blog

Praktisch en filosofisch hergebruik in WORM

Business

De innige samenwerking tussen 2012Architecten en WORM heeft opnieuw geleid tot een bijzondere en unieke plek in het Rotterdamse uitgaansleven. In het nieuwe pand is een rauw interieur gemaakt van hergebruikte materialen, dat de kwaliteiten en bestaande elementen van het gebouw slim benut. In het februarinummer van de Architect vind je een uitgebreide projectbespreking.

Praktisch en filosofisch hergebruik in WORM

 

Tijdens een kroegentocht door de Witte de Withstraat is WORM niet te missen. Het mag dan in een zijstraat zitten, de entree aan de Boomgaardstraat is uit het pand gezaagd en twee meter naar voren gezet. Dat valt op, en de gele verlichting aan de gevel trekt nieuwsgierigen verder de straat in. Of dit problemen opleverde met de welstand? Juist niet. Volgens Hajo Doorn, chef de mission van WORM, zijn ze juist door gemeente en welstand uitgedaagd een uitgesproken ontwerp te maken.

WORM is dan ook in twaalf jaar een begrip geworden in Rotterdam. Het instituut bestaat uit een kunstenaarscollectief, beschikt over een podium, winkel en biedt werkplaatsen aan film-, muziek- en mediamakers. WORM wil de do-it-yourself-mentaliteit van hun voorouders (punk, fluxus, dada, etc.) combineren met ultra-pragmatisme, liefde voor techniek en een goede boekhouding.


Uit de gevel van WORM is een stuk gezaagd en twee meter naar voren geplaatst, om een prikkelende entree te vormen.

Kijken en flirten

De ruimte van het monumentale pand uit 1874 is grotendeels gelaten zoals hij was. “Dit gebouw gaf ons allemaal cadeautjes”, aldus Hajo. De muren waarop de tand des tijds te zien zijn, blijven daarom onafgewerkt. De koelcellen, stalen hekken en rolkasten die ze in de kelders aantroffen, zijn gebruikt voor de werkplaatsen.

Zien en gezien worden is ook in WORM een belangrijk uitgangspunt voor het interieurontwerp. Tussen de kantoren aan de gevelzijde en de zaal zijn vensters geplaatst, de open trap naar de zaal biedt zicht op de (lichtgevende) toiletten en de foyer, zaal en rookruimte zijn via de centrale hal allemaal met elkaar verbonden. Zelfs de lift, het enige nieuwe element in de WORM, is van glas.

Een ander goed flirtelement zijn de vierpersoonszitjes in de foyer. 2012Architecten trof in deze ruimte de onderstellen aan van de rollende archiefkasten van het Fotomuseum en zette hier houten bankjes op. Architect Césare Peeren vertelt hoe hij groepjes jongens hun bankje naar de leuke buurmeisjes toe ziet rollen of hoe alle zitjes naar elkaar bewegen tot één grote biertafel ontstaat.

 

Inventief hergebruik

Voor het interieur gebruikt 2012Architecten, net als in al hun projecten, voornamelijk restpartijen en afgedankte materialen uit de buurt. Zo zijn Oriëntaals ogende patronen gezandstraald op twee restpartijen Trespa uit het Rotterdamse zwembad Tropicana, die als lambrisering en vloerbekleding zijn toegepast. De wand- en plafondpanelen in de zaal zijn afkomstig uit een Airbus van Indonesian Airlines en Japan Airlines, de vliegtuigstoelen zijn bekleed met skaihoezen van de NS en de lampen zijn gevonden op een gesloten Russisch militair vliegveld bij Berlijn. De toiletten, een ontwerp van Marc Heumer, bestaan uit vloeistofcontainers. De fonteintjes zijn van oude gasflessen. Samen met kleurrijke verlichting en nieuwe kunstwerken is zo een rauwe, post-industriële sfeer ontstaan.

Duistere filosofie

Hergebruik is ook een thema in het werk van Joep van Lieshout, daarom vroeg WORM hem bij te dragen aan het interieur. Esthetisch gaat het werk van Atelier van Lieshout naadloos op in de ontwerpen van 2012Architecten: de kantoren, rookruimte, mobiele bar en geluidsstudio’s bestaan uit wanden van aan elkaar gelaste zware roestende stalen platen. Maar Van Lieshouts visie op recycling en hergebruik is een stuk duisterder: de kunstenaar ziet zijn ontwerp als een fortificatie. Letterlijk om de geluidsoverslast vanuit de zaal naar de kantoor te weren, maar ook figuurlijk: als een plek om je te verschansen tegen de crisis. De kantoren zou je kunnen zien als een verlaten kerncentrale, een gepantserde schuilplaats na de ramp. De post-apocalyptische ontwerpen van Van Lieshout voegen net dat radicale, filosofische tintje toe dat WORM nodig heeft om zijn status als ‘avantgardistisch instituut’ te bestendigen.

  

Regels als inspiratiebron

Hoe het toch kan, zo’n tegendraads interieur maken in een tijd van bouwbesluiten en strenge monumentenzorg? Eenvoudig, zegt Hajo van Doorn. “Regels zijn voor ons een inspiratiebron. Onder het mom van kunst kun je regels oprekken en alle normen verleggen.”

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels