Stationsomgeving in Leuven door Marcel Smets
Door Harm Tilman -

Door Harm Tilman -

Door Pnina Avidar / Marc Schoonderbeek - Na een moeizaam proces van totstandkoming is begin dit jaar eindelijk het Joodse Museum van Daniel Libeskind geopend. Het museum beoogt de Joodse dimensie van de geschiedenis van Berlijn te belichten. Volgens de ontwerper kan Berlijn alleen een menselijke toekomst krijgen door de erkenning van de Holocaust en de leegte die deze heeft achtergelaten. Het museum is georganiseerd rond de ervaring van deze leegte. Nu het museum in zijn proportie, licht, materiaal en ruimte tot leven komt, blijkt de architect zich een haast onmogelijke opgave gesteld te hebben

Door Harm Tilman - De door het Vinexbeleid voorgeschreven woningdichtheid vormt een soort optimum tussen de vraag naar grondgebonden woningen en het draagvlak voor stedelijke voorzieningen. Een te gelijkmatige spreiding van deze dichtheid over nieuwe woongebieden komt echter onvoldoende tegemoet aan de behoefte aan differentiatie. Verschillende studies onderzochten zowel op stedenbouwkundig als op typologisch niveau de mogelijkheden van differentiatie, al dan niet binnen de door het Vinexbeleid gestelde randvoorwaarden. Tussen stad en landschap blijken vele gradaties van verstedelijking mogelijk te zijn, die het clichébeeld van een gesuburbaniseerd Nederland nuanceren.

Door Janny Rodermond

Door Mariëtte Kamphuis - De herprofilering van de Aelbrechtskade, de oostelijke oever van de Delfshavense Schie tussen de Lage Erfbrug en de spoorlijn nadert haar voltooiing.' Het project maakt deel uit van het Integraal Project Schie-oevers (IPSO) dat de Delfshavense Schie (doorlopend in de Coolhaven) zal gaan ontwikkelen tot een centrale structurerende ruimte, 'de ruggegraat van Rotterdam West 2 Deze moet bijdragen tot de verbetering van de relaties tussen verschillende (stadsvernieuwings)-wijken en tussen verschillende grotere groengebieden als het Park, het Roel Langerakpark en zelfs de recreatiegebieden in Midden-Delfland. Nadrukkelijk werd een ontwerpkader nagestreefd dat de verschillende schaalniveaus overstijgt. Het herinrichtingsplan van Adriaan Geuze van West 8 voor de Aelbrechtskade bleek zo overtuigend dat de gemeente Rotterdam besloot het concept voort te zetten langs de rest van de oostelijke oever van de Delfshavense Schie.

Door Matthijs Bouw - Aan het ontwerp voor het Groninger Museum van Atelier Mendini is een intensieve discussie tussen Ed Taverne, Frank Ankersmit en Frans Haks voorafgegaan. Een centraal thema daarin was dat de geschiedopvatting niet herleid kan worden tot een logische ontwikkeling. Het Groninger Museum is bij uitstek een tractaat over kunst en design in de jaren tachtig, aldus Matthijs Bouw.

Door Janny Rodermond en Harm Tilman - De voortvarendheid waarmee de gemeente Rotterdam werkt aan de vernieuwing van haar verouderde havenareaal tot een internationaal aantrekkelijke bouwlocatie, heeft het project voor de Kop van Zuid een belangrijke plaats bezorgd in het open debat over de ontwikkeling en transformatie van de stad. Bovendien zou de Kop van Zuid als 'sleutelproject' bewijzen kunnen leveren voor de stelling dat het realiseren van een nieuw hoogwaardig stadsdeel in samenwerking met de private sector geen 'wishful thinking' is van een deregulerende overheid. In dit verband zijn de methoden die door de Rotterdamse stedenbouwkundigen worden ingezet in de verschillende fasen van het ontwerp en de uitvoering van dit complexe project van buitengewoon belang. Harm Tilman en Janny Rodermond spitsen hun beschouwing over het planproces toe op het spanningsveld, dat zich bevindt in de overgang van het zorgvuldig opgebouwde stedenbouwkundig kader naar architectonische projecten met een eigentijds programma; een spanningsveld waarin de grootste krachtmetingen plaats vinden tussen overheden, opdrachtgevers en architecten en dat zich vertaalt in een discussie over plinten, schillen en zichtlijnen.

Door Janny Rodermond - Consistentie is kenmerkend voor de reeks recente ontwerpen van Neutelings. Hij profileert zich nadrukkelijk als een architect die concepten wil leveren. Dit ontaardt echter niet in pogingen allerlei vluchtige trends te vertalen in verleidelijke tijdschriftenarchitectuur. Zijn ontwerpen rijgen zich aaneen tot een oeuvre met een evenwichtige kwaliteit, waarin een aantal thema's steeds opnieuw met elkaar vervlochten wordt. Een gedegen gevoel voor esthetiek combineert hij met een onbevooroordeelde houding ten opzichte van de wensen van de opdrachtgever, interesse voor de gebruiks- en belevingswaarde met een rationele analyse van het ontwerpinstrumentarium en ecologische vereisten met de nieuwste inzichten in de bouwtechnologie. Neutelings is een nazaat van Team X èn van OMA, die met een mengeling van lichte ironie en respect de erfenis van de voorvaderen consumeert en uitbreidt.

Door Liesbeth Melis - Op dit moment naderen in Berlijn de laatste IBA-projecten hun voltooiing. Eén daarvan is een woningbouwproject met voorzieningen voor de geallieerden, ontworpen door OMA (Londen), vlak bij de grensovergang Checkpoint Charlie in de Südliche Friedrichstadt. Niet alleen gaf OMA met dit plan een duidelijk kritisch antwoord op de reconstructie van de stad zoals Kleihues zich die voorstelde, maar nam zij als een van de weinige IBA-deelnemers het bestaan van de muur op een vanzelfsprekende wijze op in het plan. Ook als Oost- en West-Berlijn herenigd worden en de muur verdwenen is dan ligt een van de kwaliteiten van dit woningbouwproject in het feit dat hieraan een stuk twintigste-eeuwse geschiedenis afleesbaar is.

Door ir. Joop Niesten - Anderhalf jaar na elkaar werden voor een beperkt budget en binnen recordtijd twee vergelijkbare penitentiaire inrichtingen gerealiseerd: de huizen van bewaring te Grave en Arnhem. Ze zijn door hetzelfde architectenbureau ontworpen en beide gebouwen hebben in principe een kruisvormige plattegrond. Het huis van bewaring in Grave werd ontworpen door Hein van Meer. Het viel zo in de smaak dat er in Arnhem alleen maar een aangepaste uitgave hoefde te worden neergezet. Door veranderingen in de eisen, maar vooral doordat Hein van Meer het maken van het ontwerp overdroeg aan zijn compagnon René van Veen, ziet het Arnhemse gebouw er echter heel anders uit. Lijkt het huis van bewaring in Grave enigszins op een vakantiekolonie, het huis van bewaring in Arnhem is weer een echte gevangenis.

Door Dorien Boasson - In juni 1984 werd de architectenwereld geschokt door een actie van de Haagse wethouder Duivesteijn: om de problemen in de stadsvernieuwing op te heffen —zo heette het— haalde hij de Portugese architect Alvaro Siza naar de Haagse Schilderswijk. Het idee dat een buitenlander beter in staat zou zijn om de achtergronden van de problemen te doorgronden werd algemeen als absurd ervaren. Over het proces waarin de plannen voor deelgebied 5 tot stand zijn gekomen is onlangs door de Projektorganisatie Stadsvernieuwing een boekje uitgegeven.' In dit artikel gaat Dorien Boasson nader in op het uiteindelijk resultaat en in het bijzonder op de bouwplannen van Siza.

Door Janny Rodermond - Dit jaar worden maar liefst drie door Jo Coenen ontworpen gebouwen in gebruik genomen: het Stadskantoor in Delft, een gezondheidscentrum in Eindhoven en een horecavestiging in Almere. Daarnaast is ook een tot bank verbouwde stadsvilla in Venlo gereed gekomen. Vier totaal verschillende gebouwen, waarin ondanks de caleidoscoop van er in verwerkte architectuurcitaten —of juist daardoor— het handschrift van Coenen herkenbaar blijft. Nu vier forse ontwerpen gerealiseerd zijn, is het mogelijk om de resultaten te toetsen aan de in het verleden gepresenteerde uitgangspunten. Het gaat bij Coenen nog steeds om de continuïteit van de architectuur en in toenemende mate om de vernieuwing van de architectuur.

Door Janny Rodermond - Met veel verve heeft Rotterdam onlangs het Binnenstadsplan '85 gepresenteerd. Terwijl in Amsterdam nog gewerkt wordt aan de afwikkeling van de Oosterdok-prijsvraag, waaruit stimulerende ideeën voor de ontwikkeling van de binnenstad geoogst moeten worden, rollen in Rotterdam de bouwplannen al van de lopende band. Alsof er geen financiële beperkingen meer zijn. Een dergelijk, al dan niet oprecht optimisme heeft z'n charme, maar wordt vooral ook toegepast om het uitstekende vestigingsklimaat van de Rotterdamse binnenstad te etaleren. Er moeten immers nogal wat geldbronnen aangeboord worden om de talloze bouwplannen te realiseren.

Door Cees Zwinkels - Op 20 maart jongstleden werd met enig feestvertoon het Eindhovense multifunctionele wijkcentrum 't Karregat heropend. Dat wil zeggen: het commerciële gedeelte ervan, wat onder beheer staat van AMRO-Projectontwikkeling. De in het gebouw ondergebrachte scholen - te beschouwen als het meest experimentele onderdeel van het geheel waren al eerder grondig verbouwd. Met deze ingrepen is de openheid die 't Karregat oorspronkelijk kenmerkte tot minder dan de helft teruggebracht. Toch mag men hieraan niet de conclusie verbinden dat het zonder meer een mislukking is geworden, zoals hier en daar simpelweg wordt gesteld, 't Karregat was een veelzijdig experiment, te vergelijken met een ongetemde rivier: door de verbouwingen is deze nu 'genormaliseerd' en gekanaliseerd. De gevaren van het buiten de oevers treden zijn verdwenen. Tegelijkertijd helaas ook een deel van de natuurlijke kracht en charme.

Cees Zwinkels - Nog voor dat prof. ir. Carel Weeber zijn opvattingen over stedenbouw wereldkundig maakte was hij er in zijn werk als architect al mee bezig. Zijn zgn. Arenaplan te Alphen a/d Rijn heeft, hoewel een duidelijk architectuurplan, een opvallende stedenbouwkundige component. Weeber realiseerde in Alphen eerder een woningbouwproject en zal waarschijnlijk binnen afzienbare tijd een derde project van start zien gaan. Het Arenaplan ligt zowel ruimtelijk gezien, als in de tijd tussen die andere twee in. In dit artikel zal ook het Arenaplan centraal staan. Behalve de andere Alphense projecten komt nog een plan van Weeber in Zoetermeer ter sprake.

Terwijl Mona Keijzer 1250 euro per woning wil besparen door de minimale plafondhoogte van 2,60 meter te verlagen naar 2,50 meter en de minimale deurhoogte van 2,30 naar 2,10, publiceert de redactie van de Architect deze week twee woonhuizen met hoge vides, enorme schuifdeuren en scharnieren die groter zijn dan je onderarm. De ontwerpkracht die Tim Rogge en Wim Aardenburg tonen is ongekend.

De Koninklijke Bibliotheek in Den Haag staat op de lijst voor sloop. Arjan den Boer houdt even pauze, zodat de hele zaal dit gegeven tot zich kan laten doordringen. Om zijn verhaal te vervolgen met: 'Ik vind het vreemd dat de Koninklijke Bibliotheek, die zich het geheugen van Nederland noemt, zo'n iconisch gebouw wil slopen. […] Het is ook niet zo dat zij al hun boeken uit de jaren tachtig in de container stoppen.'

Hoe kan het toch dat de culturele waarde van architectuur op dit moment niet genoeg wordt gewaardeerd? Deze vraag stelde Charlotte Thomas aan Barbara Luns, directeur van Architectuur Instituut Rotterdam. Ze had een verrassend antwoord: het publieke gesprek over architectuur is verstomd en daarmee het draagvlak.

Architecten worden niet opgeleid om te ontwrichten of verwoesten. Maar hun vakgebied wordt door anderen wel ingezet om menselijke relaties te vernietigen. Arna Mačkić noemt dit 'architectural disaster'. En ze vindt het tijd dat architecten zich hiervan bewust zijn. Zo schrijft ze in haar essay.

Hoe heeft het architectuurbeleid in Nederland - van de eerste architectuurnota in 1991 tot het failliet van Architectuurlokaal dit jaar - zich ontwikkeld? En wordt met de verkiezingsuitslag van vorige week het beleid helemaal de nek omgedraaid?