blog

Vier dagen leven met beton

Architectuur

Tijdens de Dutch Design Week afgelopen maand vond de zesde Concrete Design Competition plaats. Bureau Bakker en het Cement&BetonCentrum organiseerden in samenwerking met de Technische Universiteit Eindhoven (TU/e) een Concrete Workshop. Doel? Het maken van een ontwerp én een schaalmodel in beton. Samen met veertig andere architectuurstudenten uit Eindhoven, Delft en Zwolle nam ik deel aan deze workshop.

Vier dagen leven met beton

Onze workshop begint met een excursie naar het 1:1 model van de golfclub die Mies van der Rohe ontwierp – maar nooit bouwde – in Krefeld. Het bezoek staat in lijn met het seminar Miesinterpretation. Jan Schevers, oprichter van OAO en docent architectuur aan de TU/e organiseerde dit seminar met als doel het onderzoek te promoten naar vijf nooit gerealiseerde ontwerpen van Mies van der Rohe uit de vroege jaren twintig. Het seminar werd gevolgd door elf architectuurstudenten met als resultaat schaalmaquettes van de verschillende ontwerpen.

Miesinterpretation!

Ook de maquette ‘op ware grootte’ van Robbrecht en Daem is te beschouwen als een interpretatie van het werk van Mies. Het is geen poging om het nog weinig gedetailleerde ontwerp te extrapoleren tot een zo echt mogelijk ‘Mies gebouw’. Voor zo ver het kon is het ruimtelijke ontwerp uitgevoerd maar uitspraken over kozijnen worden niet gedaan omdat daar niets over bekend is. Er ontbreken zelfs enkele binnenmuren omdat die niet te zien zijn in plattegronden en aanzichten. Het is de beste manier om het ruimtelijke ontwerp te ervaren, een spel van vlakken en ruimtes dat onmiskenbaar ‘Mies’ is.


De materialisering in Krefeld. Opvallend zijn de multiplex platen in plaats van de groene Onyx.

En een leuke vondst van Robbrecht en Daem is het gebruik van multiplex in plaats van de groene onyx die Mies in gedachten had voor de belangrijkste wanden. Misschien wel juist om aan te geven dat het niet mogelijk of zinvol is een perfecte reproductie van Mies’ ontwerp te maken. Miesinterpretation dus.

Betonnen werkplek

Tijdens het gelijknamige seminar onderzochten de masterstudenten architectuur uit Eindhoven het betonnen kantoorgebouw dat Mies in 1923 ontwierp voor Berlijn. Het resultaat was een betonnen maquette die na de excursie net was voltooid en trots getoond werd aan de deelnemers van de workshop. Nu was het aan ons de beurt om een interpretatie te maken van hetzelfde gebouw. Ons werd gevraagd een nieuw ontwerp voor de gevel van dit gebouw te maken en dit te presenteren in een 1:10 model van een stuk gevel van zes meter breed.

De tweede dag van de workshop begon voor de meeste studenten met het genereren van ideeën en het maken van schetsontwerpen. Mijn groepsgenoten en ik waren het er al snel over eens dat we het ontwerp van Mies wilden aanpassen.

Het ontwerp voor het betonnen kantoorgebouw in Berlijn stamt uit 1923 en past in het rijtje van de vijf cruciale projecten die Mies in het begin van de jaren twintig maakte. In deze periode liet hij zijn traditionalistische stijl varen en raakte hij geïnteresseerd in het modernisme. Het gebouw bestaat uit zeven bouwlagen van vier meter hoog. De gevels worden bepaald door twee meter hoge borstweringen die voor een in die tijd ongekend horizontaal effect zorgen. Aan de binnenkant is de gevel opgevuld met archiefkabinetten die er voor zorgen dat de werkvloeren open blijven. De binnenruimtes zijn groot, licht en open. Maar je kunt er niet naar buiten kijken.

En dat is wat wij graag willen veranderen aan het ontwerp. Een kantoor waarin archivering centraal staat én waar men niet naar buiten kan kijken is niet meer realistisch in de 21e eeuw. Dat vinden wij en naar later blijkt ook de meeste andere groepjes deelnemers.

Experimenteren met beton

Veel studenten experimenteren met het openen van de gevels. De kabinetten mogen wijken voor architectonische details, ontmoetingsplekken en uitzichtpunten. Misschien is het niet aan ons om te sleutelen aan de ontwerpen van Mies, maar de workshop draait niet alleen om zijn ontwerp. Ook het werken en experimenteren met beton is een doel, en wordt gestimuleerd door organisator Siebe Bakker en door de Australische architect Russel Jones die de hele week sparringpartner van de studenten is.

Aan het einde van de eerste ontwerpdag maken we kleine proefstukken om textuur en vorm in beton te testen. Voor mij en de meeste anderen is het de eerste keer dat we met beton werken. En het bevalt de meeste studenten goed, te zien aan het enthousiasme waarmee de proefstukjes uit de mallen worden gehaald.

Maken bekisting

De proeven worden nog eens goed bekeken en gekeurd waarna we verder gaan met het voltooien van het uiteindelijke ontwerp. Het ontwerpen van een bekisting is hier een belangrijk onderdeel van. We moeten nog dezelfde dag kunnen storten zodat de betonnen maquettes op tijd af zijn voor het einde van de workshop.

Het maken van een bekisting is op het eerste oog gemakkelijker dan het lijkt. Alles moet naadloos in elkaar passen zodat ze niet lekt. Ook werken veel groepjes met polystyreen stukken om textuur en details aan te brengen in het ontwerp. Niet alleen moeten we ons ontwerp volledig in het negatief uitdenken, ook moeten we uitzoeken of het polystyreen niet op het beton gaat drijven en of de bekisting er überhaupt nog af enuit kan als het beton gehard is.

Toch blijken alle studenten goed in staat de materiaaleigenschappen van de bekisting én het beton in te schatten. Donderdagochtend worden de bekistingen uit elkaar geschroefd en komen er één voor één goed gelukte betonnen gevelelementen tevoorschijn.

Fijnzinnigheid in materiaalgebruik

De ontwerpen werden tentoongesteld op Plaza Vertigo, de centrale hal van de faculteit bouwkunde. Daarna was voor ons het werk gedaan. De workshopweek werd afgesloten met twee lezingen. Bjarne Mastenbroek (SeARCH) en Andreas Bründler (Buchner Bründler Architekten) lieten ons zien hoe zij met beton ontwerpen.

Tijdens de beide lezingen viel het me op dat zowel uit het werk SeARCH als uit het werk van BuchnerBründler een groot gevoel voor materiaal en een grote fijnzinnigheid in materiaalgebruik spreekt. Ook opvallend: beide bureaus werken met betonnen maquettes. Toch manifesteert de kennis van het materiaal zich bij beide architecten op een andere wijze.

Driedimensionale puzzel

SeARCH is geen betonbureau. Bjarne Mastenbroek legt uit dat hij bij het maken van een ontwerp vaak vanuit de context redeneert en dan kan het zijn dat gebruik wordt gemaakt van beton. Het mooiste komt dit naar voren in de ondergrondse villa die SeARCH bouwde in het Zwitserse Vals.

Volgens Masterbroek is de Zwitserse betonbouw van het allerhoogste niveau. Dat in combinatie met een Zwitsers budget laat dingen toe die we in Nederland niet kunnen maken. De ondergrondse villa is gemaakt als een volledig stijve betonnen constructie die los kan ‘zweven’ in de schuine berghelling.

De ruimte in het ontwerp is beperkt door het ondergrondse bouwen. Om alle kamers aan te laten sluiten op de kleine gevel is het ontwerp en driedimensionale puzzel van ruimtes geworden. Na zelf een week met beton te hebben gewerkt kan ik me alle problemen en het vakmanschap dat daarbij komt kijken erg waarderen.

Onvoorwaardelijkheid

BuchnerBründler zijn wél absolute betonpuristen. Dit blijkt al uit de lezing zelf waarin elk behandeld project vooraf wordt gegaan door een lofrede op het materiaal zelf. ‘We love concrete’, ‘Concrete represents the past, present and the future’ en ‘Concrete is eternal’ zijn enkele zinnen uit deze lofredes.

Ook de ontwerpen spreken de taal van beton. De architectonische details staan volledig in het teken van het materiaal en het beton is als een constructief element vaak gebruikt om de concepten tot uiting te brengen. Bij de lofthuizen in Basel bijvoorbeeld draait alles om de betonnen kern waarin de ontsluiting, het sanitair en de keuken zijn opgenomen.

Het lijkt wel of het beton een soort van onvoorwaardelijkheid representeert in het werk van BuchnerBründler. Het materiaal is overal te zien en mag gezien worden. Betonnen haarden, betonnen keukens en betonnen baden behoren tot het repertoire. Hoe anders dan in de architectuur van SeARCH. Dit verschil maakte de avond interessant en maakte dat de lezingen een grote toegevoegde waarde aan de workshop hadden.

De zojuist volgestorte bekistingen in het constructief laboratorium van de faculteit bouwkunde.

Beton in overvloed

Een goed einde van de workshop was het zeker. Het lijkt wel of ik meer beton heb gezien in deze vier dagen dan in de afgelopen vier jaar bouwkunde studie. Het storten van beton werd voor ons een minder abstracte bezigheid. Het lijkt of we een beetje op onze plaats zijn gezet wat betreft ontwerpen. Simpelweg goed beton maken is al moeilijk genoeg. De lezingen van Russel Jones, Bjarne Mastenbroek en Andreas Bründler lieten zien wat allemaal mogelijk is met beton. In de toekomst zal ik bij het maken van ontwerpen nog vaak terugdenken aan deze workshop waarin het materiaal centraal stond.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels