blog

Blog – Biennale Venetië: van project naar alledaagse leefomgeving

Architectuur

Reporting from the Front, heet de Biënnale van Venetië die een week geleden haar poorten voor het grote publiek opende. Al op de boot van het vliegveld naar de stad grapte een vriend of ik niet was vergeten mijn helm mee te nemen. Maar de curator, de 48 jaar oude Chileense architect Alejandro Aravena, maakt zich op voor andere veldslagen: die tegen de armoede, de sociale ongelijkheid en de milieucrisis in de wereld. Hij voert ze om de kwaliteit van de gebouwde omgeving te verbeteren.

Blog – Biennale Venetië: van project naar alledaagse leefomgeving

Tegelijkertijd is deze Biënnale een scherp geformuleerde aanklacht tegen de globale economie en de vastgoedsector. In de optiek van Aravena hebben beide een desastreuze uitwerking op de alledaagse leefomgeving. De kapitaalstromen en hiermee verbonden investeringen leiden immers wel tot een vernieuwing op bepaalde punten in de stad, maar bieden weinig soelaas tegen de processen van verwaarlozing in de overige gebieden. 

Alledaagse omgeving

Aravena verschuift de aandacht van het stedelijke project naar de alledaagse leefomgeving, van de aanbodkant naar de vraagkant in de architectuur en van de ontwerpers naar de mensen die deze gebouwen huren, gebruiken, bouwen en schoonmaken. Vooral die delen van de tentoonstelling waarin aandacht wordt gevraagd voor de vluchtige en efemere kanten van het stedelijke leven, zijn zeer de moeite waard.  

 Zaal van de vrouw met de trap op de Biënnale van Venetië

Architectuur in actie

De Biënnale van Aravena is er een van optimisme. Het beeld van de vrouw op de ladder onderstreept dit. Wat ziet ze, vraagt Biënnale directeur Paolo Baretta zich af. Vermoedelijk een woestenij met verstedelijkte gebieden die niemands bewondering afdwingen. Maar ze ziet ook tekenen van creativiteit en inventiviteit die hoop bieden. Baretta vat het mooi samen: “architectuur in actie als instrument van het sociale en politieke leven, als instrument dat ons uitdaagt de publieke gevolgen van private acties op een hoger plan te brengen.”

Gabinete de Arquitecture op de Biënnale van Venetië Gouden Leeuw

De Gouden Leeuw werd dit jaar dan ook gewonnen door het Spaanse paviljoen. Het bestaat uit gebouwen die na de financiële crisis van 2008 nooit meer zijn afgemaakt, samen met voorstellen van radicale architecten voor stedelijke transformaties. Deze voorstellen laten zien hoe je architectuur kunt bedrijven onder economische beperkingen. Volgens de curatoren dwingt de economische crisis die Spanje harder trof dan andere Europese landen, architecten om slimmer met schaarse middelen om te springen.

Het Spaanse paviljoen won de Gouden Leeuw op de Architectuur Biënnale van Venetië 2016.

Renovatie en transformatie

Aravena sluit hierop aan en meent dat de tijd van de grote gebaren voorbij is. In de architectuur van nu gaat het om herstel, renovatie en transformatie. Aravena’s Biënnale is de Biënnale van het hand- en metselwerk, het samenwerken en het belang van bottom up en ad hoc. De tentoonstelling laat op uiteenlopende manieren zien hoe de armen kunnen worden geholpen en migranten kunnen worden gehuisvest; sociale ambities gekoppeld aan architectonische bescheidenheid.

Impressie van het Spaanse Paviljoen

Roma Interrotta

De verschuiving kan wellicht het beste worden verklaard door het Amerikaanse paviljoen te vergelijken met het Belgische paviljoen. De Amerikanen pakken groots uit met een geweldige ontwerptentoonstelling over Detroit. In ‘The Architectural Imagination’ waan je je als toeschouwer terug in de jaren 80 van de vorige eeuw, toen vergelijkbare tentoonstellingen als Roma Interrotta en Città Imaginate werden gehouden.

Voorstellen vernieuwing Mexican Town, Southwest Detroit, Amerikaans paviljoen

 

Bouwen en financieren

De twee curatoren, Cynthia Davidson en Monica Ponce de Leon, selecteerden twaalf architecten waaronder Greg Lynn, Stan Allen en Preston Scott Cohen en vroegen hen speculatieve architectonische projecten te tekenen op vier specifieke locaties in Detroit. Het resultaat is een indrukwekkende tentoonstelling maar niet helemaal wat Aravena voor ogen zal hebben gestaan. De voorstellen leggen namelijk een opmerkelijke minachting aan de dag voor de expertise die nodig is om architectuur op deze schaal gefinancierd en gebouwd te krijgen.

Voorstellen vernieuwing US Post Office, 1401 West Fort Street, Detroit, Amerikaans paviljoen

 

Schaarste

Het Belgische paviljoens dat is samengesteld door De Vylder Vinck Taillieu, Doorzon en Filip Dujardin, gaat hier juist niet aan voorbij en toont een andere kant van de architectuur. Het vraagt zich af wat de mogelijkheden zijn voor architectuur in steden die kampen met teruggang en schaarste. Het paviljoen toont dertien uiteenlopende projecten van dertien verschillende architecten waarin bestaande gebouwen op eigenzinnige wijze zijn getransformeerd, afgewisseld met zogenoemde ‘memorials’ van Dujardin bestaande uit collages van bouwelementen.

Scoutslokalen, Blankenberge 2008, project van Els Claessens en Tania Vandenbussche, Belgisch paviljoen

 

Kracht architectuur

Evenals in het Amerikaanse paviljoen wordt hier de onverminderde kracht van architectuur gevierd, zij het op een manier die vele malen subtieler en vermoedelijk meer steekhoudend is. Ook neemt het afstand van de wat gemakkelijke manier waarop in de hoofdtentoonstelling wordt gedweept met eenvoudige materialen, constructieve naïviteit en handwerk. Om architectuur naar onderbedeelde gemeenschappen te brengen is nu eenmaal meer nodig.

Crèche De Strandloper, IGLO, Antwerpen 2013, project van De Smet Vermeulen, Belgisch paviljoen

Zelfverzekerd

In het Belgische paviljoen staat het vakmanschap centraal en dan vooral de toegevoegde waarde ervan. Volgens mede-curator Jan De Vylder kan vakmanschap veel betekenen in een periode van economische schaarste. In de omgang met die schaarste is immers veel precisie nodig. Tegelijkertijd wil Vlaanderen laten zien een van de meest vitale architectuursectoren in Europa te zijn. Het getuigt van de sterk toegenomen zelfverzekerdheid van het Belgische architectuurbeleid.

Memorial van Filip Dujardin

Bravoure

De term Bravoure komt dan ook niet uit de lucht vallen. Je kunt het vergelijken met het woord Superdutch waarop de noorderburen van de Belgen zich zelf twintig jaar geleden feliciteerden. We weten hoe het daarmee is afgelopen. Laten we hopen dat dit lot de Belgen bespaard blijft.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels