blog

Doe het zelf architectuur

Business

Op de onlangs gepubliceerde Actieagenda Architectuur en Ruimtelijk Ontwerp is nauwelijks gereageerd. Dat is niet verwonderlijk. De Agenda is een sterk staaltje sturend koersen op beleid. Ontwerpers worden opgeroepen het zelf te doen, maar tegelijkertijd is hun ruimte flink ingeperkt. Met de Actieagenda lijkt de publieke rol van architectuur op effectieve wijze weg te zijn georganiseerd.

De op Prinsjesdag gepubliceerde Actieagenda Architectuur en Ruimtelijk Ontwerp (vroeger bekend als Architectuurnota) heeft weinig weerklank gehad, op het uitstekende verhaal van Piet Vollaard na, dat daags na een discussieavond in het NAi op Archined is gepubliceerd. Architectuurbeleid is blijkbaar vooral een interne aangelegenheid geworden. Tijdens deze avond voerden alleen de direct betrokkenen bij de uitvoering van het beleid het woord. Van enig draagvlak in de samenleving of onder architecten was weinig te bespeuren.

Kernboodschap van de nota, zo bleek deze avond, is dat architecten het nu zelf moeten doen en uitzoeken. Dat is prettig helder en zoals de belangrijkste opsteller van de nota ook niet naliet te benadrukken, een simpel gevolg van de keuzes die de politiek op dit moment maakt. Dat de architectuursector zwaar is getroffen door de economische crisis en misschien steun kan gebruiken of verdient, wil er bij de beleidsprofessionals niet in. ‘Architecten hoorden we ook niet, toen het economisch gezien goed met ze ging’, merkte Janny Rodermond, directeur van het Stimuleringsfonds fijntjes op. Dat ditzelfde fonds al die jaren opzichtig pronkte met de successen van Dutch Design, liet ze na te vermelden. Nog bonter maakte het professor Wouter Vanstiphout, volgens wie architecten verantwoordelijk zijn voor de crisis. Nog even en het vak van architect wordt van overheidswege verboden.

Bij alle nadruk op zelfdoen en op ‘survival of the fittest’, is het buitengewoon merkwaardig dat de toegang tot en de kwaliteit van de ondersteunende infrastructuur in handen blijft van dezelfde, beperkte groep beleidsprofessionals. Als de markt zijn werk moet gaan doen, zoals zij stellen, waarom worden de principes ervan dan ook niet gehanteerd in de eigen organisaties. Als je een meer zelfstandige sector wil, moet je dan ook niet de in principe betuttelende fondsen en instellingen zelf aanpakken? Moet daar dan ook niet een frisse wind waaien?

Het besluit instituten en fondsen samen te voegen tot een Instituut en een Fonds voor de Creatieve Industrie, is een gevolg van de politieke wind die al enige tijd door Nederland waait. Maar het is sterk de vraag of een dergelijke schaalvergroting en concentratie wel in het belang zijn van de gewenste, grotere zelfstandigheid van de creatieve sector. Genoemd instituut en fonds komen immers steeds verder af te staan van de ontwerpers, instellingen en centra die ze juist zouden moeten dienen. Met alle gevolgen van dien, zoals onlangs bijvoorbeeld bleek uit het afwijzen van de subsidie voor Europan.

Zal het het nieuwe Instituut en het nieuwe Fonds lukken om het publieke belang van architectuur ook in de toekomst te dienen? De kans is groot dat ze nog nadrukkelijker dan tot nu toe het geval is geweest, het eigen belang voorop zullen stellen. Riskante projecten, dus die projecten die juist nu in deze conjunctuur nodig zijn, zullen daardoor nog minder kans krijgen. De Actieagenda is een proeve van sturend koersen op beleid, niet van ontplooiend kiezen voor de ontwerpers. Ontwerpers worden opgeroepen het zelf te doen, maar tegelijkertijd is hun beslissingsruimte paradoxaal ingeperkt. Met de Actieagenda lijkt de publieke rol van architectuur op effectieve wijze weg te zijn georganiseerd.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels