blog

Interieur Maaskant sneuvelt

Interieur

Op 24 februari zal de lobby van het Hiltonhotel in Rotterdam opnieuw worden ingericht. Het interieur van Hugh Maaskant uit 1964 is volgens de hotelketen niet meer van deze tijd. Een nieuw, generiek ontwerp neemt de plaats in van de specifieke international style van Maaskant. Een spontaan opgericht initiatief tot een dialoog met het Hilton kon dit helaas niet voorkomen.

Interieur Maaskant sneuvelt

Toen de hotelmanager van het Hilton de groep bezorgde architecten en architectuurhistorici, waar ik deel van uitmaakte, vertelde dat op 24 februari de lobby zou worden verbouwd, sloeg de hoopvolle stemming om in teleurstelling: “We zijn dus te laat.”

Eind januari dit jaar leidde het nieuwe ontwerp voor de lobby, dat op grote borden in het hotel te zien is, in architectuurkringen tot ongeruste reacties: mocht dit bijzondere interieur van Maaskant, dit belangrijke culturele erfgoed, zomaar worden gesloopt? Voor TV Rijnmond waarschuwde architectuurhistoricus Michelle Provoost dat “een van de meest legendarische sixties interieurs van Nederland zal verdwijnen achter generieke hotelmaterialen en meubelen”.

Eropaf

Naar aanleiding van het betoog van Provoost schreef ik op 19 januari een nieuwsbericht over de zaak. Het zwengelde de lopende discussie in Rotterdam verder aan, die op Twitter leidde tot het initiatief om de dialoog met het Hilton aan te gaan. Zou het interieur nog te redden zijn?
De Rotterdamse interieurarchitect Marly Weemen maakte een afspraak met het Hilton. Samen met Provoost, Weemen, architect en initiatiefnemer van de Reprint Maaskant-actie Paul Kroese en architectuurhistoricus en mede-oprichter van de stichting Comité Wederopbouw D’Laine Camp (architect Ira Koers ontbrak wegens ziekte), toog ik naar het Hilton voor een gesprek met hotelmanager Jan Rutgers.

Van belang voor de stad

Met het Hilton kreeg Rotterdam in 1958 een hotel dat paste bij de ambities van de destijds grootste havenstad ter wereld. Met de vijfhonderd bedden werd de capaciteit van de Rotterdamse hotels verdubbeld, waarmee de Hotel Urgentie Commissie zijn doel bereikte.

Het was het eerste hotel dat architect Hugh Maaskant ontwierp. Samen met F.W. de Vlaming, gespecialiseerd in hotelontwerpen en luxueuze passagiersschepen, zette hij een gebouw neer in de toenmalige American luxury hotel style: kleine, uniforme kamers, grote publieke ruimtes en een perfecte service. Volgens Hilton moest ieder hotel een mix zijn van Amerikaanse lifestyle en elementen van de lokale cultuur.

Fantasiewereld

Maaskant had niets op met Hollandse oubolligheid en realiseerde een wereldse omgeving met ‘hotellish’ materialen als marmer, glas, staal en goud. Net als opdrachtgever Conrad Hilton beschouwde Maaskant een hotel als een fantasiewereld, waar de bezoeker het alledaagse leven kon ontstijgen: “een vrouw die er binnenkomt moet er zich opnieuw bemind – en een man zich een man van de wereld voelen.”

Een van de blikvangers in de lobby, naast het glazen kunstwerk van Joop van den Broek, die de verwoesting en wederopbouw van Rotterdam verbeeldt, is de open trap. Deze oogt “als een gevouwen vloerplaat die met een vrije sprong de verdieping bereikt, door alle storende elementen als ondersteunende kolommen en balustrade zo onopvallend mogelijk te maken”, schrijft Provoost in haar boek Hugh Maaskant, architect van de vooruitgang.

Foto’s van de Facebookpagina van Michelle Provoost, met boven het bestaande interieur van de lobby door Hugh Maaskant, onder beelden van hoe het zal worden.

Te donker

Op 9 februari ontvangt hotelmanager Jan Rutgers ons hartelijk en neemt alle tijd om te vertellen over de verbouwingsplannen en de filosofie van Hilton. ‘Zijn’ hotel is een van de weinige gebouwen is die het concern zelf bezit, de meeste andere hotels zijn gevestigd op gehuurde locaties. Daarom maakt het Hiltonmanagement in de Verenigde Staten het forse bedrag van 35 miljoen euro vrij voor de verbouwing. De kamers en de publieke ruimtes waren hoognodig aan vernieuwing toe; zo werd de lobby als te donker ervaren, is deze onhandig ingedeeld en te weinig uitnodigend. Bovendien zijn de winkelruimtes in de plint aan de Weena-zijde tegenwoordig niet meer te verhuren, zodat ze bij de lobby zijn te trekken.


De bestaande receptie. Foto Paul Kroese.

Maaskant ingepakt

Tijdens de pitch voor een nieuw ontwerp, waar ook Mecanoo aan meedeed, viel het voorstel van het Britse architectenbureau RPW bij Hilton in de smaak. Tijdens de gesprekken daarna vroeg Rutgers of de trap en glazen wand behouden konden blijven, maar liet RPW verder volledig vrij.
Het resultaat is een ontwerp dat niet aansluit op het bestaande interieur, maar de sfeer van de jaren dertig oproept. Op visuals is te zien dat de trap van Maaskant is ingepakt en dat de marmeren kolommen met spiegels een houten bekisting krijgen. De receptie is naar achteren verplaatst, waardoor een wand van Maaskant wordt gesloopt. Bar en restaurant verhuizen naar de ruimtes achter de lobby en krijgen een eigen ingang aan de West-Kruiskade.

Vragen van Rutgers aan RPW waarom de trap zo is behandeld, werden afgedaan met het argument dat de bestaande situatie niet in het ontwerp past. Tijdens het gesprek met Rutgers, die overduidelijk trots is op zijn gebouw, rijst bij ons het beeld van een ontwerpbureau dat amper luistert naar de opdrachtgever en koste wat kost de eigen visie doordrukt.

Dichtgeslibd

In mijn optiek laat het Hilton een buitenkans liggen. Ik begrijp dat er iets moet gebeuren om de internationale concurrentie aan te kunnen en om efficiënt te renderen. Helaas zijn de ingrepen in de publieke ruimtes iets te rigoureus. Er is niets mis met de basis van Maaskant, het interieur is alleen in de loop der jaren dichtgeslibd. Goed voorbeeld daarvan is de IKEA-kast (!) die als vitrine onder de trap is geplaatst. “Zou je de ‘ruis’ niet kunnen verwijderen, kijken wat je hebt en dat gebruiken?”, stelde Camp voor tijdens ons gesprek. “Natuurlijk hoef je geen glazen stolp over een interieur te zetten, maar je kunt wel doorontwerpen vanuit de bestaande situatie, met het behoud van de kwaliteiten.”

Het luxueuze interieur van Maaskant is in de loop der jaren dichtgeslibd. Foto Paul Kroese.

Authenticiteit

Met het nieuwe interieur mikt het Hilton namelijk op de medewerkers van de omringende kantoren, maar ook op bezoekers van het International Film Festival Rotterdam en North Sea Jazz, de schouwburg en de Doelen. Zou deze cultureel-zakelijke doelgroep het originele interieur van Maaskant niet begrijpen of niet aantrekkelijk vinden? Ik ben het eens met Provoost, die betoogt dat sinds de tv-series Mad Men en Pan Am de vormgeving en mode van de jaren zestig opnieuw erg populair is. En zeker bij deze doelgroep.

Daarnaast is authenticiteit een groot goed geworden in de huidige beleveniseconomie: dit unieke interieur is onmiskenbaar verbonden met de plek en daarom zeer betekenisvol. Niet alleen voor de Rotterdammers zelf, maar ook voor Amerikaanse toeristen. Het belicht immers niet alleen de Rotterdamse historie, maar ook die van het Amerikaanse hotelconcern zelf.

Kansen

Los van de ontwerpkwesties, ligt er nog een prangende vraag. Waarom voelt de gemeente Rotterdam zich niet geroepen iets te doen? Samen met de hotelkamers van De Rotterdam van OMA, de SS Rotterdam en Hotel New York, vormt het Hilton een hotelaanbod om trots op te zijn. Bovendien kan het Hilton straks profiteren van de nieuwe energie die rondom het Weena ontstaat, als het nieuwe Centraal Station af is en de Hofbogen verder zijn ingevuld.

De trots op het interieur van Maaskant kan worden ingezet voor een fraai staaltje citymarketing, denken wij. “Het Hilton is een van de weinige overgebleven commerciële gebouwen uit de wederopbouwperiode, waarvan het interieur nog grotendeels intact is”, zegt Marly Weemen. “Bovendien is het een typisch Rotterdams product: het ontwerp is van een Rotterdammer, een Rotterdams bedrijf verzorgde al het natuursteen in het interieur. Is dat niet Dutch Design avant la lettre?” Helaas is van de zijde van de gemeente helemaal niets vernomen over deze kwestie. Zou wethouder Hamit Karakus, die het startschot gaf voor de verbouwing, wel weten wat hij precies laat gaan?

Gebrek aan kennis

Met achterlating van onze contactgegevens, voor het geval hij nog ruggespraak wil tijdens de verbouwing van de lobby, nemen wij afscheid van hotelmanager Rutgers. We hebben het gevoel dat als Rutgers meer had geweten over het ontwerp van Maaskant, hij een betere opdracht had kunnen uitgeven aan het Britse architectenbureau. Dit onderstreept opnieuw het belang van kennis en informatie over modern cultureel erfgoed.
Reden te meer om de Reprint Maaskant-actie* van Paul Kroese en Michelle Provoost te steunen. De publicatie van Provoost uit 2003 is niet meer te krijgen en door zich in te spannen voor een internationale heruitgave, willen zij opnieuw aandacht vragen voor het belang en de betekenis van modern cultureel erfgoed en de mogelijkheden daarvan voor de toekomst.

Lot van het interieur?

De lobby van Maaskant, die niet meer in de huidige tijdgeest lijkt te passen, is natuurlijk niet het enige ‘historische’ interieur dat sneuvelt. Misschien is dit nu eenmaal het lot van interieurs? Zijn ze lastiger te behouden dan een exterieur? Interieurs zijn immers sterker aan mode en trends onderhevig dan de buitenkant van een gebouw en vallen dus eerder ten prooi aan vernieuwingsdrang. Vooral de interieurs uit de wederopbouwperiode verdwijnen een voor een. Als interieurhistoricus Barbara Laan terug is van skivakantie, zal ik haar daarover interviewen voor een volgende blog.

*Reprint Maaskant is een speciale actie op Facebook en LinkedIn, voor support van de internationale heruitgave van het boek Hugh Maaskant, architect van de vooruitgang door Michelle Provoost (uitgeverij 010, Rotterdam, 2003).  

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels