blog

Decanenbal

Business

Plotseling viel het me op: dit jaar nemen overal ter wereld op veel architectuurscholen decanen al dan niet gedwongen afscheid. Toeval, of is er meer aan de hand? De parallel met de beroepspraktijk is in ieder geval opvallend. In beide gevallen is de vraag welke contouren deze gaat krijgen, buitengewoon complex en lastig te beantwoorden.

Decanenbal

 

Deze zomer stapte Karin Laglas onverwacht over van de TU Delft naar woningcorporatie Ymere, waar ze Roel Steenbeek opvolgt als voorzitter van de directieraad. Ze was pas drie jaar geleden aangetreden als decaan. Laglas verklaarde deze gedroomde baan niet aan haar voorbij te kunnen laten gaan. Vlak na de zomer werd bekend dat Aart Oxenaar de Academie van Bouwkunst Amsterdam verlaat en directeur Monumenten en Archeologie van de Gemeente Amsterdam wordt. Voor hem geldt ongetwijfeld iets soortgelijks.

 
Aart Oxenaar (rechts op de foto) stapt op in Amsterdam

Daarmee was het echter niet gedaan. Begin vorige maand stapte de Engelse architect Alejandro Zaera-Polo op als decaan van de School of Architecture in Princeton. Zaera Polo zat er pas twee jaar en zijn vertrek was niet geheel vrijwillig. Conflicten met studenten en docenten hebben vermoedelijk een rol gespeeld.

  Alejandro Zaera-Polo is opgestapt in Princeton

De lijst is vele malen langer, met name aan de Amerikaanse universiteiten: zo verliet Adèle Naudé Santos het MIT in Cambridge (MA), benoemde de architectuurschool van de Universiteit van Virginia een tweejarige tussenpaus en is de prestigieuze Cooper Union in New York er nog altijd niet in geslaagd een decaan te vinden.

 
Adèle Naudé Santos is opgestapt bij het MIT

Blijkbaar is de baan van decaan geen aantrekkelijke functie meer. De uitdagingen voor leiders van architectuurscholen zijn op dit moment weliswaar groot, maar de mogelijkheden tot sturing lijken juist kleiner te worden.

Uitdagingen

Aan de ene kant moeten de scholen studenten opleiden met het oog op een praktijk die steeds internationaler wordt, waarin vraagstukken van transformatie en duurzaamheid centraal staan en waar de integratie van nieuwe digitale technieken en maakmethoden in de architectuur een absolute prioriteit is.

Tegelijkertijd liggen bij iedere decaan brandende, zeer praktische kwesties op het bord, zoals de externe onderzoekfinanciering, de vernieuwing van de masteropleidingen, de studiekosten die langzaam niet meer in verhouding staan tot de inkomsten van architecten, en de langzame en moeizame weg naar de titel van architect.

Ruimte voor verandering

Het baantje van decaan lijkt ‘larger than life’ te zijn geworden. Het is niet genoeg een gewaardeerde academicus of capabele manager te zijn. Wil een decaan kans maken, dan zal hij of zij visionair moeten zijn, maar ook diplomatiek. Tevens wordt in toenemende mate verlangd dat hij of zij fondsen en sponsoren weet aan te trekken. Maar dan nog is de vraag hoeveel ruimte er eigenlijk is voor verandering.

Om een voorbeeld te noemen: architectuurscholen berusten voor het grootste deel nog altijd op de traditionele studioruimte. Echter om te anticiperen op de ontwikkelingen in de praktijk wordt het belangrijker om gedachten en ideeën uit verschillende ontwerpdisciplines samen te brengen. Dit vergt niet alleen samenwerking tussen de verschillende afdelingen en leerstoelen, maar ook met de andere faculteiten van de universiteit. Wie wel eens in Delft komt, weet dat op dit vlak daar nog een lange weg is te gaan.

Architecten worden ondernemers

U zult misschien denken: waar maak je je druk over. Ik denk dat dit vooral komt omdat de praktijk aan het veranderen is. Architecten stellen zich niet langer op als dienstverleners waar opdrachtgevers uit zichzelf naar toe komen, maar worden steeds meer ondernemers. Te verwachten is dat de opleidingen hierdoor ook zullen veranderen.

Ontwerpers staan voor de opgave om meer effect te sorteren. Doorslaggevend hierbij is het vermogen van architectuur om meer invloed te verwerven en er meer toe te doen. De toekomst van het architectuuronderwijs gaat ons dus allen aan. Sterker nog, de school zou de plaats kunnen zijn waar nagedacht wordt over de toekomst voor de professie.

Actie abonnement de Architect

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels