blog

Blog – Biënnale architectuur 2016: Reporting from the Front

Architectuur

Vluchtelingen en migratie behoren dit jaar tot de opvallendste topics op de Biënnale. Andere thema’s die worden geadresseerd op deze tweejaarlijkse architectuurtentoonstelling zijn huisvesting, recycling, bouwen en nieuwe constructiemethoden. In de periferie van de biënnale rukt de commercialisering van de architectuur echter op.

Blog – Biënnale architectuur 2016: Reporting from the Front

Om de urgentie van al deze thema’s te onderstrepen positioneert de Chileense architect en curator Alejandro Aravena, de tentoonstelling als een ‘Reporting from the Front’ (‘berichtgeving van het front’). Architecten worden aangespoord urgente globale issues aan te pakken. Deze gaan volgens Aravena de gehele mensheid aan, niet alleen architecten.

Overweldigend
Het heeft geleid tot een overweldigende tentoonstelling met tal van projecten waarvan de gebruikte materialen worden getoond en de manier waarop ze zijn verwerkt. Een ander terugkerend thema is de wijze waarop architecten programma’s hebben ontwikkeld en naar hun hand gezet. In het verlengde hiervan wordt de nodige aandacht besteed aan de rol die architectuur speelt in politieke, geografische en etnische conflicten.

  

Aankomststad
Naast de hoofdtentoonstelling in de Arsenale en het Centrale paviljoen bestaat de biënnale uit landenpaviljoens. In de beste gevallen sluiten ze aan op Aravena’s inzet. In het Duitse paviljoen wordt bijvoorbeeld onderzocht waaraan een aankomststad voor migranten dient te voldoen. Om deze thematiek te onderstrepen, zijn in het gesloten paviljoen vier grote openingen gezaagd die niet kunnen worden afgesloten. Ze staan symbool voor de openheid van Duitsland tegenover vluchtelingen.

  

Welkome suggesties
Hoofdtentoonstelling en landenpaviljoens samen bieden een reeks boeiende suggesties wat architectuur kan bijdragen aan de meest nijpende problemen van dit moment. Maar behalve een weerspiegeling van de thema’s die in de architectuur een rol spelen of zouden moeten spelen, is de editie van dit jaar ook een weerspiegeling van de groeiende commercialisering van de architectuurindustrie.

 

Profiteren van naamsbekendheid
Dat in de periferie wordt meegelift op het merk Biënnale, is niets nieuws. Zo organiseert de Italiaanse architect Marco Piva de tentoonstelling ‘Designing The Complexity’. Daarvoor heeft hij de prestigieuze “Scuola Grande della Misericordia” van de Italiaanse renaissance architect Jacopo Sansovino afgehuurd. In naam richt ze zich op het ontwerponderzoek achter de ontwerppraktijk van Piva, maar feitelijk is ze een niet mis te verstane boodschap aan zijn (potentiele) opdrachtgevers. En wie de moeite neemt naar de Misericordia te gaan, vallen vooral de presentaties van de betrokken sponsoren op.

 

Biënnale en commercie
De verweving van Biënnale en commercie gaat echter verder. Een voorbeeld hiervan is de tentoonstelling ‘Time Space Existence’ die gelijktijdig met de Biënnale wordt georganiseerd. Ze wordt dit jaar met de officiële zegen van Aravena voor de derde maal gehouden. Dat dit een succesvolle operatie is, blijkt alleen al uit het feit dat de organisatie drie palazzo’s afhuurde om alle geïnviteerde architecten te kunnen huisvesten.

 

Hoge huur
Opvallend is dat alle architecten los van hun eigen investeringen, voor een solopresentatie de organisatoren 1.500 euro per m2 en minimaal 15.000 euro dienen te betalen aan de organiserende partij. Een flink bedrag dat veel architecten nauwelijks kunnen opbrengen. De organisatie roept de deelnemende architecten dan ook op zelf actief op zoek te gaan naar sponsoring bij overheidslichamen, private partijen, toeleveranciers, opdrachtgevers of zelf voor dit bedrag op te draaien.

 

Dilemma
Met steun van het Stimuleringsfonds Creatieve Industrie nemen dit jaar ook enkele Nederlandse architecten deel aan ‘Time Space Existence’. Je kunt je afvragen of dit slim is, want in feite wordt hier met publiek geld een commerciële organisatie gesponsord. Een meer principiële vraag is wellicht of de representatie van een architectenpraktijk wel subsidiering behoeft.

 

Fair Building: bestaat eerlijk bouwen?
De Biënnale is een plek waar je de bouwpraktijk juist kritisch kunt onderzoeken en het zou jammer zijn als dit verdwijnt. Gelukkig zijn hier nog volop voorbeelden van te vinden hoe het wel kan. Zo richt het Poolse paviljoen de aandacht op de bouwvakkers waarmee het land grote bekendheid geniet. Het laat zien onder welke hoge druk en met welke grote gevaren deze arbeiders hun werk doen. Het Poolse paviljoen vraagt zich terecht af of het bouwproces effectiever kan, maar ook of ‘fair building’ mogelijk is.

 

Incidental Space: wat is architectonisch mogelijk?
In het Zwitserse paviljoen staat de architectuur centraal. Het sterke is dat dit gebeurt via de architectuur zelf. Beslissingen die architecten in het bouwproces nemen zijn volgens curator Sandra Oehy geen kwestie van smaak maar van architectonische consequenties. Het project ‘Incidental Space’ van architect Christian Kerez leest als een spannende speurtocht naar de maakbaarheid van architectuur, zowel qua beeld als techniek. Het komt zo verassend dicht in de buurt van Aravena’s ambitie uit.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels