blog

De beste design- en architectuurboeken van 2014

Architectuur

Redacteur Sander Woertman maakt de balans op van een jaar design- en architectuurpublicaties. Ondanks dat er steeds minder wordt uitgegeven op dit vlak, verschijnen er zeker boeken die het lezen meer dan waard zijn. Soms eenvoudigweg omdat ’t prachtige boeken zijn over goede ontwerpers, en soms omdat ze veel zeggen over de staat waarin de ontwerpdiscipline momenteel verkeert. Dit is Sanders persoonlijke top10.

De beste design- en architectuurboeken van 2014

10 A History of Interior Design, John Pile en Judith Gura

De eerste editie van dit boek staat al jarenlang in de boekenkast op mijn werkplek. Je kunt immers lastig over interieurarchitectuur schrijven zonder kennis te hebben van het verleden. Daarnaast vallen interieurs die historisch van betekenis zijn, nog regelmatig ten prooi aan de sloophamer, waardoor foto’s en tekeningen vaak als enige overblijven. Wat deze vierde editie interessant maakt, zijn het volledig gereviseerde hoofdstuk over 20e eeuwse interieurs en het nieuw toegevoegde hoofdstuk over de 21e eeuw. Samen met de stijlkamers-tentoonstelling die vanaf februari 2015 te zien zal zijn in Het Nieuwe Instituut, is hopelijk een tijdperk aangebroken waarin het belang van interieurarchitectuur wordt ondersteund door aandacht voor de historie van het vakgebied.

  

9 Building as Ornament, Michiel van Raaij

Dit boek is de neerslag van een jarenlange fascinatie met iconografie in de architectuur. De publicatie is dan ook nauwgezet voorbereid, wat zichtbaar wordt in de keur aan architecten en theoretici die auteur Michiel van Raaij interviewde. Het boek belicht een thema dat vooral de laatste jaren en zeker in Nederland in opkomst is.

  

8 Egbert Reitsma, Kees van der Ploeg

Een bescheiden uitgave over het prachtige oeuvre van een onbekende architect. In mijn jonge studentenjaren fietste ik regelmatig langs een aantal gebouwen van Reitsma zonder daar erg in te hebben. Ik maakte in een ervan een trouwerij mee en verbaasde me over de architectuur. Deze publicatie verschafte me postuum een kader waarbinnen ik de prachtige gebouwen kon plaatsen. Met mooie foto’s van Teo Krijgsman.

  

7 Joop van Stigt, Marinke Steenhuis

In eigen beheer uitgegeven publicatie over een van de minder bekende epigonen van de Structuralistische architectuurbeweging. Geen sexy beelden, maar gebouwen van een ingetogen en gebalanceerde kwaliteit die vooral architecten in waarde kunnen schatten. Op monografie-gebied een van de belangrijkere boeken van 2014.

  

6 Looks good, feels good, is good, Anne van der Zwaag

Anne van der Zwaag is een duizendpoot op het gebied van design. In dit boek behandelt ze de betekenis van social design aan de hand van urgente thema’s zoals energie, water en voedsel. Dat het boek in deze tijd een gevoelige snaar raakt, was te zien tijdens de Dutch Design Week in Eindhoven, toen haar boek werd gepresenteerd tijdens een uitverkocht symposium.

  

5 Het rijtjeshuis, Bernard Hulsman

Bernard Hulsman is niet mijn favoriete auteur, maar dit boek, dat in nauwe samenwerking met fotograaf Luuk Kramer ontstond, verdient vermelding. Door het rijtjeshuis als onderwerp te nemen voor deze gelijknamige publicatie, weet de auteur dit ‘stiefkind van de Nederlandse architectuur’ de aandacht te geven die het verdient. Over de architectuur van rijtjeshuizen wordt tegenwoordig nauwelijks gediscussieerd. In dit licht is het boek een mooie staalkaart van wat architectuur kan betekenen voor deze typologie. Daarnaast zijn de foto’s prachtig.

  

4 LC FOTO Le Corbusier Secret Photographer, Tim Benton

Er zijn zoveel boeken uitgegeven over Le Corbusier dat er bijna geen nieuwe invalshoeken te bedenken zijn om zijn werk en leven te belichten. Het lukte Tim Benton in deze publicatie. Benton belicht de vroegste jaren waarin Le Corbusier fotografie gebruikte om reizen te documenteren en fascinaties vast te leggen. Interessant genoeg is juist in deze foto’s de link te zien tussen Le Corbusiers schilderijen en zijn architectuur. Het ene moment verliest hij zich in vormen en structuren, het andere moment in de hectiek van de haven. Juist de diversiteit van de foto’s nodigt uit om het boek met regelmatige tussenpozen door te bladeren. De teksten hebben academische diepgang maar zijn lekker leesbaar.

  

3 Piet Klaarhamer, Marijke Kuper en Monique Teunissen

Ik ben gefascineerd door het werk van Rietveld. Toen ik jaren geleden onderzoek deed naar zijn meubels kwam ik in aanraking met het werk van Piet Klaarhamer, een docent van Rietveld toen hij aan de ambachtsschool in Utrecht lesgaf. Het gebrek aan informatie over deze architect intrigeerde mij vooral omdat Rietveld in enkele teksten aangeeft dat de lessen van Klaarhamer hem hebben gevormd. Het boek over Klaarhamer heeft lang op zich laten wachten maar is de moeite meer dan waard. Het boek is bescheiden in zijn beweringen, maar voor mij is het duidelijk dat Klaarhamers oeuvre een belangrijke overgang vertegenwoordigt van het classicisme van Cuypers en vroege werk van Berlage naar de opkomst van de Stijl.

  

2 Jaarboek Architectuur in Nederland 2013/2014

Elk jaar het best verkochte architectuurboek in Nederland. Ik overwoog om dit boek daarom niet mee te nemen in de selectie. Maar ik kan er niet omheen. Ook deze editie heb ik gretig gelezen. Er was jarenlang een discussie of de formule van het jaarboek niet eens grondig moest worden omgegooid. Ik ben van mening dat dat niet noodzakelijk is. Juist de continuïteit van het format biedt de gelegenheid om de verschuivingen in het architectonische landschap naast elkaar te leggen.

  

1 Urban Literacy, Klaske Havik

Afgelopen december ontving Klaske Havik de prijs voor Architect van het Jaar in de categorie kleine bureaus. Alhoewel ze geen praktizerend architect is, levert ze als docent op de TU Delft, Redacteur van OASE en onderzoekster zeker een bijdrage aan de architectuur. De afgelopen jaren onderzocht ze of het mogelijk is de literaire traditie te verbinden aan een manier van ontwerpen, waarin de verhalen van een omgeving en haar gebruikers/bewoners wordt meegenomen. De neerslag van dit onderzoek, waar ze in 2012 op promoveerde, is dit boek, dat lijvig, maar desondanks helder en toegankelijk is.

Verdere motivatie om dit boek op nummer 1 van mijn top10 te zetten, is te vinden in het juryrapport van de #AVHJ-prijs, geschreven door Bernard Colenbrander: “We menen dat goed lezen en (als het even kan) beter schrijven iets is waar de vaderlandse architectenstand veel aan kan hebben. Waarom is dat? Alleen al omdat een meer narratieve benadering van het ontwerpen iets toevoegt dat men in een klassiek programma van eisen mist. De geplande bouwkundige acties worden er wellicht minder logisch van dan de doorsnee ingenieur of projectmanager handig vindt. Dat is dan mogelijk de prijs die je moet betalen wanneer je aardigheid hebt in gebouwen waar je niet na de kortste keren al genoeg van hebt.

 

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels