nieuws

Verslag Architectendagen Bouwbeurs

Geen categorie

De eerste architectendag op maandag 5 februari op de Bouwbeurs in Utrecht stond in het teken van Ruimte en materiaal. Onder auspiciën van de redactie van de Architect bespraken drie architecten en één constructeur hun visie op dit onderwerp aan de hand van praktijkvoorbeelden.

Jeroen Geurst, van Geurst en Schulze architecten, legde in zijn verhaal de nadruk op de materialisering van de gevel. Deze is in de ontwerpopvatting van het architectenbureau erg belangrijk, omdat het de vormgever is van de relatie tussen privé en openbare ruimte. Het architectenbureau signaleert de opkomst van een overvloed aan materialen, onderhevig aan modes en oorzaak van een rommelig, heterogeen straatbeeld. Om hier een tegenwicht aan te geven, wordt in de gevel met een beperkt materialenpakket gewerkt. Baksteen en natuursteen hebben de voorkeur omdat deze materialen aansluiten bij bestaande gebouwen. 

Ook Penne Hangelbroek, werkzaam bij Rapp + Rapp, sprak zijn voorkeur uit voor baksteen. Voor elk project waar dit bouwmateriaal toegepast wordt, maken de architecten een zorgvuldige afweging welke soort gebruikt moet worden en welk formaat de steen moet hebben. Hun specifieke eisenpakket heeft bij een aantal projecten geleid tot maatwerk, waarbij de stenen werden geproduceerd volgens hun specificaties. Ter afsluiting werd een fragment getoond uit de film My Architect, waarin de Amerikaanse architect Louis Kahn zijn studenten waarschuwt: “Honour the material you use.”

Na de pauze illustreerde Christiaan Deboutte van META architectuurbureau de stand van zaken in de Belgische bouwpraktijk aan de hand van projecten van zijn bureau. In hun materialisering streven ze vaak naar minimalistische oplossingen. Het “ruwbouw = afbouw” principe resulteert in interieurs waar het kale beton zichtbaar is. Deze imperfecte afwerking is een strategie om veroudering tegen te gaan. Naast een esthetisch beeld, zorgt deze aanpak voor een economisch en een ecologisch voordeel: het kale beton absorbeert de warmte die in het gebouw wordt geproduceerd, waardoor kan worden bespaard op kosten voor koeling en de daarvoor benodigde installaties en verlaagde plafonds. 

De dag werd afgesloten door Gerard Doos van constructiebureau ABT. Hij pleitte voor een integrale aanpak van de ontwerpopgave. Het is de rol van de constructeur om keuzes inzichtelijk te maken. In samenspraak met de architect kunnen vervolgens ontwerpbeslissingen worden genomen die het architectonische beeld versterken. Dit werd geïllustreerd aan de hand van de Universiteitsbibliotheek in Utrecht van Wiel Arets, waar ABT als constructeur bij betrokken was. Doos maakte het publiek duidelijk dat nauwe samenwerking tussen bouwpartners de enige manier is om de visie van een architect met betrekking tot materiaal en detaillering te realiseren.

Architectendag Licht en Architectuur 

Het thema Licht en Architectuur trok afgelopen woensdag een nog vollere zaal dan bij de eerste architectendag. Beide architectendagen zijn door de Architect georganiseerd in het kader van de Bouwbeurs en vonden plaats op de Bouwbeurs. Lichtontwerper Rogier van der Heide (ARUP), een van de sprekers, bleek aangenaam verrast en bedankte de aanwezigen voor hun massale opkomst. De vraag die Harm Tilman vooraf aan de sprekers stelde is: “hoe wordt licht ingezet bij het ontwerpen van een gebouw en wat is de rol van de lichtontwerper?”

Voor Arjan Dingsté (UNStudio) is licht een belangrijk begrip in het vocabulaire van het bureau. in het Mercedes Benz museum en Arnhem Centraal begeleidt en stuurt het licht de bezoeker. Het helpt hem bij zijn oriëntatie, gunt hem een blik naar een volgende ruimte of biedt hem uitzicht op de stad. Het licht is zowel dramatisch, esthetisch als functioneel ingezet. Dingsté onderstreept het belang om tot een integrale visie op te komen en daarom de lichtontwerper al vroeg bij het ontwerp te betrekken.

Rob Hootsmans, die sinds een jaar zijn eigen bureau heeft, presenteert na de Mercedessen van zijn voorganger, de Trabantjes waar hij in zijn tijd van de Rijksgebouwendienst aan werkte. Hier is hem de liefde voor ecologisch bewuste gebouwen bijgebracht. Als hij spreekt over licht dan heeft hij het met name over daglicht. Hij is er van overtuigd dat daglicht bijdraagt aan het welzijn van mensen en natuurlijk ook ecologisch en economisch interessant is. Hij zet licht in eerste instantie in vanuit deze functionele overtuiging, maar laat vervolgens in projecten ook zien welke esthetische effecten en dramatiek hij hiermee teweegbrengt. Prachtig is de overdadig verlichte kantine van het hoofdkantoor van Rijkswaterstaat in den Haag, die pas wordt betreden na eerst met een donkere lift naar de bovenste etage te zijn gevoerd.

Voor Dirk Jan Postel is de verbintenis van een licht en architectuur vanzelfsprekend. In lyrische bewoordingen verhaalt hij aan de hand van voorbeelden uit de kunst- en architectuurgeschiedenis over licht en architectuur. Daarna schakelt hij over naar eigen werk. De glazen loopbrug, waar je, bevrijd van je eigen schaduw, oversteekt van het ene kantoordeel naar het andere, was slechts het begin van zijn onderzoek naar structureel glas. Een andere richting die hij al langer onderzoekt is de meer of mindere transparantie van glas. 

Na de presentaties van deze architecten die alle drie blijk gaven van een ruime belangstelling voor het onderwerp, is het woord aan een lichtontwerper. Rogier van der Heide geeft leiding aan Arup Lighting. Hij werkt onder andere samen met Arjan Dingsté aan Arnhem Centraal. Hij ziet de rol van de lichtontwerper als degene die achterhaalt wat de vraag is achter de vraag van de opdrachtgever. Het lichtontwerp versterkt de beleving van architectuur. Het versterkt de communicatieve eigenschappen. Dit wordt steeds belangrijker in de architectuur. 

Meer over bovenstaande sprekers en hun projecten is te vinden op:
www.unstudio.com
www.hootsmans.com
www.kraaijvangerurbis.nl
www.arup.com

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels