blog

Duurzaamheid voorwaarde voor plezierig wonen

Architectuur

Duurzaamheid begint verankerd te raken in de architectuur. Lange tijd was ze vooral een marketinginstrument en kon ze van alles betekenen, van in milieu opzicht uitermate verantwoord tot iets buitengewoon cool. Deze hausse begint langzaam te luwen en maakt plaats voor een praktijk waarvan duurzaamheid een intrinsiek onderdeel is. De consequenties voor de architectuur zijn niet gering.

Het woord duurzaamheid is in 1987 door de commissie Brundtland gedefinieerd als het voldoen aan de behoeften van het heden zonder daarbij het vermogen van toekomstige generaties te frustreren om aan hun behoeften te voldoen. Door het veelvuldige gebruik van dit woord werd het echter al snel synoniem met het woord groen en groeide het uit tot een vage en nauwelijks nog te kwantificeren waarde.

Greenwashing

Deze fase van ‘ greenwashing’ zijn we voorbij, bespeur ik bij het redigeren van het septembernummer van de Architect. Jaap Wiedenhoff, directeur van Arup, stelt bijvoorbeeld dat om een omgeving te creëren waarin mensen zich goed voelen, het voor de hand ligt dat architecten nauw gaan samenwerken met wetenschappers.

Dissatisfyer

Het debat gaat nu over de vraag hoe je een omgeving kunt creëren waarin mensen zich beter voelen. Duurzaamheid is daar een intrinsiek onderdeel van. Zoals Jan Willem van de Groep tegen Jurgen van de Ploeg en mij in de Architect zegt, valt niet te verwachten dat 95 procent van de mensen een duurzaam huis wil hebben. Duurzaamheid is inherent aan het wonen en daarmee eerder een ‘dissatisfyer’. Het is pas een probleem als een woning niet duurzaam is.

Plezierig wonen

De nadruk komt daarmee te liggen op plezierig en zorgeloos wonen en dat is goed nieuws voor architecten. Het debat kan nu gaan over de duurzaamheid die een architect kan leveren. Zo ontwierp Tom Frantzen in Amsterdam Noord een houten woongebouw dat naast toepassing van duurzame technieken en goede materialen flexibiliteit biedt en daarmee ruimte laat voor verandering. Frantzen vertelt Beata Labuhn ervan overtuigd te zijn dat een gebouw pas echt duurzaam is als het over 100 jaar nog steeds met liefde wordt gebruikt en verbouwd.

Complexiteit

Woningen en gebouwen worden daarmee complexe producten, niet alleen door hun techniek en organisatie, maar ook door de wensen die opdrachtgevers en gebruikers aan deze producten stellen. De vraag naar een gezonde en plezierige omgeving vereist intelligente oplossingen die geïntegreerd worden ontworpen, zegt Ben van Berkel. Een duurzaam ontwerp is veelomvattend en strekt zich uit van energiebesparing en reductie van CO2 uitstoot tot zorgvuldig materiaal gebruik en sociale duurzaamheid.

Kansen

Door de toegenomen complexiteit van gebouwen worden de belangen en rollen gelijkgetrokken en neemt de behoefte aan samenwerking tussen ontwerp, engineering en uitvoering toe. Componenten, gebouwen en wijken worden steeds meer als één geheel op de markt aangeboden. Deze vraag naar intelligente, geïntegreerde oplossingen biedt opwindende kansen voor architecten.


Tom Frantzen, Patch 22, Buikslotermeer, Amsterdam

Op 12 september verschijnt het themanummer van de Architect over duurzaamheid, met bijdragen van Jan Willem van de Groep, Ben van Berkel, Jaap Wiedenhoff, Jurgen van de Ploeg, Alex Letterboer, Erik Jan Pleijster, Beate Labuhn en Clairette Gitz; en met werk van Paul de Ruiter, ABT, IAA Architecten, UNStudio, Atelier PRO en Thomas Rau. Aansluitend van 17 tot 19 september organiseren Cobouw, de Architect en Vastgoedmarkt gezamenlijk Ecobouw, met een uitgebreid programma over duurzaam bouwen . Voor het actuele programma, zie www.ecobouw.net

Thomas Rau, gemeentehuis Brummen

 

Atelier PRO

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels