blog

Detail 06 – ‘Honingraat’

Architectuur

Schiedam, Overschie, Schiebroek, Schiemond. Schiemond? Schiemond is een bijzondere woonwijk in Rotterdam-West, tussen Delfshaven en de Maas. Dat klinkt gezellig of lekker Rotterdams stoer, maar dat is schijn. De wijk is in de jaren tachtig opgezet, nadat de havenactiviteiten hier waren vertrokken. Ze bestaat (bijna) volledig uit sociale woningbouw. De architecten zijn Jelle Jelles en Zdeněk Zavřel. Wie kent ze nog? De architectuur is wat je ervan verwacht; karige betonsteen en saaie baksteen, maar met goede woningplattegronden. De bewoners vinden het prima en komen uit alle windstreken.

Detail 06 – ‘Honingraat’

Zoals veel sociale woningbouwprojecten in Rotterdam, is Schiemond prachtig gesitueerd aan de Maas. Sinds kort houd ik er kantoor, in Villa Hoboken, een voormalige destilleerderij, een van de overgebleven oude panden. Onderweg naar kantoor fiets ik over de boulevard met links het water en rechts flinke woontorens. De torens hebben een intrigerende plint. Deze plint is dicht, op wat luikraampjes na, er zullen wel bergingen in zitten. De gevel is bekleed met betonnen zeshoeken, een soort honingraatstoeptegels. In de harde, stenen zee van saaie rechthoeken springt deze vorm eruit.

Honingraat Opinie Marjolein van Eig maartnummer 2015 de Architect 

De honingraat doet denken aan de Rotterdamse Bijenkorf, ontworpen door Marcel Breuer (1902-1981), gebouwd in 1953. Dit warenhuis bleek een prima aanleiding voor Breuer om de zeshoek toe te passen, het is een van zijn favoriete vormen. Eerder was hij er, op een heel ander schaalniveau, mee bezig geweest in het project ‘Garden City of the Future’. Hij zag de efficiëntie van de vorm en claimde dat de zeshoek, grenzend aan een andere ruimte, de grootst mogelijke stedebouwkundige ruimte opleverde. Hij zag deze ruimte als het interieur van honingraten. Ook dat klinkt gezelliger dan de tekeningen met enorme flats doen vermoeden. De honingraat is ontegenzeggelijk een mooie vorm. De zeshoek is abstract en decoratief tegelijkertijd. De manier waarop de hoeken in elkaar grijpen, levert een spannend beeld op en, eenmaal gegoten in beton of aan elkaar gelast in staal, is het een sterk netwerk. Bijen weten er in ieder geval wel raa(t)d mee. Breuer nam de zeshoek mee terug naar Amerika en bouwde daar een kerk, Saint John’s Abbey Church, met een volledig betonnen honingraatgevel. Ziet er prachtig uit. Het was overigens niet de enige vorm die hij mee terug nam, de kerk kreeg een naastliggende toren die direct te linken is aan de voet van de Eiffeltoren. Van het één kwam het ander.

Goed, de honingraat dus. Mooi, maar, hoe ga je ermee de hoek om, hoe maak je er ramen in, hoe stop je? Van deze vragen bleek Breuer weinig last te hebben. De ramen zijn gewoon recht. Dat kan, omdat de zeshoek niet met de punt naar boven wijst, de ramen zitten in het vlakke gedeelte. De gevel is verder netjes uitgezet in tegelmaat en begint en eindigt met een halve tegel. Het grote raam bij het café is twee tegels hoog. De hoek van het gebouw is eigenlijk best banaal. Om de hoek zit namelijk helemaal geen honingraat meer, hier gaat de gevel verder met het travertin in rechthoeken. Ik had het niet eerder gezien. Zelfs de naden lopen niet door. Eigenlijk kan het wel, de vanzelfsprekendheid van het patroon wordt onderbroken en dat maakt het aanzicht overhoeks interessanter. Het leverde Breuer indertijd wel kritiek op, onder anderen van de Amerikaanse criticus Lewis Mumford.

Terug in Schiemond. Hier geen travertin, tegelmaat of subtiele naden. Wel dikke betonsteen met grote voegen. Op de hoek halve zeshoeken waardoor het grint in het beton te zien is. Ze grijpen in elkaar. De stenen verkleuren en zijn hier en daar beklad. Geen reden voor een architectuurtrip. Wel een aanleiding om de honingraat te herwaarderen. Als gevelmotief, kantoorkokon of stedebouwkundig principe. 

Actie abonnement de Architect

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels