blog

Bottom-up? Architectuur graag!

Architectuur

In de jaren zeventig van de vorige eeuw deed zich het merkwaardige verschijnsel voor, dat jongeren uit Europa naar het Midden en Verre Oosten trokken om daar rust, vrede en vooral zichzelf te vinden, terwijl omgekeerd de jeugd van India en andere Aziatische landen naar het westen trok om daar te studeren en rijk te worden.

Bottom-up? Architectuur graag!

 

 

De eerste groep probeerde datgene te ontlopen waaraan de tweede groep juist enorm veel behoefte aan had. De laatste groep begreep dan ook niets van de eerste en omgekeerd was het niet anders. Destijds vergeleek een vriend van mij de uitwisseling tussen beide groepen met twee meteoren die in elkaars baan komen, een tijdje met elkaar optrekken en dan weer uit elkaar gaan.

Ik dacht hieraan terug toen ik afgelopen week in het Maaspodium te Rotterdam een bijeenkomst bijwoonde waarop de onlangs gelauwerde stadsbouwmeester Kristian Borret op buitengewoon heldere wijze zijn werkwijze voor Antwerpen uiteenzette. In deze methode is planning op strategisch niveau gekoppeld aan het werken op het kleinste schaalniveau. Borret wees erop dat men in Vlaanderen is gedwongen tot kleinschaligheid. Meer dan zeventig procent van de voorraad is immers in particulier bezit.

 Borret-Antwerpen
Kristian Borret kijkt uit over ‘zijn’ Antwerpen

Anders dan in Nederland is kleinschaligheid dus geen ideologische keuze, maar bittere noodzaak. En anders dan in Nederland waar het begrip strategische planning als top-down is afgedaan, is men in Vlaanderen bezig met de opschaling van de stedebouw. Nederland verlangt naar iets waar ze in Vlaanderen nu juist van af willen. Terwijl bottom-up bij ons in veel gevallen de stip op de horizon is, zoeken ze in Vlaanderen de hogere schaalniveaus op.

Niet alleen bottum up

Wellicht is het te overwegen om ook in Nederland het particulier opdrachtgeverschap te combineren met strategische planvorming. De ervaringen in Vlaanderen laten zien dat bottom up alleen níet werkt. Als je zo te werk gaat, blijkt het moeilijk te zijn tijdig de juiste percelen te vinden. Bottom-up planning is altijd te laat en kan daarmee bijvoorbeeld leiden tot hogere woonlasten. Tegelijkertijd kun je door aan de voorkant meer te regelen, betere plattegronden en meer hoogwaardige gevels realiseren.

Bottom-up is als idee in ons land sterk vertegenwoordigd. Het is verbonden met ideeën van crowdsourcing, variatie en BIM, onderwerpen die het auteurschap in de architectuur sterk onder druk zetten. Op de achtergrond speelt het crisisgevoel dat Nederland in de greep houdt, gecombineerd met een nostalgische terugkeer naar het verleden. Ook zien we het geloof verder oprukken dat duurzaamheid zich laat oplossen met louter technische middelen.

Op grond van technologische, sociologische, energetische en klimatologische overwegingen selecteren ontwerpers materialen en situeren ze gebouwen. Het is echter niet zo dat hier de vorm van een gebouw of een gebied automatisch uit voortkomt. Vorm volgt niet bottom-up, maar kent een eigen motivatie.

Oskar Kokoschka

Van de Oostenrijkse schilder Oskar Kokoschka is nu een prachttentoonstelling te zien in Museum Boymans te Rotterdam. Hem parafraserend kun je zeggen dat vorm voortkomt uit de erkenning dat gebouwen worden gebruikt door personen en individuen. Het wordt tijd voor een nieuwe agenda in de architectuur.

Reageer op dit artikel
Lees voordat u gaat reageren de spelregels