blog

Meubelbeurs Milaan op tweesprong

Architectuurproducten

De Salone del Mobile in Milaan wordt beschouwd als de belangrijkste ontwerpbeurs ter wereld, tegelijkertijd zwelt de kritiek op de Beurs aan. Ze zou te commercieel zijn en te veel ruimte bieden aan marketing. Is dat terecht? Of symptoom van een systeemverandering in de wereld van design? Naar de 37ste editie die morgen dinsdag 14 april 2015 van start gaat, wordt dan ook met veel belangstelling uitgekeken.

Meubelbeurs Milaan op tweesprong

Het door Rem Koolhaas geschreven essay ‘Junkspace’ verscheen in 2001 maar leidde in ons land niet tot opmerkelijk veel debat. Een van Koolhaas’ beroemdste leerlingen noemde de tekst zelfs depressief. In zekere zin is dit ook zo. Koolhaas beschrijft de verschijnselen die leiden tot de verdwijning van de figuur van de architect. Junkspace, door de auteur omschreven als smeerboel of stront, staat symbool voor de enorme overvloed die de wereld overspoelt. Of misschien kunnen we in dit verband beter spreken van een veelheid, een niet te stelpen overvloed, een exces.

Onbegrensde ruimte

Het volgende citaat kan dit verduidelijken: ‘Continuïteit is de essentie van Junkspace. Het exploiteert iedere uitvinding die in staat is de expansie te bevorderen en het wendt de naadloze aansluiting van systemen aan: de lift, de airco, de sprinkler, de branddeur, het hete luchtgordijn … Het is altijd interieur, en strekt zich zodanig uit dat je zelden de grenzen ervan opmerkt. Het bevordert de desoriëntatie met alle beschikbare middelen (spiegels, glans, echo).’

 

Biënnale van Venetië, tentoonstelling Fundamentals, plafond, curator Rem Koolhaas

Architectuur zonder architecten

Junkspace breekt met de regel dat de som van de delen meer kan zijn dan het geheel. Ze is zonder grenzen en de punten ervan vormen slechts lijnen. De ruimtes waaruit Junkspace bestaat zijn continue ruimtes zonder enige eenheid of betekenis. Ze ‘vervangt de hiërarchie door de accumulatie, de compositie door de additie’, aldus Koolhaas. Zij vormt een architectuur zonder architecten.

Nutteloze producten

Dat dit fenomeen nu ook lijkt door te dringen tot de wereld van design, blijkt uit het manifest dat de Nederlandse ontwerpster Hella Jongerius en de criticus Louise Schouwenberg afgelopen vrijdag op de website Dezeen openbaar maakten. In dit manifest roepen zij op een einde te maken aan ‘nutteloze producten, commerciële hypes en lege retoriek.’ Kortom aan al die zaken die tot Junkspace gerekend kunnen worden.

 

Hella Jongerius, Gekleurde vazen, Museum Boijmans van Beuningen, Rotterdam

Kwaliteit

Jongerius en Schouwenberg betreuren ‘how the discipline lacks an intimate interweaving of the values that once inspired designers, as well as the producers of their ideas: making the highest possible quality accessible to many people.’ Van verschillende kanten is er al op gewezen dat Jongerius ook best de hand in eigen boezem mag steken. Het begrip kwaliteit is immers onvoldoende doordacht op het moment dat Dutch Design wereldwijd een begrip werd.

Commerciële hype?

Vreemd genoeg gaat deze kritiek ook vergezeld van een aanval op ontwerpbeurzen in het algemeen en op die in Milaan in het bijzonder. ‘Wat de meeste design evenementen gemeenschappelijk hebben, zijn de presentaties van een depressief stemmende exces aan zinloze producten, commerciële hypes rond veronderstelde innovaties en holle retoriek’, aldus het manifest. Het is op zijn minst ironisch te noemen dat dit manifest volgende week op de meubelbeurs zijn grootste verspreiding zal krijgen.

Salone del Marketing?

Nog harder is de kritiek die Engelse criticus Alice Rawsthorn onlangs in het tijdschrift Frieze uitte. Volgens haar is de Salone een plek geworden waar marketing belangrijker is geworden dan ontwerp. Ze haalt Jasper Morrison aan die voorstelt de Salone del Mobile te herbenoemen tot de Salone del Marketing. Deze beurs heeft ‘onbedoeld het populaire stereotype beeld versterkt van design als een oppervlakkige, stilistische tool die zwelgt in consumentisme’.

 

Alice Rawsthorn

Groeiende competitie

De pijlen die zij op Milaan richt, zouden evengoed op 100% Design of andere designbeurzen gericht kunnen zijn. Gek genoeg doet ze dit niet. De kwestie verschuift daarmee naar de competitie die zowel binnen als tussen beurzen heerst. Bovendien is het niet helemaal duidelijk waarom marketing perse negatief is. Het leidt de aandacht af van wat zij, maar ook Jongerius en Schouwenberg werkelijk hebben te vertellen.

Aandacht minder waard

Het manifest van beide laatstgenoemde komt op een moment dat in de marketing het inzicht is ontstaan, dat aandacht veel minder waard is dan wel wordt gedacht. ‘Attention is a fickle, fleeting thing on which to build a business model, let alone a business, let alone an institution. Hence, attention without relation is like revenue without profit: malinvestment.’ De echte vraag is niet meer hoe je klanten kunt dwingen, verleiden of om de tuin leiden, maar of je echt om ze geeft. Je kunt proberen hun aandacht te winnen, maar het is veel slimmer ze helpen in hun strevingen en met hun vragen.

Maatschappelijke vragen

De Nederlandse en internationale ontwerpwereld is springlevend. Ze bevindt zich, blijkens de kritieken van Jongerius en Rawsthorn, op een punt van herbezinning. Opmerkelijk is dat deze wending gepaard gaat met een grote verscheidenheid aan insteken en benaderingen, die niet altijd als zodanig wordt gezien. De komende Salone vormt in dit opzicht een interessante test. Is het echt zo dat de vernieuwing in het ontwerp niet meer wordt afgemeten aan eerdere ontwerpen, maar aan maatschappelijke vragen?

Experimenten

Als dat zo is, komt het experimentele karakter van het ontwerp in een ander daglicht te staan. Niet langer de iconische ontwerpen van de gevestigde namen, maar de effectiviteit van de ontwerpvoorstellen. Wellicht biedt dit ook aanknopingspunten om het begrip kwaliteit inhoudelijk verder te brengen. Anders moeten Jongerius en Schouwenberg over 25 jaar weer een manifest opstellen. 

Actie abonnement de Architect

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels