blog

Kansen voor ondernemende architecten

Business

Wat vier jaar geleden begon als een bankencrisis, is uitgegroeid tot de grote crisis waarvan het einde nog niet in zicht is. De kleine opleving die de markt vorig jaar doormaakte heeft niet doorgezet. Op dit moment maken we een double dip mee. Zijn er kansen voor architecten? Kunnen we überhaupt over kansen spreken?

Kansen voor ondernemende architecten

 

 

Wat aan het begin nog leek op een inzinking van de markt, die wel weer snel zou bijtrekken, heeft zich ontwikkeld tot een heuse baisse. De nieuwbouw ligt voor een groot deel stil. Ontwikkelaars en corporaties kunnen om uiteenlopende redenen geen geld meer lenen. Volgens de analisten van ABN Amro kromp de bouwsom voor nieuwe opdrachten bij architecten voor het vierde jaar op rij, ten opzichte van 2007 met 64%. Heel veel architectenbureaus, ook die van wie je het niet zou verwachten, leggen op dit moment het loodje.

Voor heel veel andere architecten is het einde oefening. In hun wanhoop zoeken zij hun heil buiten het vakgebied en beproeven hun geluk in de programmafase, aan het uitwerken van interieurs of door zelf te gaan ontwikkelen. Voor weer andere architecten is het buitenland een wenkend perspectief. in Nederland hebben ze op dit moment naar hun gevoel weinig tot niets meer te zoeken,

De vraag is evenwel of het buitenland meer is dan een goed marketing verhaal. Van China is bekend dat architecten daar worden gevraagd voor een VO, een schets of een render, maar dat de uitwerking moet worden neergelegd bij de lokale ingenieursbureaus. Veel omzet zullen de opdrachten in dit land dan ook niet genereren. Daar staat tegenover dat het je portfolio op gang houdt. Bovendien kun je zo de buitenwereld laten weten dat je nog in leven bent en dat is tegenwoordig al heel wat.

Als Nederlandse architect kun je beter elders in Europa opdrachten verwerven. Door hun creativiteit hebben Nederlandse architecten in Europa nog altijd een streepje voor. Doordat Nederland voor landen als Zwitserland een lage lonenland is, kunnen Nederlandse architecten ook daar concurrerend werken.

Maar wat zijn de kansen in Nederland zelf?

Opdrachtgevers zoeken zekerheid en vallen daarom terug op bureaus die continuïteit kennen, stabiel en solvabel zijn en de laatste jaren positief hebben gepresteerd. Bureaus die de afgelopen jaren goed hebben gefunctioneerd, hebben over de belangstelling van opdrachtgevers niet te klagen. In de architectuurbranche ontstaat een tweedeling tussen de bureaus die de weinige opdrachten die er zijn, weten binnen te halen en de bureaus die daar niet in slagen.

Tot de laatste categorie behoren ook de bureaus die lange tijd een vaste culturele waarde leken te vertegenwoordigen.

Een goed voorbeeld van het eerste type bureau is Meyer Van Schooten. Recent verwierf het bureau grote opdrachten als ASF, het Hagen ziekenhuis en het Nu.Vu gebouw. Daarnaast werkt het bureau aan opdrachten als het EPO en het ROC te Leiden. Babylon is recent opgeleverd, zij het dat het complex dankzij de malheur in de omgeving ervan leeg staat en de eerste huurders op zich laten wachten. Meyer Van Schooten bevindt zich in een exclusief gezelschap van goed draaiende bureaus, waartoe ook UN Studio, Cepezed, Mecanoo, OMA en EGM behoren.

Niet toevallig zijn dit ook de bureaus die zich nadrukkelijk bewegen op de markt van publiekprivate samenwerking (pps). Bureaus die zich daar in het verleden tegen hebben afgezet, liggen op dit moment minder goed in de markt. Ook het bouwen voor culturele instellingen is geen groeimarkt meer.

Je specialiseren lijkt op dit moment geen verstandige strategie. Het lot van bureaus die zich uitsluitend richten op woningbouw, zegt genoeg. Veel verstandiger lijkt het als bureau een breed dienstenpakket aan te bieden. Zo krijgen ze een profiel dat dicht in de buurt komt van grote ingenieursbureaus als Arcadis en DHV.

Op dit moment raden veel docenten in het Nederlandse architectuuronderwijs hun leerlingen aan om eenmaal afgestudeerd, hun heil te zoeken in het buitenland. Zou het niet veel verstandiger zijn hun te wijzen op de kansen die bij de grote ingenieursbureaus liggen voor een succesvolle carrière? Nog zo’n misverstand: dat je bij dergelijke bureaus geen mooie projecten zou kunnen maken. Bij een ingenieursbedrijf als Apple geeft de ontwerpende kracht immers de doorslag.

De moraal van dit verhaal: architecten pareren de crisis het beste niet door andere wegen in te slaan (en daarmee architect af te zijn) of naar het buitenland te trekken (en daar aan hun image te werken), maar toch en vooral door architectuur te blijven bedrijven. Daarvoor zijn volop mogelijkheden, zij het op plekken (pps) en binnen bedrijven (grote ontwerpbureaus) die aan het begin van de crisis nog bij niemand op het netvlies stonden.

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels