Groeten uit China
Shijiazhuang
Meneer Sun op zijn daktuin
Verhuizen van het platteland naar de stad zonder ook maar een centimeter op te schuiven – in China kan het. In het centrum van Shijazhuang, de snelgroeiende hoofdstad van de provincie Hebei, maakten we kennis met meneer Sun, een pezige en energieke zestiger die ons gastvrij ontving in zijn excentriek ogende woonkamer.
Gigantische afbeeldingen van de koene helden en heldinnen uit fantasy games bedekten de muren. ‘Tot voorkort verhuurde ik dit aan een internetcafé’, zei Sun. ‘Zelf woonden we op de derde verdieping.’
Hoe anders zag zijn leven er twintig jaar geleden uit, toen hij op dezelfde plek een boerderijtje had. Sun verbouwde groente en hield een varkens en wat kippen die, zoals de traditie wil, steevast rond Chinees Nieuwjaar werden geslacht voor een feestmaal.
Halverwege de jaren negentig slokte de stad het boerendorp op. Landweggetjes veranderde in drukke autosnelwegen. De akkers werden, ondanks heftig protest, omgebouwd tot golfbaan voor de nouveau riche. De ongeschoolde agrariërs moesten op zoek naar ander werk.
Zo verhuisde Sun, zonder te bewegen, van een arm plattelandsdorp naar het centrum van een ontluikende metropool. Hij besloot het compensatiebedrag voor de landonteigening in te zetten voor het bouwen van een droomwoning die hij zelf ontwierp: een vier etage tellend gebouw van 800 vierkante meter.
Intuïtief heeft de selfmade architect de agenda van hedendaagse architectuur verwerkt in zijn gebouw. Een slimme stapeling van verschillende programma’s met bovenop een isolerende daktuin, die dienst doet als biologische akker voor sla, granaatappelbomen en komkommers. ‘Urban farming’ als logisch gevolg van een boer die zijn land is kwijtgeraakt. De nieuwe akker op het dak biedt uitzicht op zijn oude land: de golfbaan.
Als deze column verschijnt, bestaat het huis niet meer. Opnieuw eist de voortschrijdende stad haar tol: hier verrijst Wanda Plaza, een commercieel vastgoedproject met luxe winkelketens en dito woningen. Een achteruitgang, vindt Sun.
‘Als ik in een slecht huis zou wonen, dan snap ik dat het moet verdwijnen’, zei hij met ingehouden woede. ‘Maar dit is een prachtig huis. Ik woon hier tevreden.’
Het volledige artikel verscheen eerder in de Architect, nummer 10, 2009.

