blog

Biodiversiteit in steden hard nodig

Architectuur

In stedebouw is een opgaande lijn te bespeuren. In de jaren zeventig werd nagenoeg geen aandacht aan biodiversiteit besteed en stond groei voorop. Bij de hedendaagse plannen is een koerswijziging gaande en moeten plannen de stad maken tot een plek waar mensen, dieren en planten samenwonen, en daarvoor de benodigde ruimte te creëren.

Biodiversiteit in steden hard nodig

 

Stadsbewoners vinden het plezierig om te leven met rijke natuur. Dieren en planten vinden in de stad gemakkelijk een grotere variatie aan leefmilieus dan op het platteland. Maar dan moet wel tijdig iets veranderen. Nu veel steden hun stadsgrenzen hebben bereikt en wordt gezocht naar verdichtingsmogelijkheden komt het leefgebied van stadsdieren in gevaar doordat groenstroken verdwijnen en worden opgeofferd aan bebouwing.

Gelukkig zijn architecten, landschapsarchitecten en stedebouwers zich bewust van deze problematiek en sturen ze aan op biodiversiteit bij het ontwerpen, bouwen en beheren van de stad. Tot nu staan de ontwikkelingen (helaas) nog in de kinderschoenen en zijn er nog geen direct uitgewerkte plannen. Een voorloper is het plan voor Gosvernor Island door West8. Daar zijn de aanwezige diersoorten in kaart gebracht en onderdeel van het ontwerp.

 Venhoeven_Opinie Astrid de Wilde_Architectuur en biodiversiteit

Het concept voor Biesbosch Centraal in Dordrecht van Venhoeven CS

Ook Arcam houdt zich intensief bezig met onderzoek. DS Landschapsarchitecen, adviesbureau Lehner/Gunther, en studenten en alumni van de Universiteit Leiden, de Academie van Bouwkunst Amsterdam, de Universiteit van Amsterdam en de Design Academy Eindhoven zijn sinds vorig jaar bezig met onderzoek naar biodiversiteit. Zo is een LAB-team van jonge onderzoekers bezig geweest met de vraag in hoeverre beleid en regelgeving invloed hebben op het bouwen voor biodiversiteit. Bouwbesluit, beheerplannen, prestatie-eisen van bouwmaterialen – hoe verhouden ze zich tot de biodiversiteit van het bouwen? Welke obstakels werpen ze op, en welke veranderingen zijn wenselijk?

De resultaten van dit project zijn verwerkt in de tentoonstelling ‘Live with Life, Bouwen voor Biodiversiteit’, een co-productie van landschapsarchitect Maike van Stiphout, architect Mathias Lehner en Arcam. Deze tentoonstelling is tot en met 13 september te zien in Arcam Amsterdam.


Een laaglandpark zoals Stoss Landscape Urbanism voor zich ziet

Niet alleen in Nederland buigen ze zich over deze problematiek. Ook andere Europese steden willen biodiversiteit in hun steden behouden of terugbrengen. Zo hebben in Zwitserland Thomas E. Hauck Wolfgang W. Weisser in Animal Aided Design (AAD) onderzoek gedaan naar de opzet van die steden waarin mens en dier naast elkaar leven. Het onderzoek besloeg twee categorieën, dierenliefde en landbouwdieren, de zogenaamde nuttige dieren.

In beide categorieën zijn concepten uitgelicht. Zo is in het concept voor het Biesbosch Centraal Station in Dordrecht van VenhoevenCS uitgelicht als voorbeeld van biodiversiteit. Voor de categorie nuttige dieren wordt het hoogbouwplan ‘Pig City’ van MVRDV beschreven. Dit plan bestaat uit 76 torens die elk 622 meter hoog zijn. De verdiepingen zijn 87 bij 87 meter groot en de varkens kunnen buiten lopen op uitstekende balkons waarop beplanting groeit. Varkens die klaar zijn voor de slacht worden met liften afgevoerd. Bovenop elke flat bevindt zich een vissenkwekerij die in een deel van het voer voorziet. Door middel van een biogastank worden de flats van energie voorzien. Door het plaatsen van 44 flats in de haven en de andere in de buurt van grote steden worden de transportkosten drastisch teruggebracht. 

pigcity
Varkens ondergebracht in hoogbouw, in Pig City. Een (hopelijk nooit uit te voeren) idee van MVRDV

In het onderzoek van AAD wordt uitgegaan van de levenscyclus van de verschillende diersoorten en het nut van het dier voor de omwonenden. De burgers zijn meer bereid in te leveren zodra zij het dier ‘leuk’ vinden, bijvoorbeeld omdat het mooi gezang produceert of een hoog aaibaarheidsfactor heeft.

Vlinders

In de categorie kleurrijk valt de vlinder. De levenscyclus van dit insect is veel korter dan bijvoorbeeld van een vogel. Een vlinder heeft vanwege zijn kortere levensfase minder ruimte nodig. Deze soort kan zich voorplanten in holle bomen of in kelders, garages en dakranden. De luchtvochtigheid is daarbij van belang. Wel moet de overwinteringsplek in de nabijheid van pollen en nectar zijn. Als de pop zich ontvouwt tot vlinder, moet hij zich gelijk kunnen voeden en verder gaan met de instandhouding van de soort. Een vlinder kan dan ook makkelijker overleven in de stad dan vogels die een langere levenscyclus kennen.

Plataan_Biodiversiteit in steden_Opinie_Astrid de Wilde
In Zoetermeer woedt een felle strijd voor het behoud van de Platanen.
Voor- en tegenstanders moeten elkaar halverwege tegemoet komen.

Vogels

Vogels hebben behoefte aan een goede plek voor hun nest die dan ook nog op de goede windrichting moet liggen en ver van de andere soortgenoten. Het moet bescherming bieden tegen rovers (niet alleen de klassieke roofvogels, maar vooral de andere stadssoorten, zoals kraaien, eksters, gaaien en meeuwen die steeds meer landinwaarts trekken). De vogel heeft bomen nodig om te overleven en bomen worden nu eenmaal niet altijd gewaardeerd door de stedelingen. Daarbij moet de aanvliegroute van de oudervogels naar het nest geen obstakels hebben. Het wordt voor de soort dan ook steeds lastiger om zich te handhaven in de stad.

Zoogdieren

Zoogdieren is een categorie waarvoor het helemaal moeilijk is. De aaibaarheidsfactor speelt hierbij een grote rol. Bij een kat ten opzichte van een rat is de keuze makkelijker. Waar de rat wordt bestreden als overbrenger van ziektes wordt dit risico bij (zwerf)katten over het hoofd gezien. We vinden katten nu eenmaal leuker. Alleen in Nederland hebben we al 2,6 miljoen katten, een reden te meer om de biodiversiteit in steden goed te onderzoeken en mee te nemen in de toekomstige stedebouw.

Natuurlijk begrijp ik dat alle goedbedoelde initiatieven op dit gebied naar de achtergrond verdwijnen zodra zich grote natuurrampen voordoen waarbij veel slachtoffers vallen. De eerste prioriteit is dan een stabiele stedebouw. Maar desondanks blijft een grote groep mensen zich inzetten voor de natuur en hun leefgebied. En daarvoor hulde.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels