blog

Architectonische Noblesse

Architectuur

Over Evert en Herman Kraaijvanger, de oprichters van Kraaijvanger Architects, schreef Ida Jager een boek. Dit werd op 26 november 2015 gepresenteerd in de Rotterdamse Doelen. De eerste exemplaren werden aan Evert’s dochter Loes Knol-Kraaijvanger en aan gastheer Gabriel Oostvogel, directeur van concertgebouw De Doelen.

Om meerdere redenen vind ik het een knap boek, om wat het is en vooral om wat niet is: geen oeuvre-overzicht van het bureau, geen monografie over de ‘gebroeders Kraaijvanger’ (zoals ze vaak werden genoemd), geen poging tot een compleet beeld. Het boek focust op de wederopbouw van Rotterdam vanaf 1945. Het eindigt in 1968, het jaar waarin Evert en Herman het bureau overdroegen aan hun (schoon-)zoons.

Kraaijvanger - Opinie Dirk Jan Postel

Liefde en volharding

Het boek is met liefde en volharding geschreven door iemand die, zoals ze zelf zegt, door het werk verzoend raakte met Rotterdam. Een oeuvre ‘waarvoor je de pas voor inhoudt’, een ‘beargumenteerd pleidooi voor het humanisme in de architectuur’. Het beschrijft knap de start van een intense zoektocht. De schrijfster is in de huid van haar onderwerp gekropen, met een fascinatie die voor mij maar ten dele begrijpelijk is.

Met lef geschreven

Het boek is historisch verantwoord en bevat een uitgebreid bronregister, notenapparaat en index. Tegelijkertijd is het met lef geschreven. Jager gaat subjectieve beschouwingen niet uit de weg. Zo is een fictief gesprek tussen de gebroeders opgenomen, dat is gecomponeerd op basis van losse uitspraken. Ook verfrissend werkt het dat in het boek gesprekken en meningen zijn opgenomen van architecten die gebouwen van de Kraaijvangers hebben verbouwd.

  

Vier thema’s

De uitgebreide verhalen over de wederopbouw zijn geordend rond vier thema’s: winkels, kantoren, woningbouw en utiliteitsbouw. Dit levert een bijzondere combinatie op van beperking (in tijd en thematiek) en van uitgebreide studie.

Vooroorlogs werk

Persoonlijk vind ik het jammer dat er niet meer aandacht is voor het vooroorlogse werk. Met veel plezier woonde ik enige jaren in de Rochussenstraat, in een appartement met een on-Nederlandse breedte en een ingenieuze plattegrond die ik zo in het archief kon terugvinden. Van zulke gebouwen had ik graag meer geweten, maar daar was het boek niet beter op geworden.

Nummer 1 wederopbouwarchitect

Tijdens de presentatie werd gememoreerd dat Kraaijvanger in aantallen de absolute nummer 1 architect was ten tijde van de wederopbouw. Het bombardement bood het bureau een brede basis voor herstel. De historicus Cor Wagenaar noemde een flink aantal namen van andere wederopbouw architecten, waar ik nog nooit van had gehoord. En de bekende kopstukken blijken een veel meer bescheiden bijdrage te hebben geleverd.

Woningbouw

Het meest verrassend vind ik de bijdrage van Kraaijvanger aan de woningbouw. Hier deel ik de waarneming van Ida Jager, geraakt te zijn door de architectuur, lang voordat ik wist dat deze van de Kraaijvangers was (hoewel ik me ook wel eens aan de wijwaterornamentiek ergerde).

Integratie van kunst en architectuur

Er was een diep gevoelde wens kunst te integreren in het architectonische werk. Niet voor niets is een lange lijst opgenomen van kunstenaars die een bijdrage aan de Kraaijvanger gebouwen hebben geleverd. Daarmee kon bijvoorbeeld ‘de tomeloze aaneenrijging van woningen op zijn minst van enig karakter en ritmiek [worden] voorzien’. Een authentieke notie voor de wederopbouw.

Architectonische noblesse

De woningen waren bestemd voor de opkomende middenklasse, en werden voor zover het budget dat toeliet, voorzien van moderne gemakken als boodschappenliften en deurtelefoons. Terecht wordt ook dit door Jager aangemerkt als architectonische noblesse.

Erfenis

De vraag is wat deze erfenis betekent voor ons bureau. Ik ben daar zelf altijd erg terughoudend in geweest. Natuurlijk zit er grote kwaliteit in veel van de werken. Ook waardeer ik het enkele gebouwen nieuw leven te hebben kunnen inblazen. Ik ben blij dat mijn favoriet, het Stationspostkantoor, weer leeft en bedroefd dat de Doelen zo onherstelbaar is uitgebreid.

Voelbare continuïteit

Maar we leven in zo’n andere wereld met zulke andere eisen dat je het verleden moet kunnen laten rusten. Wat niet wegneemt dat je af en toe de continuïteit voelt: in het plezier in het bouwen en het timmermansinstinct van opa B. Th. Kraaijvanger, evenals in de attitude een architect van en voor de opdrachtgever te zijn. Wie weet wat een historicus over veertig jaar daar weer over schrijft.

Ida Jager, Herman en Evert Kraaijvanger. Architectonische noblesse, ISBN: 978-94-6208-236-6, nai010 uitgevers, Rotterdam 2015

Gerelateerde Rotterdamse berichten over Kraaijvanger Architects :

– Polikliniek het Dok in Rotterdam door Kraaijvanger
Central Post wint Duurzame Architectuur Award
Rotterdamse bureaus maken herinrichting WdKA 
– Ries Meertens komt, Annemiek Bleumink vertrekt
Oud directeur Kraaijvanger, Chris Knol overleden
Ben Kraaijvanger overleden
Kraaijvanger: nieuwe partners, nieuwe naam

 

 

 

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels