artikel

Casus hergebruik: Bestaande bouwmaterialen op andere locatie

Techniek

Casus hergebruik: Bestaande bouwmaterialen op andere locatie

De circulaire bouwketen gaat uit van hergebruik van bestaande materialen. Hoe zit het dan met de garanties en risico’s? Aan de hand van drie casussen onderzocht ABT de herbruikbaarheid van verschillende bouwproducten. Bij het ontwerp voor de nieuwbouw voor ggz-instelling Emergis wordt gewerkt met 30 tot 40 procent materiaal uit bestaande gebouwen. Bovendien wordt er rekening mee gehouden dat ook dit niet de eindbestemming van het materiaal is.

Bij de nieuwbouw van de kinder- en jeugdkliniek van ggz-instelling Emergis in Kloetinge wordt het materiaal hergebruikt dat afkomstig is uit het voormalige districtskantoor van Rijkswaterstaat in Terneuzen. De gevel, bestaande uit houten buitenramen en -kozijnen en shingles, wordt niet weggegooid maar hergebruikt, evenals de houtconstructie, houten vloerdelen, deuren en straatklinkers. De shingles gaan zelfs hun derde leven in. Voor de toepassing in het Rijkswaterstaat-kantoor zijn namelijk houten meerpalen verzaagd tot shingles.

Werkleerbedrijf

Het streven is zo veel mogelijk materialen her te gebruiken. Op dit moment wordt in het ontwerp ongeveer dertig tot veertig procent van de materialen uit het oude kantoor hergebruikt in de nieuw te (ver)bouwen kliniek. Deze materialen zijn opgeslagen bij WLB De Ambachten in Middelburg. Bij dit werkleerbedrijf werken mensen voor wie het niet vanzelfsprekend is een baan te hebben of een opleiding te volgen.

Emergis ontwerp

De medewerkers van WLB De Ambachten verzorgen de materialen en bewerken ze – op instructie van architect Taco Tuinhof (Rothuizen Architecten) – zodat ze bij de bouw gebruikt kunnen worden. Ook de overige materialen uit het kantoor gaan niet verloren. Het bedrijf New Horizon heeft alle materialen uit het gebouw ‘geoogst’ en zorgt ervoor dat deze worden opgeslagen en elders ondergebracht. Dit kan ertoe leiden dat tachtig tot negentig procent van de materialen van het oorspronkelijke Rijkswaterstaat-kantoor een nieuwe bestemming krijgt.

Kwaliteit

Om de kwaliteit en toepassingsmogelijkheden van de materialen te bepalen, is een eerste inventarisatie gedaan op de beschikbare materialen. Vervolgens is een ontwerp gemaakt met de materialen die geschikt bleken te zijn. Er zijn overspanningen gemaakt van zestien meter. Dit wordt gerealiseerd door twee bestaande houten balken slim te koppelen. In de detaillering is rekening gehouden met de benodigde maattoleranties.

De houtkwaliteit is vastgesteld. Vanuit constructieve veiligheid is in de berekening uitgegaan van een mindere kwaliteit, waarmee wat extra reserve wordt gecreëerd in de draagconstructie. Bovendien is meer materiaal beschikbaar dat kan worden ingezet, als bij de tweede inventarisatie blijkt dat de kwaliteit toch niet voldoende is.

En de garantie…?

Extra interessant is de wijze waarop in dit project gekeken wordt naar de garantie. In het ontwerp is volledig rekening gehouden met het uitgangspunt dat Kloetinge niet de eindbestemming is van deze materialen. Alle materialen staan gedocumenteerd in een materialenpaspoort en zijn voorzien van een montage-/sloophandleiding.

Bij een toekomstige demontage is duidelijk wat gebruikt is en hoe het object gedemonteerd kan worden. Hierover worden nu ook afspraken gemaakt met leveranciers van nieuwe materialen. Het voorstel is dat zij het materiaal na twintig jaar terugnemen. Bovendien geldt als vertrekpunt dat ‘tweedehandsmaterialen’ mogen worden geruild als ze stukgaan. Een kapot scharnier kan dus gewoon bij New Horizon worden vervangen.

 

Dit artikel is een casus uit het hoofdartikel

Circulair bouwen in de praktijk: garanties en risico’s hergebruik.

 

Bekijk ook de andere twee casussen

 

Reageer op dit artikel