nieuws

Een gebouw geschikt voor bakfietsgezinnen

Architectuur

Projectontwikkelaar Walas Concepts en Op ten Noort Blijdenstein Architecten en Adviseurs wilden samenwerken bij de transformatie van het scholencomplex aan de Koningsveldestraat in Rotterdam. Door verschillen van inzicht over de mogelijkheden van de transformatie gingen de partijen uit elkaar.

Een gebouw geschikt voor bakfietsgezinnen

 

Door: Mario Silvester  

Op het schoolplein in het Rotterdamse Liskwartier wachten Bas Bulten van Walas Concepts en architect Lars Zwart van Op ten Noort Blijdenstein Architecten en Adviseurs geduldig op de komst van de sleutelbeheerder. Om de tijd te doden lopen ze rond het immense gebouwencomplex. Een plek met volop kansen, daarover zijn ze het roerend eens.

Het gebouw dat dateert van het begin van de vorige eeuw, ligt in een gemêleerde woonwijk. Het woningaanbod varieert van goedkope huurwoningen tot middeldure koophuizen. De bewoners zijn al even divers: van bijstandsgerechtigden tot tweeverdieners, de zogeheten bakfietsgezinnen. In het bijzonder die laatste vormen een belangrijke doelgroep. De transformatie van het gebouw richt zich in het bijzonder op hun wensen en behoeften.

Kluswoningen en zelfbouw

De reden is dat Rotterdam meer draagkrachtige gezinnen binnen de stadsgrenzen wil halen. Om ruime woningen te kunnen realiseren, werkt de gemeente samen met investeerders, ondernemers, corporaties en bewoners. Daarom stimuleert de gemeente kleine projectontwikkelingen, kluswoningen, meer ruimte voor zelfbouw en samenvoegen van kleine woningen

Het gebouwencomplex aan de Koningsveldestraat past goed in deze aanpak. Zoals de projectontwikkelaar en de architect het zien, kan het enorme schoolplein een buurtfunctie krijgen, terwijl een kleiner plein achter het complex geschikt is als tuin voor de toekomstige bewoners. Daarnaast is het nodig de gevel aan te pakken. Zoals die er nu uitziet, oogt het complex als een gevangenis die midden in een woonwijk is neergezet.

Interieur

De binnenkant ziet er heel anders uit, blijkt nadat de sleutelbeheerder is gearriveerd. Eenmaal binnen is de ruime opzet het eerste dat opvalt. Er zijn brede gangen met hoge plafonds en naast elkaar de voormalige klaslokalen. Ze herinneren nauwelijks nog aan de tijd dat hier werd lesgegeven. Om te voorkomen dat het gebouw wordt gekraakt, zijn de klaslokalen als woonruimte verhuurt aan jonge mensen. In een van de voormalige lesruimten heeft een beeldend kunstenaar zijn atelier gevestigd. Aan de wand hangen schilderijen en in het midden van het lokaal staat een schildersezel compleet met het geschilderde portret van een vrouw. In een hoek heeft hij voor zichzelf een slaapruimte gecreëerd en zo heeft elk klaslokaal zijn eigen bijzondere invulling gekregen. Naast klaslokalen blijken in het complex onder meer een directiekamer en monumentale trappen aanwezig. Verder is er een kelder, maar die is vooralsnog niet toegankelijk vanwege asbestsanering.

In het gebouw kunnen uiteenlopende woningtypen worden onder gebracht. Dat de samenwerking tussen ontwikkelaar en architect toch niet tot stand is gekomen, is te wijten aan een verschil in inzicht. Walas wil in het gebouw cascowoningen realiseren. In dat geval is voor de architect een relatief geringe rol weggelegd. En daarom is hij afgehaakt. Bas Bulten blijft niettemin enthousiast. “We blijven geïnteresseerd in het gebouw en misschien dat we toch nog mogelijkheden zien voor de herontwikkeling.”

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels