nieuws

Deel 2/3: CIAM 4. De stad door het prisma van de moderne tijd.

Geen categorie

In aanloop naar het grote tweedaagse CIAM4-congres dat op 28 en 29 oktober plaatsvindt in Het Nieuwe Instituut te Rotterdam, is in het septembernummer van de Architect een uitgebreid artikel verschenen over dit belangrijke moment in de architectuurgeschiedenis. Het artikel door architectuurhistoricus Evelien van Es nuanceert het beeld dat veel mensen hebben van de CIAM – en dan specifiek het vierde congres dat over de functionele stad ging. Het artikel wordt deze week in drie delen op productie.dearchitect.nl gepubliceerd. dit is deel 2.

Deel 2/3: CIAM 4. De stad door het prisma van de moderne tijd.

Verscheidenheid in eenheid

De standaardisatie bleek echter minder succesvol dan verwacht. Ondanks de strikte richtlijnen bestond grote variatie. De kaarten laten zien dat de eigentijdse omstandigheden in de verschillende delen van de wereld bepaald niet homogeen zijn. De analyses toonden aan dat de culturele achtergrond en expertise van de makers van invloed zijn, evenals de nationale, of plaatselijke omstandigheden. Bovendien waren niet alle CIAM-afdelingen even actief. Sommige afdelingen verrichtten intensief onderzoek naar meerdere steden in eigen land. Andere afdelingen beperkten zich tot één stad, meestal de hoofdstad. Van deze verscheidenheid in eenheid zijn voorbeelden te over die door de verschillende onderzoekers op verhelderende wijze in kaart zijn gebracht.

Zo werden de steden in België, het dichtstbevolkte land ter wereld, niet afzonderlijk geanalyseerd maar als een groep van steden. De analyse van het conglomeraat Antwerpen, Brussel en Charleroi dat zijn lineaire vorm ontleende aan de infrastructurele verbindingen, was geïnspireerd op de lineaire stad van Nikolaj Miljutin en de op de regio georiënteerde benadering van Patrick Geddes. Daarentegen viel de analyse van Parijs op door de sterke detaillering ervan: straten, avenues, boulevards en de belangrijkste openbare gebouwen zijn in de kaarten duidelijk te herkennen. De schaal van de Belgische en Parijse analyse was echter dezelfde.

Vaak kleurden politieke voorkeuren de inbreng van de verschillende CIAM-afdelingen. Vooral de Tsjecho-Slowaakse CIAM-afdeling blonk uit in politiek radicalisme. De Tsjecho-Slowaken bekritiseerden het concept van de Functionele Stad, omdat ze meenden dat de stad geen functies heeft en alleen bestaat voor het nastreven van winst. De analyse van Praag biedt dan ook weinig extra informatie. De inbreng van de Italiaanse CIAM-afdeling getuigt evenmin van diepgaande betrokkenheid met de Functionele Stad. De Italianen hadden weliswaar veel steden in kaart gebracht, maar toonden hierin meer aandacht voor de historische binnenstad dan voor de infrastructuur. De Italiaanse CIAM-leden waren allen lid van een fascistische instelling en de meesten hadden Mussolini meer dan eens ontmoet. De Italianen weken sterk in mening af van de links georiënteerde CIAM-leden, vooral met betrekking tot grondbezit.

Politiek ongunstige ontwikkelingen in eigen land bemoeilijkten soms de deelname aan het congres. De Duitse afdeling leed onder de machtsovername van Hitler: het Bauhaus in Dessau werd gesloten; de door de nationaalsocialisten gecontroleerde gemeentelijke diensten weigerden de benodigde informatie voor de analyses te verschaffen; bovendien verlieten vooraanstaande leden als Walter Gropius en Ludwig Mies van der Rohe Duitsland waardoor de Duitse CIAM-afdeling flink was uitgedund.

De Hongaarse CIAM-leden zat het ook niet mee. Zij konden hun analyse van Boedapest niet toelichten, omdat ze door een tentoonstelling over slechte woonomstandigheden in eigen land in opspraak waren geraakt. Vanwege het tegen hen aangespannen proces mochten zij Hongarije niet verlaten.

Soms waren de redenen voor een afwijkende inbreng pragmatisch. De Britse CIAM-afdeling, de MARS Group, werd pas in april 1933 gevormd. Veel tijd om analyses volgens de richtlijnen te maken was er niet. Bovendien maakte de MARS Group het zich niet gemakkelijk om Londen in kaart te willen brengen. Uiteindelijk werd alleen het thema ‘verkeer’ uitgewerkt, omdat die informatie eenvoudig te verkrijgen was. En toen was het nog een enorme klus om de kaart (drie bij drie meter) bijtijds te voltooien.

De Amerikaanse inbreng laat zien dat de steden in de Verenigde Staten in veel opzichten van de Europese steden verschilden. Autogebruik leidde in het interbellum al tot spitsfiles, wat in Europa nog ongekend was. Los Angeles was de meest uitgespreide stad van alle door CIAM 4 geanalyseerde steden. Het grondgebied besloeg destijds zo’n 100 bij 120 kilometer. Richard Neutra liet weten dat hij de kaart op een kleinere schaal zou maken, omdat de kaart van Los Angeles volgens de richtlijnen zes bij zes meter zijn. De maker van de analyse van Detroit kon met het onderscheid tussen wijken voor de arbeidersklasse en de middenklasse niet uit de voeten, omdat dankzij Henry Ford dat onderscheid in Detroit niet bestond.

Wat uit de methode van de vergelijkende analyse meteen opvalt, is dat het werkveld van de stedebouw al in de jaren dertig van de vorige eeuw enorm complex en divers was. De analyses laten verschillende vormen van realiteit zien waarin visie en projectie met elkaar zijn versmolten. Zo probeerden de CIAM-leden direct al een agenda op te stellen die de orde van de moderne planning in de alledaagse praktijk van de stedebouw zou verankeren. Een planningsmethode gebaseerd op een kritische analyse van de bestaande stedebouwkundige constructie waarin het verband tussen de vorm en de functies wordt verduidelijkt en die in staat stelt om eisen te kunnen formuleren.

Veel CIAM-leden wilden namelijk niets liever dan de beginselen voor wereldwijde moderne stedebouw in een charter vastleggen. Le Corbusier had het congres ingeleid met de vraag hoe metaal uit erts moet worden gewonnen. Het antwoord had hij paraat; de stad moest gezien worden door het prisma van de moderne tijd. ‘Dit prisma zal een speciaal licht werpen, het licht van Congrès Internationaux d’Architecture Moderne.’

De bevindingen van het congres zijn uitgewerkt tot een collectief statement: de conclusies. Hierbij moet wel worden aangemerkt dat de conclusies gebaseerd zijn op de analyses van achttien steden in elf Europese landen. De analyses van zestien steden in zeven landen, waaronder de Amerikaanse en Aziatische steden, kwamen tijdens het congres niet aan bod. De conclusies zijn dus gebaseerd op een onderlinge vergelijking van een relatief homogeen fenomeen: de Europese stad. De conclusies bieden richtlijnen voor een stedebouwkundige basis en hun onderlinge verhouding, ze geven pertinent geen instructies voor de ruimtelijke structuur en de architectonische invulling van de stad.

CIAM4-congres

De feestelijke presentatie van Atlas of the Functional City. CIAM 4 and Comparative Urban Analysis wordt geflankeerd door een twee dagen durend event. In Het Nieuwe Instituut in Rotterdam wordt op 28 oktober een symposium georganiseerd dat zich toespitst op archiefonderzoek als instrument in kennisproductie. Op 29 oktober organiseert het Amsterdam Institute for Advanced Metropolitan Solutions (AMS) in het Koninklijk Instituut voor de Tropen in Amsterdam het seminar ‘Mapping the City’ dat een kritisch perspectief op het thema mapping zal bieden. Meer informatie is te vinden op www.ciam2014.com. Aanmelden kan via deze link.

 

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels