artikel

Start-up: Studio IWT

Business Premium

Door Marieke Giele – Vorig jaar verwierf IWT bekendheid met het interieur voor Old Scuola in Rotterdam. Inmiddels werkt het bureau aan diverse projecten, waarbij stedebouw en interieur hand in hand gaan.

In de voormalige Robecotoren, midden in het levendige centrum van Rotterdam, heerst een rustige sfeer. Een achterdeur biedt toegang tot de verlaten, statige hal van het gebouw. Sinds het vertrek van de vermogensbeheerder hebben startende ondernemingen hun intrek genomen in het iconische kantoorpand van Wim Quist. Een van deze ondernemingen is het ontwerpbureau IWT, opgericht door Bastiaan Kalmeyer en Chantal Schoenmakers.

Het bureau timmert op dit moment flink aan de weg met een aantal bijzondere projecten in het portfolio. Dit bleef niet onopgemerkt. Vorig jaar was Schoenmakers genomineerd voor de ARC17 Jong Talent Award en dit jaar is IWT geselecteerd voor het Next Step Program van de BNA en Synchroon. En dat terwijl het bureau slechts vijf jaar bestaat.

Instability We Trust

Kalmeyer en Schoenmakers kennen elkaar via MVRDV waar ze samenwerkten aan een aantal projecten. “We merkten al snel dat we goed konden samenwerken. Waar Bastiaan op een systematische manier nadenkt over de stedebouwkundige schaal, focus ik me juist op het kleine detail. In dat opzicht vullen we elkaar goed aan”, begint Schoenmakers.

Studio IWT is gehuisvest in de voormalige Robecotoren in Rotterdam, beeld Pim Top

Studio IWT is gehuisvest in de voormalige Robecotoren in Rotterdam, beeld Pim Top

“We besloten onze krachten te combineren. Met IWT, een afkorting voor Instability We Trust, richten we ons op de systemen in onze leefomgeving”, vult Kalmeyer aan. “Door een persoonlijke interpretatie van de ruimte gebruikt iedereen een plek op een andere manier. Deze veranderingen over de tijd zijn een belangrijk uitgangspunt voor onze ontwerpen. Dat kwam eigenlijk al naar voren in ons eerste project voor A Lab in Amsterdam-Noord. We ontwikkelden een strategie die Noord aantrekkelijk moest maken en daarmee een stuk verdergaat dan de transformatie van het voormalige Shell-laboratorium an sich. Dat is een goede oefening geweest voor het ontwerpen van ecosystemen.”

Van wijk tot stad

Die oefening komt nog steeds van pas in de nieuwe projecten van IWT. “We werken nu aan de herbestemming van Villa van Waning in Rotterdam-Zuid. Dit rijksmonument is in 1896 gebouwd door Jacob van Waning, fabrikant van betonnen rioleringsbuizen. Voor de volledige villa, inclusief de sierlijke gevel, is beton gebruikt om de schoonheid van dit nieuwe materiaal te tonen”, vertelt Schoenmakers. “Ontwikkelaar New Industry heeft de villa opgekocht om deze te transformeren naar een bijzondere horecagelegenheid. Helaas is het monumentale pand helemaal vervallen en komen alleen al de kosten voor herstel uit op zes ton. Hoewel de bewoners van Feijenoord de villa een warm hart toedragen, is er nauwelijks financieel draagvlak voor een dergelijke restauratie. Het is dus mede aan ons om een haalbare businesscase te creëren, waarbij programma en context op elkaar aansluiten.

Villa van Waning in Rotterdam-Zuid, beeld IWT

Villa van Waning in Rotterdam-Zuid, beeld IWT

“We maken onderscheid tussen de verschillende schalen, van wijk tot district tot stad, waarop de villa impact heeft op bewoners. Zo zullen bewoners van Feijenoord dagelijks langs het pand lopen, terwijl Rotterdammers uit Noord er doelgerichter naartoe gaan om in het restaurant te eten. Wij willen al deze mensen onderdeel maken van de villa”, aldus Kalmeyer. “Daarom betrekken we het omringende Nassauhavenpark bij het project. We creëren een aantal interventies die het park op de kaart zetten als een eettuin voor de wijk. Villa van Waning moet op deze manier de verdere ontwikkeling van het gebied gaan aanjagen. Stakeholders verbinden zich aan dit maatschappelijke project, waarmee we uiteindelijk ook de kosten van de renovatie dekken.”

Ontdekken

Van achter hun bureau kijken Kalmeyer en Schoenmakers uit over de Leuvehaven. Iets verderop, aan de voet van de Erasmusbrug, bevindt zich de bouwplaats van de Willemstoren. “We zijn samen met Studio for New Realities verantwoordelijk voor het ontwerp van de veertig meter hoge minitoren. Vanaf hier kunnen we de bewegingen van de hijskranen precies volgen”, wijst Schoenmakers aan. “Het is bijzonder om te zien hoe onze tekeningen langzamerhand vorm aannemen. Vorig jaar zomer is de aannemer begonnen met de bouw van de woontoren en op dit moment staat de constructie van de parkeergarage en eerste drie verdiepingen.”

“De Willemstoren is ons eerste grote architectuurproject”, vult Kalmeyer aan. “Om vertrouwen te krijgen bij ontwikkelaar LSI Property Investment zijn we de samenwerking aangegaan met verschillende partners. Dat levert een bouwteam op met brede expertisen, onder andere op het gebied van het proces en de techniek. Natuurlijk zijn we zelf nog veel aan het ontdekken en loopt alles soms net even anders. Maar de ontwikkelaar staat daar gelukkig voor open. Ze krijgen er immers veel toewijding en ambitie voor terug.”

De Willemstoren staat naast de Erasmusbrug in Rotterdam, beeld IWT

De Willemstoren staat naast de Erasmusbrug in Rotterdam, beeld IWT

“Dat heeft uiteindelijk geleid tot een ontwerp dat verdergaat dan het gevraagde programma”, aldus Schoenmakers. “Een ingewikkelde puzzel maakte het mogelijk om extra woningen te realiseren, waardoor we de begane grond vrijhouden van commerciële activiteiten. Nu komt er een gemeenschappelijke huiskamer. Deze gaan we programmeren voor zowel de bewoners van de Willemstoren als de omringende gebouwen, waarmee deze fungeert als een schakel tussen de stedebouw en het interieur.”

Naar tactiliteit

IWT werkt op dit moment met vier mensen aan de projecten. “We houden ons team nog bewust klein, maar met een team van goede adviseurs om ons heen.” vertelt Schoenmakers. “We zijn zelf nog veel aan het ontdekken over het bouwproces, vooral wat betreft de uitvoeringsfase, en willen daarom eerst zelf projecten realiseren. Nu werken we met een zogenaamde traagheid, waardoor we van het begin tot het einde betrokken blijven en zo het eindresultaat bewaken.”

“Deze focus op kwaliteit is terug te zien in de interieurs die we tot nu toe hebben opgeleverd. Daarbij zoeken we in het ontwerp naar een vorm van tactiliteit die een interpretatie, en uiteindelijk interactie, oproept bij de gebruiker”, beschrijft Kalmeyer. “We gebruiken daarvoor principes uit de neurologie, waarbij we uitgaan van de manier waarop onze hersenen reageren op de omgeving. Ons welzijn hangt niet zozeer af van ons zicht, maar voornamelijk van de aanraking. Dat is een belangrijk uitgangspunt voor onze ontwerpen.”

“Dit idee is goed terug te vinden in het interieur van pizzarestaurant Old Scuola”, aldus Schoenmakers. “Met de verschillende volumes sturen we de bezoekers door de zaak. Het contrast tussen warme en koude materialen maakt op een natuurlijke wijze het onderscheid tussen de open productiekeuken en het restaurant duidelijk. Het ontwerp vormt daarmee de achtergrond voor de bewegingen van de mensen.”

Old Scuola in het Industriegebouw Rotterdam door IWT, beeld Pim Top

Old Scuola in het Industriegebouw Rotterdam door IWT, beeld Pim Top

Toekomst

Old Scuola is een belangrijk project geweest voor IWT. Met een opdrachtgever die openstond voor experimenten hadden Kalmeyer en Schoenmakers de mogelijkheid om daadwerkelijk een radicaal interieur te realiseren. “Deze focus op de kleine schaal heeft ons geholpen om te groeien als ontwerpers. Maar we willen niet alleen horecagelegenheden ontwerpen”, waarschuwt Kalmeyer. “Het is nu tijd om het geleerde van onze eerdere projecten mee te nemen naar diverse typen opdrachten.”

“Uiteindelijk willen we ons als IWT ontwikkelen tot een creatieve studio met verschillende disciplines die elkaar allemaal aanvullen. Eigenlijk zijn we dan als bureau een soort hypergeneralist”, lacht Schoenmakers. “Misschien komen er wel verschillende departments met bijvoorbeeld een textiele vormgever, een goede engineer en een bouwer voor het testen van de details. Zo raken we uiteindelijk aan alle schalen in het ontwerpproces en kunnen we daadwerkelijk plekken creëren waar stad en interieur op een natuurlijke wijze samenkomen en aanmoedigen tot nieuwe interacties.”

Lees ook

Reageer op dit artikel