig betekenen voor de 160.000 zzp’ers in onze sector. Die worden teruggeworpen in de bijstand.” Hij vindt dat gemeenten de portemonnee moeten trekken voor zalen en instellingen die geen steun van het Rijk krijgen.

Niels van den Berge (GroenLinks) valt hem bij: “Het bedrag is te beperkt en gericht op gesubsidieerde instellingen. We mogen ook alle zzp’ers en freelancers niet uit het oog verliezen.”

Vorige maand schortte het kabinet al de huur voor rijksmusea voor drie maanden op en gaat bestaande subsidies eerder uitbetalen.

Reactie Boris van der Ham van de Vereniging Vrije Theater Producenten (VVTP)

Nederlandse theaterproducenten zijn woest op het kabinet. Cultuurminister Ingrid van Engelshoven maakte woensdag bekend de cultuursector te helpen in de coronacrisis met een steunpakket van 300 miljoen euro. Maar deze financiële injectie is volgens hen alleen bedoeld voor de gesubsidieerde theaters en culturele instellingen, die een minderheid vormen.

Grote vrije producenten als Stage Entertainment, SENF, Hans Cornelissen en Rick Engelkes, goed voor bijna driekwart van alle theatervoorstellingen, kunnen nauwelijks aanspraak maken op de regeling. Zij kunnen wat geld lenen van de overheid, maar weten niet of ze volgend seizoen wel kunnen spelen in zalen om het geleende geld terug te verdienen.

“Uit de plannen van het ministerie en minister Van Engelshoven blijkt weinig kennis van problemen van het deel van de cultuursector dat niet gesubsidieerd wordt”, stelt voorzitter Boris van der Ham van de Vereniging Vrije Theater Producenten (VVTP). “De geboden kredietmogelijkheid is veel te gering.” Hij roept de Tweede Kamer op in te grijpen en te zorgen dat er na de zomer in de theaters nog wel voorstellingen te zien zijn.

Lees ook: