blog

Blog – Architectuur en ontwikkeling

Architectuur

Door Harm Tilman – Het gebied buiten de stad is sneller veranderd dan we door hebben. Het landschap van datacentra, bedrijfsterreinen, landbouwschuren, distributiecentra en kassen stelt op zijn minst uitdagingen aan architecten. De vraag is: wie maakt dit gebied?

Zonder dat wij er veel acht op hebben geslagen, is Nederland gaan behoren tot de lelijkste landen van Europa, schrijft Max Pam afgelopen week in de Volkskrant. Hij schrijft over bedrijfsterreinen en distributiecentra langs Nederlandse snelwegen, “langgerekte blokkendozen, honderden voetbalvelden lang, die als legostenen liggen in wat vroeger ‘het landschap’ werd genoemd.”

Datacenter ITB-Kwadraat door Mike Klerks

Post-stad

Het is het landschap dat architect Rem Koolhaas ons als wenkend perspectief voor de 21ste eeuw voorhoudt. Koolhaas omschrijft het in een interview met de Financial Times als “a new sublime. A landscape totally dictated by function, data and engineering. The scale alters, the human becomes almost irrelevant. The paraphernalia of human habitation can be reduced. We are in a moment of transition now, in a half-human, half-machine architecture. Is this a post-city? If we articulate it properly it could be insanely beautiful.”

Equinix ,AM4, Amsterdam, NL, Benthem Crouwel architects, Amsterdam, 2017

Afschaffing van Ministerie VROM

Pam vraagt zich af wat in Nederland met de ruimtelijke ordening is gebeurd. Hij betreurt het dat het vroegere ministerie van VROM in 2010 is afgeschaft. Een gedeelte ervan werd ondergebracht bij het ministerie van Verkeer en Waterstaat dat toen het ministerie van Infrastructuur en Milieu ging heten, terwijl het andere deel opging in het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties.  Pam: “Vermoedelijk is VROM binnen het samengevoegde ministerie helemaal opgevreten door Verkeer en Waterstaat, want anders valt niet te verklaren dat Nederland langs de snelwegen zo’n infrastructurele rotzooi is geworden. “

Depot van Amazon Beeld Scott Lewis

Stedebouw door ontwikkelaars

De tijd waarin de overheid de ruimtelijke ordening strak regisseerde ligt inmiddels al weer enige tijd achter ons. De opheffing van VROM is eerder het sluitstuk van dit proces dan het begin. Stedebouw is vanaf de jaren 80 een zaak geworden van ontwikkelaars en financiers. Door de relaties tussen opdrachtgever en ontwerper zijn architecten als ondernemers sterk verbonden met deze wereld. Enige reden om terug te keren naar de wereld van planologische diensten en commissies is er dan ook niet meer. Maar Pam heeft ook gelijk dat het huidige ruimtelijke beeld niet altijd aantrekkelijk genoemd kan worden.

Datacentrum en lab op Zernike-Campus door Team 4

Wie maakt de stad?

De vraag nu is: wie maakt de stad? De overheid beschikt over weinig publieke middelen maar het private geld is globaal in overvloed aanwezig en is plaatselijk druk op zoek naar investeringsmogelijkheden. Grote vraag in het hele complexe spel  dat stedebouw heet, is wie aan de touwtjes trekt: degene die het geld heeft of degene die de ideeën heeft? Zeker ligt de vraag op tafel hoe ontwerpers gaan werken te midden van de huidige processen van ruimtelijke ordening, daarin potenties ontdekken die verbonden zijn met lokale samenlevingen, en die versterken. Ontwerp kan zich richten op “wat kan zijn”, gegeven zijn agenda van transformatie.

YesDelft-Laboratorium. Beeld Cepezed Leon van Woerkom

Hervormingsbewegingen

Ook lijkt het zaak oog te hebben voor de extreem diverse actoren die gezamenlijk het veld van de ruimtelijke ordening bespelen. Het door functie, data en engineering gedicteerde landschap vergt een debat dat in het beste geval kan resulteren in een samenspel tussen alle processen van ruimtelijke ordening. Het doet herinneringen bovenkomen aan de negentiende eeuw toen verschillende grote hervormingsbewegingen opkwamen. Ook toen leidde de zorg voor het samenwonen van de bewoners in zowel humane als non-humane vorm tot nieuwe stedelijke modellen.

Laboratorium voor infectieziekten door de Zwarte Hond

Waar gaan de revenuen heen

Ebenezer Howard bijvoorbeeld ging in op de dichotomie tussen het wonen in de stad en op het platteland. Beide woonvormen kenden volgens hem voordelen, maar noch de ene noch de andere waren als ideaal te beschouwen. Als oplossing stelde Howard de tuinstad voor, die de voordelen van beide zou weten te combineren. Iets dergelijks is nu misschien ook weer aan de orde. Alleen kunnen we nu in plaats van de vraag “waar gaan mensen wonen” de vraag stellen “waar gaan de revenuen heen”. Gaan ze naar ontwikkeling of gaan ze naar architectuur? Beter nog: kunnen ze naar beide gaan?

Fabriek van Tesla. Beeld Planet_Labs


Lees ook

Reageer op dit artikel