nieuws

De belangrijkste cijfers uit het BNA benchmark

Geen categorie

Elk jaar publiceert de BNA een benchmark-onderzoek over de stand van zaken in de Nederlandse architectenbranche. Voor het eerst sinds 2008 zijn echt positieve ontwikkelingen te constateren over de resultaten bij architectenbureaus. We belichten de vijf meest opvallende: werken in het buitenland, toegenomen rendement, woningbouw, positie in het bouwproces en toename werkvoorraad.

De belangrijkste cijfers uit het BNA benchmark

Het Benchmark onderzoek wordt jaarlijks uitgevoerd door BNA onder haar leden. Deze kunnen hieraan meewerken door een vragenlijst in te vullen. Het doel is om een overzicht te krijgen van de algehele architectenbranche. Ook dit jaar zijn er weer een aantal interessante ontwikkelingen die eruit kunnen worden gelicht, waarvan het toegenomen rendement wel de belangrijkste is.

Ontwikkeling 1: Werken in het buitenland

Vooral grote bureaus doen het de laatste jaren goed in het buitenland, valt te lezen in het BNA Benchmark-onderzoek. Terwijl buitenlandse projecten voor de totale branche slechts 3,2% van de omzet betreffen, gaat het bij grote bureaus om 32% van de omzet, met uitschieters van 80%. OMA, Benthem Crouwel, Mecanoo, KCAP, MVRDV en West 8 vallen bijvoorbeeld in die categorie. Nathalie de Vries, voorzitter van de BNA en partner van MVRDV, wijst in het FD op uitzonderingen als Next en BKVV; relatief kleine bureaus die toch megaprojecten doen in het buitenland.

Overigens haalt de Nederlandse architect 44% van zijn buitenlandse omzet buiten Europa, België en Frankrijk zijn ieder goed voor 28%, Duitsland voor 14%.

Nederland zit volgens BNA directeur Fred Schoorl stevig in de kopgroep als het gaat om architecten die werken in het buitenland. De oorzaak zit hem in de ‘Dutch Twist’ die Nederlandse architecten weten te incorporeren in het ontwerpwerk. De Vries; “Van Nederlandse architecten krijg je geen blikvanger op bestelling, maar een antwoord op een vraag.”

 
In welke landen zijn Nederlandse architectenbureaus actief (in % van bureaus die in het buitenland actief zijn)

Ontwikkeling 2: Toegenomen rendement

Terwijl de omzet in de branche slechts marginaal is toegenomen ten opzichte van 2013, is het rendement fors gestegen, van 1,5% in 2013 tot 8,2% in 2014. Een ‘veilige marge’, aldus de BNA.
De reden van het toegenomen rendement is volgens de BNA te vinden in slimmere bedrijfsvoering. Veel bureaus hebben hun huisvestingskosten verlaagd, ondersteunende functies gereduceerd en hun debiteurenbeheer verbeterd. Ook zijn bureaus er beter in geslaagd hun capaciteit af te stemmen op het werkaanbod. Zij werken vaker met parttime medewerkers en met een flexibele schil. “Als de sector nu weer geraakt wordt door een crisis, is die daar beter tegen opgewassen”, zegt Schoorl tegen het FD.

 

Operationele kosten resultatenrekeningen

Ontwikkeling 3: Woningbouw

Ongeveer 50% van de omzet in de architectenbranche was in 2014 afkomstig uit de woningbouw, een relatief stabiel percentage. Maar als we kijken naar het totaal aantal euro’s dat er aan omzet gedraaid wordt, is de markt aanzienlijk kleiner dan jaren geleden. Ter vergelijking: in 2008 was de woningbouw goed voor bijna 800 miljoen euro, in 2014 was dat de helft, 400 miljoen euro.

 
Verdeling netto omzet naar sector in %

 
Omzet per sector in euro’s

Overigens verklaart het grote deel woningbouw ook de prominente positie van particuliere opdrachtgevers in de architectenbranche. Ze veroveren hiermee vooral terrein op de overheid en de corporaties, die vorig jaar minder opdrachten uitschreven.

 
Verdeling netto-omzet naar opdrachtgever in %

Ontwikkeling 4: Positie in het bouwproces

Architecten mogen weer meer doen van hun opdrachtgevers. De zogenoemde ‘kale’ opdrachten worden sinds 2013 minder uitgeschreven. Vooral kleine bureaus houden zich nog bezig met opdrachten van ontwerp tot bouwaanvraag, grotere bureaus ontfermen zich steeds vaker ook over de directievoering en andere deelopdrachten.

 
Verdeling netto omzet naar positie van architect in project in %

Ontwikkeling 5: Toename werkvoorraad

Uit onderzoek van de BNA begin van het jaar wordt duidelijk dat het werk van architectenbureaus voor het eerst sinds 2008 structureel toeneemt. Dit betekent een einde aan jarenlange dalende trend. Begin dit jaar bracht de branchevereniging dit nieuws naar buiten. De stijging van de gemiddelde werkvoorraad begon eind 2014 en in het voorjaar 2015 was deze gemiddeld 4,3 maanden. Een half jaar eerder was dit nog 3,5 maanden.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels