nieuws

Jihadist berecht voor vernieling graftombes

Architectuur

Wordt het geen onmogelijke taak, verdachten opspeuren voor het vernielen van religieuze en historische gebouwen tijdens oorlogshandelingen? Het Internationaal Strafhof (ICC) denkt van niet en gaat een islamist berechten die een belangrijke rol heeft gespeeld bij de vernietiging van eeuwenoude graftombes in Timboektoe in Malie in 2012.

Jihadist berecht voor vernieling graftombes

De verdachte, Ahmad al-Mahdi al-Faki, werd afgelopen weekeinde door Niger overgedragen aan het ICC in Den Haag. Al-Faki behoorde volgens de aanklager bij de radicaal-islamitische groepering Ansar Dine, die nauwe banden onderhoudt met de terreurgroep Al-Qaida. Als lid van een islamitische rechtbank zou hij betrokken zijn geweest bij het besluit graftombes van soefi-heiligen te verwoesten. Die worden door de salafistische groepering als ‘heidens’ beschouwd.

Timboektoe_Jihadist_berecht_heiligdommen_ICC 

In totaal zou het gaan om negen graftombes, plus de Sidi Yahia-moskee, maar de jihadisten vernielden nog veel meer historische gebouwen in Timboektoe, dat bekend staat als de ‘stad der 333 heiligen’. Ook verbrandden zij tal van eeuwenoude manuscripten. Een groot deel van de manuscripten kon echter in veiligheid worden gebracht met een geheime operatie waaraan Nederland financieel bijdroeg.

Oorlogsmisdaden

Mali had al in 2012 aangifte gedaan bij het Internationaal Strafhof van oorlogsmisdaden waaraan de jihadisten zich schuldig maakten, waaronder verkrachting, ontvoeringen, het ronselen van kindsoldaten, maar ook van het vernielen van cultureel erfgoed.

De Nederlandse archeoloog Joris Kila is volgens de Volkskrant opgetogen over de aankondiging dat er iemand wegens het vernielen van cultureel erfgoed voor het Strafhof wordt gesleept. ‘Het is een heel belangrijke stap’, zegt hij. ‘Het vernielen van historische en religieuze gebouwen was al strafbaar op grond van het uit 1954 daterende Verdrag inzake de bescherming van culturele goederen in geval van een gewapend conflict, maar pas in het Statuut van Rome (1998), dat de basis legde voor het ICC, wordt het ook als oorlogsmisdaad aangemerkt.’

Kila, die vorig jaar zelf naar Mali reisde om de verwoestingen in Timboektoe in kaart te brengen, hoopt dat de vervolging van Al-Faki een precedent zal worden. ‘Hierop hebben we steeds aangedrongen. Het kan een heleboel in beweging brengen.’ Volgens hem kan het de weg effenen naar vervolging van figuren die verantwoordelijk zijn voor het vernielen van beelden, tempels en manuscripten in Syrië en Irak. Strijders van de terreurgroep Islamitische Staat (IS) hebben na de inname van de Iraakse stad Mosul tal van antieke Assyrische beelden in het museum kapotgeslagen. Ook bliezen zij overblijfselen van de Assyrische stad Nimrud op.

Beeldenstorm

Ook in Syrië zetten de fundamentalistische strijders hun beeldenstorm voort. In de tweeduizend jaar oude stad Palmyra hebben zij al verscheidene tempels verwoest. Kila hoopt dat het aangekondigde proces voor het Internationaal Strafhof een afschrikkende werking zal hebben. ‘Er zijn bewijzen genoeg. IS heeft videobeelden laten zien van het verwoesten van beelden in het museum van Mosul. Aan de hand van die beelden zou je de daders kunnen opsporen en op persoonlijke titel aanklagen.’

In het recente verleden is het volgens Kila maar één keer voorgekomen dat iemand wegens vernieling van cultureel erfgoed tijdens oorlogshandelingen werd veroordeeld. In 2006 bevond het Joegoslavië-tribunaal de Montenegrijnse generaal Pavle Strugar schuldig aan het opzettelijk beschieten van de oude binnenstad van Dubrovnik tijdens de oorlog met Kroatië.

Bron: Volkskrant/AD/ANP

 

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels