blog

Blog – Workshop architecten maakt vliegende start

Architectuur

Workshop architecten is het nieuwe bureau van Ard Hoksbergen, Milad Pallesh en Ivar van der Zwan. Afgelopen vrijdag trapten ze af op een zeer druk bezochte bijeenkomst in Arcam Amsterdam. De stemming was uitermate opgewekt, immers tal van steden zijn voornemens de komende jaren veel woningen te bouwen, Amsterdam voorop. Volop werk voor architecten dus, zou je zeggen. Maar hebben architecten nog wat te zoeken in de woningbouw?

Blog – Workshop architecten maakt vliegende start
Op een feestje in Arcam gaat Workshop architecten officieel van start. Van links naar rechts Milad Pallesh, Yvonne Franquinet (Arcam), Ard Hoksbergen en Ivar van der Zwan. Beeld Giedo van der Zwan

Volgens Ard Hoksbergen is dit dé tijd om een bureau te beginnen. De drie partners van Workshop willen in de komende periode het bureau verder uitbouwen maar niet het risico lopen managers te worden en aan ontwerpen niet meer toe te komen. Hun grootste wens is om uiteindelijk publieke gebouwen te maken, iets wat in de huidige tender- en aanbestedingscultuur buitengewoon lastig is. Samenwerking staat daarom hoog in het vaandel van Workshop.

Streven naar kwaliteit

Als ik Workshop vraag wat ze onderscheidend maakt, noemt zij haar bovengemiddeld streven naar kwaliteit. Het bureau wil alleen met de essentie van architectuur een sterk verhaal neerzetten. De partners vullen elkaar daartoe prachtig aan, zo bleek uit het korte gesprek dat Arcam-directeur Yvonne Franquinet tijdens de opening met ze voerde. Milad is de gevoelsmens, die leeft voor zorgvuldige architectuur. Ivar is vasthoudend en stopt niet voordat alles klopt. En Ard wordt geroemd om zijn vermogen om in zo vroeg mogelijk stadium alle partijen bij elkaar te brengen.

 

Oud Academie-directeur Aart Oxenaar spreekt de partners van Workshop architecten toe. Beeld Giedo van der Zwan

Mee-ontwerpen met context

Op een kleine expositie in Arcam heeft Workshop haar eerste projecten samengebracht. Tezamen vormen ze een prachtig manifest van wat het bureau ambieert en vermag. Uitgangspunt vormt het mee-ontwerpen met stedelijke context, materialen, gebruikers en toekomst. In de woorden van Workshop zelf gaat het om “gebouwen die genereus zijn voor zowel context als gebruikers. Tijdloze gebouwen die veranderingen kunnen absorberen, zich vanzelfsprekend in hun omgeving nestelen en daar extra gelaagdheid in aanbrengen.”

Expositie in Arcam met het werk van Workshop architecten. Beeld Milad Pallesh

Komend uit de tussentijd

Alle drie partners hebben hun eerste schreden in de architectuur midden in de crisis gezet. Aart Oxenaar, oud-directeur van de Academie van Bouwkunst Amsterdam, gebruikte in dit verband het mooie woord tussentijd. Als je die hebt overleefd dan overleef je alles. Bovendien lijkt de crisis achter de rug te zijn. Tal van steden gaan de komende jaren immers veel woningen realiseren.

De gemeente Amsterdam heeft een ambitieuze koers 2025 uitgezet

Ambitieuze bouwprogramma’s

Zo wil Amsterdam tot 2025 binnen haar stadsgrenzen 50.000 woningen bouwen. In Amsterdam zijn 1250 architecten. Dat betekent dat ieder architect in die tijd 40 woningen mag bouwen, ofwel 5 woningen per jaar, rekende architect Ard Hoksbergen afgelopen vrijdag voor. Omdat ze met zijn 3en zijn, zouden zij er bij gelijke verdeling jaarlijks 15 mogen bouwen. Aantallen zijn niet belangrijk, wilde Hoksbergen maar zeggen, kwaliteit wel.

Op deze kaart staan de projecten die de gemeente Amsterdam in het kader van haar Visie 2025 wil realiseren

Nieuwe generatie

Oxenaar vroeg zich echter af of je in zo’n klimaat überhaupt kwaliteit kunt vasthouden. Een terechte vraag, zeker ook omdat het grootste deel van de productie zal dienen te geschieden met aannemers die niet altijd oog hebben voor architectonische ambities. Veel architecten, voor zover ze de tussentijd hebben overleefd, wenden zich om deze reden af van woningbouw. De jongere generatie is minder belast. Volgens Workshop is iedere tijd een goede tijd voor kwaliteit.

Workshop architecten heeft in samenwerking met marco.broekman en LINT de prijsvraag voor het Erasmusveld (Den Haag) gewonnen. Hun winnende ontwerp wordt gekenmerkt door getrapte woonblokken met grote buitenruimtes. 

Woningen maken de stad

En woningbouw is een prima opstap naar werk. Woongebouwen maken samen met infrastructuur en voorzieningen de stad en alleen al door ze te positioneren en de vorm ervan vast te leggen, kun je de leefkwaliteit ervan verbeteren. Hoksbergen wijst op Nieuw West waar de kwaliteit nog altijd betrekkelijk slecht is. Aannemers hanteren strakke bouwsystemen, maar projecten beginnen met stedebouwkundige studies waar je al veel mee kunt bereiken.

In de openbare ruimten zijn ecologische en recreatieve routes uitgezet die voor iedereen toegankelijk zijn. 

Zichtbaarheid voor opdrachtgevers

Uiteindelijk zul je goede opdrachtgevers moeten zien te vinden. De in Nederland ontluikende prijsvraagcultuur biedt daarop volop kansen. Zo won Workshop zeer onlangs, in samenwerking met marco.broekman en LINT landscape architecture, de prijsvraag voor een project met 100 woningen op het Erasmusveld tussen Den Haag en Wateringen. De opdrachtgever (BPD, het voormalige Bouwfonds) stelt het winnende team in de gelegenheid het plan te realiseren. Mooi bijkomend effect is de grotere zichtbaarheid van Workshop voor andere ambitieuze opdrachtgevers in de woningbouw.

 

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels