nieuws

“Trouw blijven aan jezelf en de opdrachtgever”

Architectuur

Aanstaande maandag, 3 maart, sluit de inzendtermijn van de BNA-prijsvraag ‘Beste Gebouw van het jaar 2014’. Deze opvolger van de verkiezing Gebouw van het Jaar kent een nieuwe opzet. De regionale rondes zijn vervangen door categorieën en de inzendingen worden beoordeeld door nog maar één jury. Alle architectenbureaus van wie in 2013 in Nederland een gebouw in gebruik is genomen kunnen deelnemen.

“Trouw blijven aan jezelf en de opdrachtgever”

 

De BNA wil hiermee benadrukken dat goede architectuur meer is dan mooi alleen, en toegevoegde waarde heeft voor opdrachtgever, gebruiker en samenleving. Naast de architectonische kwaliteit, worden dan ook de gebruiks- en belevingswaarde en de kwaliteit van de samenwerking meegewogen.

Een belangrijke vernieuwing bij Beste Gebouw van het Jaar 2014 zijn zoals gezegd de vier categorieën: Identiteit & Icoonwaarde (‘placemaking’), Leefbaarheid & Sociale Cohesie (‘livability’), Stimulerende Omgevingen (‘stimulating environments’), Particuliere Woonbeleving (‘personal environments’). Het manifest ‘Architectuur als maatschappelijke kracht’ (BNA, 2011) is hierbij de inspiratiebron.

Interview met de winnaars van 2013

De overall winnaar van de ‘oude’ verkiezing van 2013 is Het Ketelhuis Ceres op de campus van de TU/e van diederendirrix. Simone Olsthoorn vroeg aan projectarchitect Rob Meurders wat de onderscheiding voor hun en voor het project betekende. En wat voor kansen de nieuwe opzet van de verkiezing biedt.

Wat betekent het project Ketelhuis Ceres voor jullie?

Achteraf betekent het door het winnen van de prijs nog veel meer. In eerste instantie was het vooral een hele leuke opgave. We stappen altijd enthousiast in opgaven, zeker als ze ingewikkeld zijn en er niet direct een duidelijke oplossing is. In dit geval vormden de beperkingen juist de uitdaging.

Hoe hebben jullie de opdrachtgever weten te overtuigen voor jullie te kiezen?

Tijdens de selectie heb ik een visie gepresenteerd waarvan ik wist: of dit valt goed, of hij wordt meteen van tafel geveegd. Het is dus goed uitgepakt. We respecteerden het bestaande, maar waren tegelijkertijd niet te voorzichtig. We gaven het gebouw toch die nieuwe impuls die nodig was. Hiervoor moesten we bijvoorbeeld een gevel opofferen en daarvoor kregen we niet direct de handen op elkaar, het is immers een gebouw met historie. Maar we hebben het bestaande wellicht juist versterkt, het verborgene aan het licht gebracht. De zorgvuldige detaillering, de kleuren, er is weer begrip voor de constructie en de ruimtelijkheid. De bouwkundige ruimtes kon je niet zien.

Hoe was de samenwerking met de opdrachtgever?

De dialoog met de opdrachtgever was over het algemeen heel goed. In het ontwerptraject stuitten we op een aantal problemen waarvan wij vonden dat er een integrale oplossing voor moest komen. Wij hebben vervolgens een stuk projectmanagement gedaan, terwijl dat eigenlijk niet onze opdracht was. We wilden dat de opdrachtgever het gebouw zou krijgen dat hij verdient. We hebben wel aan de opdrachtgever te danken dat ze ons hierin hebben gesteund.

Hoe verliep de uitvoering van het project?

Het was een lastig proces, want er was niet veel geld beschikbaar voor het ketelhuis. Er moest veel gebeuren op het terrein van de TU en het Ketelhuis was de underdog. Ze waren blij dat het Ketelhuis überhaupt aangepakt kon worden, het instituut dat er nu gehuisvest is zeker. Gaandeweg merkte ik dat ik de lat steeds hoger kon leggen. De gebruiker was eerst heel traditioneel, ze wilden eigen kamertjes, niet te open ruimtes, het uiterlijk was van ondergeschikt belang. Gaandeweg zag de gebruiker in dat ze deze kans moesten grijpen. Ze zagen het als een cadeautje dat het Ketelhuis zo goed kon worden aangepakt. Hierbij waren wij de spil, op de oude manier van bouwmeester. Het project is dicht bij kantoor, dus ik kon er vaak langs, ook tijdens de bouw. Dat moet ook wel bij herbestemming. Je komt onverwachte dingen tegen bij een gebouw dat al staat. Verschillen in maatvoering bijvoorbeeld. De uitvoering ging goed, omdat we veel tijd hebben gestoken in toezicht op de bouw. Je merkt vaak dat een partij geen prioriteit heeft bij een gebouw. Voor de kwaliteit is het van belang dat de architect de spil is in het proces en van begin tot eind betrokken is. Ik merk dat het besef van dit belang terugkomt, omdat de architect alles kan overzien. Ik denk dat andere partijen ook een rol kunnen spelen en taken kunnen overnemen, maar ik hoop dat de centrale rol altijd bij de architect zal blijven.

Hoe voelde het om genomineerd te zijn voor Gebouw van het Jaar?

Heel leuk. Ik was zelf heel tevreden over het project, zeker gezien het budget en de planning. We hadden het project ingediend om het aan de wereld te laten zien. De nominatie was een verrassing. Ik dacht dat het project niet groot en exhibitionistisch genoeg zou zijn. Het is mooi dat de bescheidenheid is opgemerkt door de jury. Toen ik het juryrapport las, las ik veel terug hoe wij dingen inderdaad zien en aanpakken.

En hoe was het om de prijs in de wacht te slepen?

We hadden het zeker niet verwacht. Heet leek bij de uitreiking het feestje van de regiowinnaars te worden, wat wij ook terecht hadden gevonden. We vinden het een leuk initiatief van de BNA en verwachten ook dat er veel mensen bereikt worden. We wilden bij het feestje zijn en hadden niet verwacht dat het ons feestje zou zijn.

Wat heeft jullie dit gebracht, in promotie en opdrachten?

Zeker als je ziet hoeveel aandacht het krijgt. We kregen heel veel positieve reacties, uit de hele bouwsector en van opdrachtgevers. Het is dus meer dan een architectenfeestje. Het is niet zo dat de telefoon roodgloeiend stond met opdrachten, maar indirect werkt het wel heel goed. Bij aanbestedingen bijvoorbeeld. We hebben geregeld opdrachten binnengehaald, dan merk je toch dat het doorwerkt. En je kunt het project heel goed gebruiken als referentieproject, het is een stempel van kwaliteit.

Doen jullie dit jaar weer mee?

Ja natuurlijk! We hebben ook een heleboel projecten die we kunnen insturen. Niet alleen herbestemming, maar ook nieuwbouw. Wat ik goed vind, is dat er dit jaar categorieën zijn, dat maakt de prijsvraag interessanter.

En hebben jullie tips voor de deelnemers/winnaar?

Aan de deelnemers: het is een bevestiging dat je moet doen waarin je gelooft. Trouw blijven aan jezelf en de opdrachtgever. In het verleden kon je met een arrogant ontwerp hoge ogen gooien, maar kon je veel over het hoofd zien. Wij doen het voor gebruiker en opdrachtgevers, daardoor is de kwaliteit beter.

Aan de winnaar: geniet ervan. Door alle hectiek ben ik dat het afgelopen jaar weleens vergeten. Misschien ook door al het werk, de waan van de dag.

Reageer op dit artikel