nieuws

Berlijnse Baugruppen deel 2

Architectuur

De in tijden van crisis ontstane Duitse ‘Baugruppen’ zijn inmiddels veel meer dan alleen een redmiddel voor jonge architectenbureaus in barre economische tijden. In Berlijn vormen deze bouwgroepprojecten al lange tijd een integraal onderdeel van het nieuwe architectonische landschap. Ze vormen een alternatief voor het traditionele systeem van opdrachtgever en architect. Architectenbureaus die bouwgroepen bedienen, verschillen qua organisatievorm, werkmethode en stijl sterk van elkaar, maar gaan allemaal uit van een sterke participatie door de gebruikers en de woningeigenaars.

Berlijnse Baugruppen deel 2

Dit artikel van onze Duitse correspondent Claus Käpplinger is gepubliceerd in de Architect, juni 2014. Het wordt gepubliceerd in 3 delen. Dit is deel 2. Vertaling: Duo

Een van de eerste Berlijnse bouwgroepprojecten is het gebouw A52 van de architecten Christoph Roedig en Ulrich Schop aan de Anklamer Strasse in Berlin-Mitte. Dit project dat tussen 2003 en 2005 op een smal braakliggend kavel in de uit de ‘Gründerzeit’ stammende wijk is gerealiseerd, kreeg de titel ‘Ten in One’ mee. Kolomvrije ruimtes met een loftkarakter bieden de tien verschillende eigenaars de mogelijkheid hun woning geheel aan hun levenssituatie aan te passen. Met de maisonnettes op de twee onderste verdiepingen en de ramen die 180 graden naar buiten draaien en zo een soort loggiagevoel creëren, leverden de architecten hun visitekaartje af voor verdere bouwgroepen.

Sindsdien hebben de architecten vier andere bouwgroepprojecten gerealiseerd. Roedig en Schop willen echter niet bekend staan als bouwgroeparchitecten. Liever zien zij zichzelf als architecten voor sociale opdrachten, die ook actief zijn op het gebied van sociaal gebiedsmanagement en sociale projecten die zich toespitsen op invalide of homoseksuele inwoners. Het gebrek aan openbare opdrachten en de zoektocht naar geschikte eigen woningen bracht ze tot de ontwikkeling van bouwgroepen, die de kans bieden om betere materialen te gebruiken, zich meer te richten op duurzaamheid en, niet in de laatste plaats, samen te werken met anderen in opdracht van investeerders.

Om zijn onafhankelijkheid te behouden zou een architect zich volgens hen nooit alleen op bouwgroepen moeten toeleggen. Ze geven zelf de voorkeur aan verschillende vormen van samenwerking. Zo bouwde Christoph Roedig samen met andere collega’s een experimenteel bouwgroepgebouw waarbij gebruik is gemaakt van houtbouw. Het gebouw kwam voort uit het onderzoeksproject ‘fertighauscity 5+’ van de TU Braunschweig. Drie jonge architecten, Christoph Roedig, Philipp Koch en Daniel Rozynski en de ingenieur Michael Kühl doorgronden hier de mogelijkheden van houtbouw als instrument voor stedelijke verdichting. Daarvoor richtten ze het ‘Institut für urbanen Holzbau’ op, dat in Berlin-Pankow onder de projecttitel ‘3xGrün’ dertien woningen van 98 tot 190 vierkante meter verwezenlijkte op een oppervlakte van 1.870 vierkante meter.

Hun truc? Royale vaste ramen en loftachtige ruimtes met 2,25 meter hoge deuren en plafonds zonder balken waarbij het hout grotendeels in het zicht blijft. Verrassend zijn vooral de houten plafonds die aan de tuinzijde door de façade heen stoten om daar zeer ruime balkons met een diepte van meer dan twee meter te dragen. Met een even slimme als flexibele indeling in drie zones, waarbij de middelste zone vaak de badkamer bevat, losten de architecten op elegante wijze het probleem van de kleinere spanwijdten van de houtbouw op en laten ze de draagconstructie vrijwel overal in de wanden verdwijnen. De keuken en slaapvertrekken zijn nagenoeg overal aan de tuinzijde en de woonruimtes aan de straatzijde geplaatst.

De houtbouw is gefundeerd op een tafel van gewapend beton. Hiermee is een oplossing gevonden voor het probleem van door vocht en gewicht belaste gebouwonderdelen als fundering en kelder. Tegelijkertijd is voor de maisonnettes zo een grotere indelingsvrijheid gecreëerd. De verticale lasten worden opgevangen door een houtskeletconstructie met kolommen uit gelamineerd hout en in het plafond geïntegreerde balken uit Kerto S. Dankzij de grotendeels voorgefabriceerde houtbouwelementen is het gebouw uiteindelijk voor 2.100 tot 2.200 euro bruto per vierkante meter woonoppervlak gebouwd. Dat is inclusief de kosten voor de grond én voor het gemeenschappelijke dakterras dat binnenkort wordt uitgebreid met een sauna.

Actie abonnement de Architect

 

Reageer op dit artikel