blog

Over betrokkenheid – Schoonheid die niet gaat stinken

Architectuur

Stel je een belevingsdomein voor dat is ontworpen op basis van kwaliteiten waar de bewoners ‘vrienden’ mee willen worden (in de woorden van Norberg-Schulz). De architect zet deze vrienden samen neer in een com-positie, waarbij de belangrijkste prominent zichtbaar zijn, terwijl anderen meer op de achtergrond staan. De vormgever smeedt het gezelschap om tot een harmonieus geheel, goed voor een aangename en inspirerende schoonheidsbeleving.

Over betrokkenheid – Schoonheid die niet gaat stinken

De duivel, de heerser, burgerlijkheid en de modernisten

In de Middeleeuwen was, aldus Herman Pleij, schoonheid verdacht. Mogelijk het verleidelijke werk van de duivel. Na de middeleeuwen, zo stelt Alexander Tzonis, werd schoonheid gebruikt voor de paleizen van plaatselijke heersers omdat harmonie hun macht iets vanzelfsprekends gaf. De constructivisten uit het begin van de twintigste eeuw distantieerden zich nadrukkelijk van schoonheid, dit was iets voor de burgerlijke elite die graag de schijn ophield, maar niets voor de revolutionaire arbeidersklasse die echt wilde leven.

Decor van Liubov Popova voor een theaterstuk over het nieuwe, echte leven in de Sowjetunie (1922)

Dit echte leven huisde in hun ogen in het werk, in functionaliteit. Het latere modernisme omarmde ook de functionaliteit, maar hier sloop de schoonheid ongemerkt weer binnen. Wie dat opmerkte werd echter terecht gewezen: het was de functionaliteit die modernistische ontwerpen waardevol maakte, dat had niets met mooiigheid te maken. Le Corbusier bewees het tegendeel met zijn woede over wat bewoners met een van zijn woningen in Pessac hadden gedaan. Zij hadden daklijsten toegevoegd, ramen verkleind, plantenbakken opgehangen en een grofstoffelijke pui geplaatst in de prachtige open gevel op de begane grond. Zij hadden niet alleen het primaat van de functionaliteit doorbroken, zij hadden ook de abstracte compositie geruïneerd!

Ontwerp van Le Corbusier (1925) Aangepast aan de wensen van de bewoners. Een geruïneerde compositie.

Modernisten wilden bewoners iets beters bieden dan mooiigheid ten behoeve van een burgerlijk en schijnheilig leven, maar helaas leidde hun aanpak ook tot een vorm van schoonheid die het echte leven in de weg stond. Het lijkt wel of schoonheid onherroepelijk verbonden is met het kwaad.

Maar als we ons nu eens losmaken van de duivel, plaatselijke heersers, burgerlijke elites en modernisten, om met een zuiver geweten op ons gevoel af te gaan, zal schoonheid dan nog steeds negatief uitpakken?

Schoonheid opent ons de ogen

Een aangename en inspirerende schoonheidsbeleving roept op tot creativiteit en opent ons de ogen. Dan ontdekken we nieuwe ‘vrienden’ die we willen uitnodigen. Maar zij verstoren, als vreemde eenden, de harmonie! Om deze te redden, moeten nieuwe vrienden dus geweigerd of verborgen worden. Daarmee is de harmonie gered, maar tegelijk is zij ook leugenachtig en hol geworden. Zo ligt het kwaad in de schoonheid besloten. Onvermijdelijk?

Neen!

In de stedenbouw zien we hoe een helder opgezet stratenplan, een grid, plaats kan bieden aan een veranderende populatie van architectonische producties, waarbij grid en invulling, orde en chaos, met elkaar in harmonie kunnen zijn. In de architectuur is dit idee nooit erg aangeslagen, maar in de tijd dat Le Corbusier zijn woningen in Pessac ontwierp, ontwierpen Gratama en Versteeg, twee architecten die nooit zo beroemd werden, een plan voor Betondorp in Amsterdam.

Als je door je wimpers kijkt kun je zien hoe hier de chaos van individuele voortuintjes in harmonie is met de ordelijke ruimte van de straat. Nieuwe vrienden zijn hier geen probleem (mits zij op de begane grond blijven). Het kan dus wel, schoonheid die lucht geeft in plaats van dat zij gaat stinken… Maar kunnen wij zo ontwerpen?

Straat in Betondorp, Amsterdam, van Gratama en Versteeg (1923): Harmonie van orde en chaos.

In deze serie over ‘betrokkenheid’ werk ik in 20 korte bijdragen toe, naar aanbevelingen die van belang zijn voor de opgave van deze tijd, waarin gevraagd wordt duurzaam te ontwerpen voor betrokken gebruikers. Voor de haastige lezer, deze aanbevelingen zijn ook te lezen op mijn website en in mijn proefschrift, getiteld ‘Betrokkenheid’ 

Reageer op dit artikel

Gerelateerde tags

Lees voordat u gaat reageren de spelregels