blog

Hoe de Nederlandse architectuur lijdt

Business

Met de architectuur in Nederland gaat het niet goed. Hoe zou dat toch komen, vroeg een Noorse vriend die onlangs op bezoek was. In de landen om jullie heen is het ook crisis, maar daar houden architecten zich veel beter staande. Is dat omdat jullie zoveel ‘monsters’ hebben op je vakgebied?

Hoe de Nederlandse architectuur lijdt

 

 

Peinzend bladerde mijn vriend in de weekendbijlage Lux van de NRC van deze maand, waarin Rem Koolhaas vrij baan kreeg als gastredacteur. “Als dit voor architecten in jouw land het perspectief is, dan weet ik het wel”, zei hij. In Koolhaas’ wereld maken we kennis met sjeika Mozah, het gezicht van Quatar en een van de meest invloedrijke vrouwen ter wereld, en met Shalini Passi, een kunstverzamelaar uit India.

“Als Koolhaas jullie wil voorhouden dat de toestand hier rampzalig is en jullie zelfvertrouwen wil ondermijnen, dan is hij geslaagd. Maar wat zegt de beste man nu verder zelf? Het interview met hem gaat alleen maar over beroemd zijn, over zijn eigen wereld”, zei mijn vriend.

“Wat is daar op tegen?” vroeg ik hem. “Die man is briljant.” “Niets natuurlijk”, antwoordde mijn vriend. “Lees nog eens wat mevrouw Passi zegt:

“Een tafel van de Brusselse ontwerper Ado Chale voor de kamer van mijn zoon. Zijn werk is zeer gewild bij verzamelaars. (…) Hij kostte tussen de 25.000 en 30.000 pond. Ik heb mijn zoon de prijs niet verteld, maar hem wel de esthetische waarde uitgelegd.”

Die uitspraak is een metafoor voor wat er is misgegaan in de economie en in de architectuur. Want je komt in die bijlage veel te weten over de superrijken en wat hen bezighoudt, maar over de wereldwijde jeugdwerkloosheid totaal niets, geen woord.

Lang nadat hij was vertrokken, realiseerde ik me dat de ‘monsters’ waar mijn vriend over sprak in feite een weerspiegeling zijn van onszelf.

De overvloed is onderdeel geworden van de architectuur zelf. In het ontwerp van afzonderlijke gebouwen wordt te veel complexiteit geïnjecteerd en is sprake van een exces aan betekenis. Gebouwen kunnen dat niet aan.

Dat suggereert dat we de opgaven van de toekomst moeten overdenken, ons moeten afvragen welke kansen zich daar straks voordoen en met het oog daarop nu verstandige beslissingen moeten nemen.

Niet alleen de kunstverzamelaar maar ook de architectuur is meer en meer los komen te staan van de economie. Het lijkt dan ook onontkoombaar in de verkenning van de opgave om de discussie over kwaliteit opnieuw te agenderen.

  

 

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels