blog

Lang leve het wanbeleid

Architectuur

Grote bouwwerken hebben het in Nederland zwaar te verduren. Dat is altijd al zo geweest. De bouwwerken die we nu vol bewondering bekijken, kennen vrijwel allemaal forse budgetoverschrijdingen, gevallen bestuurders en boze burgers. Het is een cultureel verschijnsel geworden. Een verschijnsel dat kennelijk hoort bij het realiseren van stedelijke en landelijke iconen.

Lang leve het wanbeleid

Uiteraard wil ik hier bestuurlijk opportunisme en ambtelijk optimisme niet goedpraten. Het resultaat is echter wel dat er de afgelopen jaren een aantal indrukwekkende projecten zijn gerealiseerd. Projecten waarbij niemand het over tien jaar nog zal hebben over meerkosten, liegende bestuurders of wanbeleid. Er wordt dan gesproken over de waarde voor ons zelf, voor de stad en voor het land.

Ik noem er maar eens een paar: de Noord-Zuid lijn die het centrum van Amsterdam dichterbij het economische centrum van de stad brengt. Of de Betuweroute, die na een goede aansluiting op het Duitse netwerk onze economie versterkt. Als we de goede treinen kopen, wordt ook de infrastructuur van de HSL onderdeel van een geliefde reisroute. Of wat te denken van al die prachtige stations die nu hun voltooiing naderen. Zonder opportunisme of zelfoverschatting komen dat soort projecten niet van de grond.

Helaas kennen we ook het omgekeerde. Bestuurders en ambtenaren die door al dat gedoe niet meer durven te kiezen voor grootse en meeslepende projecten. Het gevolg is dat dan iconen van treurigheid ontstaan. U kent die bouwwerken uit de jaren tachtig vast nog wel. Gebouwd onder het mantra: sober en doelmatig. Bouwwerken waar nu volop de sloophamer ingezet wordt. Daar moeten we dus niet naar terug. Nee, dan liever bestuurlijke ellende.
Kennelijk hebben we zelfbedrog nodig om groots en meeslepend te kunnen bouwen. Of heeft de bouwsector iets anders te bieden?!

 

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels