nieuws

Zaancorridor: Transit Oriented Development

Architectuur

Afgelopen woensdag presenteerden 10 professionele teams en 5 studententeams van de TU Delft hun plannen voor stations in de Zaancorridor. Deze reeks dorpen en steden tussen Amsterdam en Heerhugowaard is de locatie voor een onderzoeksproject waarin een nieuwe strategie uit de ruimtelijke ontwikkeling wordt getest. Vanwege het vele woon-werkverkeer biedt de gevarieerde regio veel potentie voor ‘Transit Oriented Development’ (TOD). Deze strategie gaat uit van een combinatie van vervoer en ruimtelijke ontwikkeling. Voor vijf stations zijn integrale plannen gemaakt.

Zaancorridor: Transit Oriented Development

Verslag door Willem Wopereis

Het project is een samenwerking tussen BNA Onderzoek, Provincie Noord-Holland, de NS, de Vereniging Deltametropool en de TU Delft. De presentaties vonden plaats in het gemeentehuis van Zaanstad te Zaandam. De omgeving is zelf een goed voorbeeld van hoe vervoer en ruimtelijke ordening samenkomen. Een opgetild maaiveld verbindt het station met het centrum. Maar welke kansen bieden de stations Zaandam-Kogerveld, Castricum, Koog-Zaandijk, Heerhugowaard en Krommenie-Assendelft?

Ontwerpen voor concreet beleid

Tijdens de middag wordt duidelijk hoe ontwerpers  kunnen worden ingezet om middels ontwerpend onderzoek strategieën voor de toekomst te ontwikkelen. Het gaat hier om plannen voor termijnen van 5, 20 en 50 jaar. De projecten worden integraal benaderd door te werken in multidisciplinaire teams die bestaan uit architecten, stedenbouwkundigen en landschapsarchitecten, maar ook verkeersdeskundigen en zelfs schrijvers. De kracht van het ‘vorm-geven’ aan toekomstig beleid is onmiskenbaar groot. In plaats van theoretisch beleid worden veel concrete plannen voorgesteld.


Vergezicht aan zee, door: Grontmij, Zwarts & Jansma Architecten & Michel Heesen architectuur & landschap

De zaal zit vol wethouders, vertegenwoordigers en beleidsmakers die enthousiast reageren op de plannen. De teams denken heel anders dan beleidsmakers. Het team Stroomsturing lost bijvoorbeeld een verkeersprobleem op door een autoweg te ‘downgraden’ in plaats van te verbeteren. Addy Verschuren is wethouder in Zaanstad en is erg enthousiast: “verkeersproblemen benaderen met een gevoelsmatig tegengestelde ingreep bedenk je als beleidsmaker niet.” Ook Monique Stam-de Nijs, wethouder in Heerhugowaard, is overtuigd van de kwaliteit van de visies en nodigt de teams uit om de plannen voor haar gemeente een keer uitgebreid voor te leggen.

Plannen

Alle plannen gaan sterk uit van de specifieke locatie. De vijf stations kennen hun eigen probemen en kansen. Verkeersknooppunten zijn vaak plekken met een hoge groeipotentie, waar veel op wordt ingespeeld. Voor Krommenie-Assedelft werd echter ook ‘Park Assenie’ bedacht. Volgens het team is dit geen plek voor groei. De barrièrewerking van het station, dat hier vooral een overstapplaats is, wordt gekeerd door er een park van te maken dat de twee aanliggende dorpen verbindt. Team Zaanzapper bewees dat het om meer dan ruimtelijke plannen gaat. Volgens hen is een metrobusverbinding een ideale vervoersmiddel die de regio naast de trein veel beter bereikbaar kan maken. De afname van het autoverkeer zorgt dan voor veel hogere omgevingskwaliteit.

Voor Castricum wordt ingezet op de bijzondere kwaliteiten van het Landschap. Hoe ga je om met een station dat het dorp van de duinen scheidt? In de visie ‘vergezicht aan zee’ wordt het duinlandschap tot aan het station doorgetrokken. Net als in veel andere visies wordt de waarde van marketing hier benadrukt. Het station moet een eerste visitekaartje van de plek zijn. Edwin van Uum is planoloog bij Het Noordzuiden en benadrukt dat er ook naar eigenaarschap moet worden gekeken. Van wie is het station eigenlijk? “We moeten lokale partijen proberen te binden die baat hebben bij veranderingen aan het station. Imago en identiteit kan voordelig zijn voor verschillende partijen, laat die dan ook investeren.”


Bouwkundestudenten van de TU Delft presenteren in de raadzaal van gemeente Zaanstad

Studenten

De internationale studententeams, onder leiding van Filip Geerts, hebben in doorsnede de verschillende stations onderzocht. Met concrete ontwerpen tonen zij aan dat de barrièrewerking van het spoor op veel manieren op te lossen is. De veelgebruikte loop- en fietstunnel blijkt als oplossing vaak zelf een nieuwe barrière op te werpen in de haakse richting. Door de gehele omgeving van het station te gebruiken weten studenten kwalitatieve verbindingen te creëren. Het team ‘Archipelago Route’ ontwierp een aantal objecten die de noodzakelijke infrastructurele voorzieningen tevens verblijfskwaliteit geven. Naast ‘transit area’ wordt de stationsomgeving hierdoor ook een plek om te blijven. Kleine ingrepen blijken vaak essentieel om het grote geheel van het station tot een succes te maken.


Archipelago Route, door studenten Stef Hoeijmakers (Nederland), Reijiro Sawaki (Japan), Dina Dönch (Duitsland)

Toekomst

Door met ontwerpers naar de toekomst te kijken kan worden bepaald wat op dit moment goede strategische ingrepen zijn. De geschetste scenario’s bieden veel kansen voor de stations zelf, maar tevens voor de Zaancorridor als geheel. De ambitie is om de plannen verder te ontwikkelen. Volgens Ton Bossink van Provincie Noord-Holland is het nu zaak om te kijken wat in de praktijk gedaan kan worden. Dus nu integraal, met alle partijen aan de slag. En hopelijk blijft het niet bij mooie plannen.

De volgende bijeenkomst vindt op 12 november plaats in pakhuis Willem de Zwijger

Actie abonnement de Architect

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels