blog

Verloren architectengeneratie

Business

In tijden van crisis beleeft iedere generatie zijn eigen drama. Maar jonge architecten en stedebouwkundigen worden op dit moment wel erg hard getroffen. Slechts één op de tien starters vindt een vaak onderbetaalde baan binnen een bureau.

Verloren architectengeneratie

 Vanaf 1 januari 2015 komt daar nog een onzekerheid bij. De mastertitel in architectuur is dan niet meer voldoende om je in te schrijven in het Architectenregister. Het is dan verplicht om nog minstens twee jaar onder begeleiding aantoonbare praktijkervaring en kennis op te doen. Maar de deuren tot die ervaring blijven gesloten. Onder deze omstandigheden is het niet gek dat masterstudenten massaal in opstand komen tegen de nieuwe wet. Een massale uitstroom uit het vak ligt op de loer, en daarmee een verspilling van talent, geld en energie.

Wie denkt dat deze twintigers bij de pakken neer gaan zitten, heeft het mis. Toen ik voor het oktobernummer van de Architect profielen van jonge starters maakte, ontdekte ik een frisse, zelfbewuste benadering van het vak. Het woord architectenbureau lijkt bijna achterhaald te zijn. Zo noemt Studio Plots zich ‘een plek voor architectonische verkenning’ en is het collectief OFDR / Blossity is ‘een denktank voor ruimtelijke concepten’. De wil om multidisciplinair samen te werken is groter dan de individuele ego’s. En de rol van de architect is eerder die van een strateeg dan die van de ‘ontwerper-in-opdracht.’

De wil is er, de potentie ook. Het enige dat deze starters nog nodig hebben, zijn kansen. Er zijn enkele goede voorbeelden, maar al te vaak neemt de gevestigde orde een protectionistische houding aan. Dat is contraproductief. Door coalities te smeden tussen generaties, ontstaat een krachtige mengeling van kennis en ervaring met vaardigheden en flexibiliteit. Daarmee redt de oudere generatie niet alleen de jongere, maar omgekeerd de jongere ook de oudere.

Actie abonnement de Architect

 

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels